In 2026 moesten er 125.000 banen zijn voor mensen met een arbeidsbeperking. Dat was een harde afspraak die het kabinet in 2013 maakte. Begin juli staat de teller echter op slechts 92.000 banen. De definitieve cijfers volgen na de zomer, maar het doel lijkt vrijwel zeker buiten bereik.
In 2013 werd de zogenoemde banenafspraak vastgelegd in het Sociaal Akkoord. Daarin is afgesproken dat er extra werkplekken moeten komen voor mensen met een ziekte of handicap. Bedrijven krijgen daarvoor een vergoeding. Die extra banen hadden begin 2026 gerealiseerd moeten zijn bij het bedrijfsleven en de overheid.
Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) liet begin juli weten dat de afspraak voor ruim 92.000 extra banen heeft gezorgd. Minister Thierry Aartsen (Werk en Participatie) deelt na de zomer de definitieve uitkomsten in een brief aan de Kamer.
Bedrijven die 25 of meer werknemers hebben, zijn door de banenafspraak verplicht om mensen met een arbeidsbeperking in dienst te nemen. Werkgevers die daar niet aan voldoen, riskeren volgens een wetswijziging op zijn vroegst vanaf 2027 een 'inclusiviteitsopslag', een boete. Werkgevers die juist meer banen realiseren dan van hen wordt verwacht, kunnen een bonus krijgen.
Voordat de wetswijziging kan ingaan, moet nog een besluit worden genomen over de quotumregeling. Daarover moeten het kabinet en de sociale partners (werkgevers- en werknemersorganisaties) het eerst eens worden.
De FNV kijkt er niet van op dat het doel niet is gehaald, zegt een woordvoerder. Het aantal gerealiseerde werkplekken loopt al jaren achter op de doelstellingen. De vakbond is wel blij met de ruim 92.000 banen, maar had gehoopt dat het afgesproken aantal van 125.000 zou zijn gehaald of zelfs overtroffen. "Er staan dus te veel mensen langs de lijn."
De FNV kwam in 2020 al met plannen om het aantal banen op te krikken. In 2024 volgde een vernieuwde versie, waarbij de vakbond concludeerde dat de resultaten "een bedroevend beeld" lieten zien. De FNV pleitte voor extra investeringen. Volgens de woordvoerder toonde het ministerie daar interesse voor, "maar dan ontbreekt het toch aan de politieke middelen in Den Haag om dat extra budget op te brengen."
De CNV is positiever gestemd, meldt een woordvoerder. De vakbond is "verheugd" dat er 92.000 werkplekken zijn gerealiseerd, maar benadrukt dat het werk daarmee niet af is. "Wat ons betreft moeten werkgevers en de overheid hun schouders eronder zetten om die 125.000 banen alsnog te behalen."
De Algemene Werkgeversvereniging Nederland (AWVN) vindt dat er "een fors aantal banen" is gerealiseerd. "De regeling is onnodig ingewikkeld, dus het is al vrij lastig voor werkgevers", zegt AWVN-woordvoerder Jannes van der Velde.
Werkgevers erkennen dat dit maatschappelijke probleem kan en moet worden opgelost, stelt Van der Velde. Maar doordat de banenafspraak per gemeente anders wordt uitgevoerd, is die voor grote bedrijven erg complex.
Van der Velde noemt als voorbeeld een bedrijf met duizend werknemers en vestigingen in veertig gemeenten. "Dan heb je te maken met veertig verschillende gemeentelijke procedures. Er is geen uniforme uitvoering. Dat levert een enorme hoeveelheid extra werk op. Dat is een belangrijke hinderpaal."
Twee weken geleden overhandigde de AWVN een adviesrapport van een ingehuurd onderzoeksbureau naar de regeldruk voor bedrijven. Daaruit bleek ook dat de uitvoering van de banenafspraak veel bureaucratie met zich meebrengt. Het advies: zorg voor één uniforme werkwijze.
Het kabinet wil het aantrekkelijker maken om mensen met een arbeidsbeperking in dienst te nemen. Aartsen maakte begin juli bekend dat ook werkzoekenden met een WIA- of WW-uitkering die door hun beperking niet zelfstandig het minimumloon kunnen verdienen, onder de banenafspraak gaan vallen.
Aartsen maakt na de zomer bekend hoeveel banen er uiteindelijk zijn gerealiseerd bij de overheid en in het bedrijfsleven. Daarnaast licht hij toe welke acties er verder komen om de arbeidsparticipatie van mensen met een beperking te vergroten, laat de woordvoerder weten.
Source: Nu.nl algemeen