Rebecca Solnit Het nieuwe boek van de Amerikaanse schrijver en klimaatactiviste gaat over positieve veranderingen die wel degelijk plaatsvinden, ondanks alle rampen. „We zitten te dicht op het dagelijkse nieuws.”
Rebecca Solnit.
Rebecca Solnit (1961) is vanochtend al om acht uur gaan wandelen, vertelt ze tijdens een videogesprek vanuit Santa Fe, New Mexico. Om tien uur is het daar, zelfs op ruim tweeduizend meter hoogte, al te warm om buiten te zijn. Ze komt er al jaren en het wordt steeds heter, zegt ze. „Maar mensen vergeten hoe het vroeger was.” Het is een belangrijke boodschap uit haar nieuwste boek: zonder historisch geheugen zie je geen verandering. En wie geen verandering waarneemt, raakt er al snel van overtuigd dat alles alleen maar slechter wordt.
Rebecca Solnit: Het begin volgt op het einde. Over een veranderende wereld. (The Beginning Comes after the End. Notes on a World of Change) Vert. Inger Limburg. Nieuw Amsterdam, 192 blz. € 22,50
Dat historisch geheugen loopt als een rode draad door haar werk. Solnit vergelijkt zichzelf weleens met een schildpad op een feest voor eendagsvliegen: terwijl iedereen om haar heen opgewonden fladdert over het nieuws van de dag, probeert zij juist ontwikkelingen op de langere termijn te ontwaren. In de afgelopen jaren schreef de Amerikaanse historicus, essayist en klimaatactiviste meer dan vijfentwintig boeken – over wandelen, feminisme, klimaat, kunst en de gemeenschappen die na rampen ontstaan – en publiceerde ze onder meer in The Guardian, The New York Times en The New Yorker. Inmiddels geldt ze wereldwijd als een van de invloedrijkste progressieve stemmen.
In Nederland werd Solnit onder meer bekend met het essay Mannen leggen me altijd alles uit (2017), waarin ze beschrijft hoe vrouwen stelselmatig niet worden geloofd of serieus genomen. Opmerkelijk genoeg heeft ze het woord ‘mansplaining’ – de neiging van mannen om vrouwen dingen uit te leggen die ze al weten – dat anderen aan haar essay ontleenden en dat wereldwijd ingeburgerd raakte, zelf nooit gebruikt. Ze vindt het jammer dat het de aandacht afleidt van een fundamenteler punt. In hetzelfde essay vertelt ze namelijk ook over een vrouw die ’s nachts naakt haar huis uitrent, schreeuwend dat haar man haar probeert te vermoorden, maar niet wordt geloofd. Niet geloofd worden, concludeert Solnit, kan een kwestie van leven en dood zijn. „Niemand heeft het over dat tweede verhaal, terwijl dat naar mijn idee veel belangrijker is”, zei ze onlangs.
Het typeert Solnit. Ze begint vaak bij een ogenschijnlijk klein voorval en ontrafelt vervolgens de grotere maatschappelijke patronen die erachter schuilgaan. Zo ook in haar nieuwe boek Het begin volgt op het einde, het vervolg op haar klassieker Hope in the Dark (2004), een essay dat later bij De Correspondent in vertaling uitkwam. Waar ze destijds betoogde dat onzekerheid juist ruimte laat voor hoop, omdat de toekomst nog niet vastligt, onderbouwt dit boek die hoop met een heel arsenaal aan historisch bewijs. Hoe we denken over gender en ras, over de natuur, over wie er zeggenschap heeft – het is sinds 1960 allemaal gekanteld. De wereld is meer ten goede veranderd dan we beseffen, stelt Solnit.
„Veel mensen zouden dat moment wegwuiven als onbelangrijk, maar ik beschouw het als een revolutionaire verandering. De Federated Indians of Graton Rancheria begonnen ooit met een halve hectare grond, pas in 2000 werden ze officieel erkend als stam. Nu hebben ze zeggenschap over 40.000 hectare grond in hun traditionele leefgebied. Als kind ben ik opgegroeid op hun land. Ze werden door niemand erkend maar ik heb meegemaakt hoe dat gaandeweg is veranderd. Dat is precies waar mijn nieuwe boek over gaat: de positieve veranderingen die plaatsvinden maar die we niet zien omdat we te dicht op het dagelijkse nieuws zitten.”
„De wereld wordt beter én slechter. Ik ben geboren in de VS van de jaren zestig, in een wereld waarin vrouwen minder rechten hadden dan mannen en aanzienlijk minder deelnamen aan het openbare leven. Dat is ten positieve veranderd. Maar de vernietiging van het milieu is een stuk erger dan in de periode waarin ik opgroeide. Toch geloof ik niet dat we simpelweg in donkerdere tijden leven. Verandering kan onzichtbaar zijn als je geen nulpunt hebt waaraan je progressie kunt afmeten. Zoals de landteruggave aan inheemse volken: dat gaat stapsgewijs, bijna onmerkbaar, waardoor het niet als revolutionair wordt gezien. Maar dat is het wel.”
„Deels is het een kwestie van ouder worden – al ken ik genoeg leeftijdsgenoten die de veranderingen niet zien, en jonge historici die ze juist wel zien. Het helpt om te beseffen dat men zich vaak richt op de uitkomst van een ontwikkeling. Toen het Amerikaanse Hooggerechtshof in 2015 het homohuwelijk mogelijk maakte, was het verleidelijk om te denken: negen machtige mensen nemen een historisch besluit. Maar de echte helden waren de miljoenen die decennialang al enorme persoonlijke risico’s hadden genomen om uit de kast te komen. Er is een prachtig Perzisch gezegde: ‘Als het honderd slagen kost om een boom te vellen, zijn de eerste negenennegentig niet nutteloos’. Wie de geschiedenis kent, de vrouwenbeweging, de strijd voor burgerrechten, de tijd vóór het homohuwelijk, weet dat verandering een lang gevecht is. Dan geef je niet op na één verlies.”
„Wanhoop is vaak een vorm van luiheid: je springt meteen naar een conclusie zonder grondig onderzoek te doen en laat het er vervolgens bij zitten. Dat is een privilege dat veel mensen niet hebben. Als opgeven betekent dat je kinderen verhongeren of dat je thuisland wordt vernietigd, wanhoop je niet – de inzet is te hoog. Wanneer wij, veilig en comfortabel in het mondiale noorden, wanhopen, verraden we de mensen die het hardst worden getroffen. De klimaatramp gebeurt meestal elders: van extreme hitte in Pakistan tot zeespiegelstijging in kleine eilandstaten in de Stille Oceaan. Ondertussen hoor ik mensen hier zeggen: ‘Ik krijg geen kinderen, want de klimaatcrisis is zo erg.’ Ga je werkelijk zo’n grote levensbeslissing nemen zonder je goed te informeren over de feitelijke situatie? Onder de klimaatactivisten die ik ken – twintigers en dertigers die goed zijn ingevoerd – was er de afgelopen jaren juist een babyboom.”
„Extreemrechtse politiek doet me weleens denken aan een kind dat niet kan verdragen dat de aardappelen en de doperwten elkaar raken op het bord. Alles moet in een eigen vakje blijven. Datzelfde kind groeit vervolgens op en wil geen moslims in een christelijk land, geen vrouwen in hoge functies, geen queer mensen op straat. Orde komt voort uit scheiding, is het idee. Daarom is klimaatverandering voor rechts zo aanstootgevend, omdat het hen dwingt de gevolgen van hun handelen onder ogen te komen. Dan moet je bijvoorbeeld erkennen dat het gif dat je op je land spuit, in de beek terechtkomt en het drinkwater stroomafwaarts vergiftigt. Ook op internationaal niveau wil de extreemrechtse beweging terug naar een tijd waarin alles in hokjes kan worden geplaatst; naar een wereld waarin witte, heteroseksuele, christelijke mannen heersen en ieder ander zijn plaats als minderwaardige inneemt. Hun hele agenda komt voort uit woede over het feit dat de wereld is veranderd.”
„Als ik naar extreemrechts in Amerika luister, hoor ik ze vier dingen zeggen. Eén: jullie feministen, klimaatactivisten, mensenrechtenactivisten, het hele progressieve spectrum, zijn veel te machtig. Twee: jullie hebben de wereld diepgaand veranderd. Drie: wij haten dat. Vier: wij willen het terugdraaien. Wie bang is voor extreemrechts ziet vaak vooral punt drie en vier, oftewel: hoe hard ze schoppen, maar realiseer je dat dat komt omdat ze vinden dat de progressieven het goed hebben gedaan. Dus als je goed luistert, hoor je extreemrechts voortdurend getuigen hoe geslaagd de verandering is.”
„De terugslag is reëel en serieus, maar niet allesomvattend. Leiders als Trump, Poetin en Orbán móéten wel autoritair zijn: er bestaat geen meerderheid voor hun ideeën, dus kunnen ze die alleen afdwingen buiten de democratie om. Autoritarisme is hun waardesysteem, én hun noodzaak. Daarom denk ik niet dat hun project op de lange termijn zal slagen, omdat hun agenda een minderheid bevoordeelt ten koste van de meerderheid. Vrouwen, mensen van kleur, niet-christenen en queer mensen zijn niet van plan hun rechten op te geven en ondergeschiktheid te accepteren. Kijk naar Hongarije: Orbán is na zestien jaar weggestemd, na de hoogste verkiezingsopkomst sinds de val van het communisme. Dat gebeurde niet vanzelf; daar ging organisatie aan vooraf.”
„Veel mensen hebben een beeld van verandering dat in wezen om oorlogsvoering draait: de vijand aanvallen, winnen of verliezen. Maar vaak komt de echte verandering juist voort uit bouwen en voor elkaar zorgen: gemeenschappen versterken, mensen mobiliseren, coalities smeden. De boeddhistische leraar Thich Nhat Hanh zei ooit: de volgende Boeddha is de Sangha – de gemeenschap. Dus niet één verlicht individu, maar mensen die samen iets worden dat henzelf overstijgt. De prominente klimaatactivist Bill McKibben zei het op zijn eigen manier tijdens de klimaattop in Parijs in 2015 waar iemand hem vroeg: wat is het beste wat ik als individu voor het klimaat kan doen? Hij keek op en zei: hou op een individu te zijn, sluit je aan bij een beweging.”
Wat zegt u tegen iemand die het, zelfs na het lezen van dit interview, nog steeds somber inziet?
„Verdiep je in de geschiedenis. Je gaat je beter voelen als je weet hoe grotesk en verknipt de wereld van 1960 was.”