Virginia Evans In het sprankelende debuut van Virginia Evans schrijft een bejaarde vrouw brieven aan uiteenlopende mensen, van haar naaste familie en buren tot schrijvers die ze graag leest. Maar ineens dringt zich een geheim uit haar verleden op.
Beste lezer,
Weet u (of je, als je dat liever hebt) wat u deze zomer eens moet lezen? De correspondente van de Amerikaanse debuterende auteur Virginia Evans (geboren in 1986). Deze bijzondere roman, in Engeland bekroond met de Women’s Prize for Fiction, is sinds vorig jaar wereldwijd een bestseller. Onlangs kwam deze must-read (wat jammer toch dat daar geen Nederlandse term voor is) uit in een soepele vertaling door Linda Broeder. Verrassend genoeg is het een brievenboek. Met brieven uit de jaren 2012 tot 2022.
Virginia Evans: De correspondente. (The Correspondent) Vert. Linda Broeder. Atlas Contact, 304 blz. €24,99
Zelf heb ik sinds jaar en dag een groot zwak voor romans-in-briefvorm, maar het genre leek ter ziele, begrijpelijkerwijs. Wie schrijft er nou nog brieven? Wie leest er nou nog brieven? Brieven kosten tijd. En de puzzel die een brievenroman is natuurlijk ook. Hoe gaat het met jou, met mij gaat het goed: voor je het weet verliest de auteur van een dergelijk boek zich te veel in ditjes en datjes. Zo’n brievenroman zou niet op stoom komen.
Gelukkig weet Virginia Evans precies wat ze doet. Meteen in de eerste brieven van de roman begint de hoofdpersoon zichzelf danig tegen te spreken. Aan de een schrijft ze luchtig over „een botsinkje” dat ze met haar auto had. Aan de ander biecht ze op dat de hele auto (nog een Cadillac ook) in de prak ligt. En hoe dat kwam. Het spel met de lezer die soms, maar niet altijd, meer weet dan de ontvanger van de brief, dankzij de inzage in álle post van de hoofdpersoon (of dat is althans je vermoeden), is spannend.
Sybil van Antwerp, de schrijver van het gros van de brieven in het boek, is drieënzeventig jaar oud en met pensioen na een glansrijke loopbaan als hoofdgriffier (toen ze afstudeerde werden vrouwen geen rechter). Ze is een eigengereide, scherpzinnige vrouw die vinnig uit de hoek kan komen en geregeld ruzie krijgt, bijvoorbeeld met haar eigen dochter. Maar ze kan ook empathisch zijn. Ze schrijft brieven aan uiteenlopende mensen, van haar naaste familie en buren tot schrijvers die ze graag leest (bestaande schrijvers, zoals Joan Didion, met wie ze veel gemeen heeft). Ze voert betrokken correspondenties met mensen die toevallig haar pad kruisen, zoals de Syrische medewerker van een helpdesk, en er zijn maar liefst twee mannen die naar haar hand dingen (ze is al jaren gescheiden). Al die mensen schrijven haar terug, waardoor je naast een veelzijdig portret van Sybil een inkijkje krijgt in allerlei uiteenlopende levens en in de tijd waarin die zich afspelen (krijgt Obama een tweede termijn, vraagt iemand zich in 2012 af). Ten slotte is er een opvallend liefdevolle, vertrouwelijke brief waar nooit antwoord op komt. Sybil verstuurt deze brief namelijk niet, ze vult hem alleen steeds aan. Hij is bestemd voor ene Colt. Stukje bij beetje kom je erachter wie dat is.
Sybil weeft een web van brieven, ze heeft schijnbaar alles onder controle, maar het web begint te rafelen. Er zijn te veel geheimen, dingen waar ze zich voor schaamt, vragen die ze niet langer uit de weg kan gaan. De carrière waar ze met zoveel trots op terugblikt verliep zo vlekkeloos niet. De scheiding van de vader van haar kinderen was niet probleemloos. Ze weet als adoptiekind niet van wie ze afstamt. En dan is er nog één grote fout waar ze nooit over schrijft, totdat het niet anders meer kan.
Als je De correspondente uit hebt, zijn er drie dingen die je meteen wilt doen – althans, dat gold voor mij. Lastig kiezen: ga je meteen zelf een brief schrijven, ga je dit boek van voren af aan herlezen of wijd je je aan werk van auteurs die Sybil van Antwerp brieven schrijft? Voor alle drie die opties is veel te zeggen. Zeker in de zomer.
Hartelijke groet,
Judith Eiselin