Home

Twee nachtelijke controles en ‘het dopingspook is terug’

is schrijver en columnist voor de Volkskrant.

De overmacht van Tadej Pogacar in de Tour de France is ook de dopingcontroleurs van het International Testing Agency (ITA) opgevallen en heeft ze argwanend gemaakt. Vorig weekend wekten ze de drager van de gele trui om 5 uur zondagochtend om hem urine en bloed af te nemen.

Omdat hij de enige is die Pogacar soms kan bijhouden, was Jonas Vingegaard drie uur eerder al de sigaar geweest. Volgens Vingegaard is hij al zo gewend aan dopingcontroles op onmogelijke uren dat hij, als zijn vrouw hem ’s ochtends wekt met een bakkie thee, met zijn duffe hoofd al op weg is naar de voordeur om de dopingbrigade binnen te laten.

Over onze columns
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Profsporters zijn aan de willekeur van goden en bloedprikkers overgeleverd. Ze hebben elke vorm van privacy ingeleverd: de mensen van het ITA (‘Keeping Sport Real’) moeten te allen tijde weten waar ze zijn, zodat ze onverwacht kunnen binnenvallen om bloed af te tappen.

Verzuimen sporters hun zogeheten whereabouts door te geven, dan geldt dat als een overtreding van het dopingreglement en wacht een schorsing. Mensonterend, maar een opstand is tot dusver uitgebleven.

Alleen tussen 11 uur ’s avonds en 6 uur ’s ochtends worden de atleten met rust gelaten. Dan mogen ze uitrusten om de volgende dag weer bergen op te kunnen fietsen. Behalve wanneer er, zeggen de ITA-reglementen, ‘serieuze en specifieke verdenkingen bestaan dat een coureur bij doping is betrokken’ of dat het risico bestaat dat ‘bewijsmateriaal’ verloren gaat.

Dat zorgde ervoor dat de nachtelijke controles van Pogacar en Vingegaard grote ophef veroorzaakten. Kennelijk waren er ‘serieuze en specifieke verdenkingen’. Dat is in het wielrennen ongeveer hetzelfde als een coureur op heterdaad betrappen met een volle injectiespuit.

Het ITA voerde in de maand voor de start van de Tour buiten wedstrijden om 350 controles uit onder beoogde Tourdeelnemers. Tijdens de Tour komen daar nog ongeveer zeshonderd controles bij, een kleine dertig per dag. Veertig dopingbeambten zijn daar druk mee. De drager van de gele trui wordt dagelijks gecontroleerd, samen met de ritwinnaar.

Pogacar is vanwege zijn succes de meest gecontroleerde renner van het peloton. Hij is nog nooit positief bevonden. Het ITA beweert een ‘transparante organisatie’ te zijn, maar kwesties rond doping maken van de meest openhartige instelling een schimmig bedrijf.

Tot dusver is niet naar buiten gekomen op welke verdenking de controles waren gebaseerd. En dus is het speculeren begonnen: mogelijk is sprake van ‘microdosing’ van epo, waarvan de sporen binnen enkele uren zijn verdwenen. Misschien heeft analyse van het biopaspoort onregelmatigheden laten zien. Wellicht is er uit de ‘versterkte datacapaciteit’ van het ITA iets illegaals naar voren gekomen en heeft AI alarm geslagen.

Het kan ook zijn dat er niks aan de hand is en dat de controleurs gek zijn gemaakt door degenen die een verklaring eisen voor de superioriteit van Pogacar.

De jagers hadden pech: de zondag na zijn slechte nacht stuurde Vingegaard een bocht verkeerd in en ging onderuit, waarna hij de Tour met een gebroken sleutelbeen moest verlaten. Het verband met de onderbroken nachtrust was snel gelegd, alleen ontbrak hard bewijs.

Er was nóg een gevolg: wielrennen, de meest gecontroleerde sport ter wereld, werd onmiddellijk weer geassocieerd met doping. ‘Het dopingspook is terug in de Tour de France’, kopte dagblad Trouw. Daarmee werd degenen die het wielrennen inmiddels als een ‘schone sport’ zien voorlopig de mond gesnoerd en stelden de ambtenaren van het ITA hun eigen werkgelegenheid weer voor een tijdje veilig.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next