Het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam biedt een boeiende blik op de nieuwste Nederlandse fotografie. De tentoonstelling vraagt wel enige lenigheid van de bezoeker.
is kunstredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over films, series en fotografie.
De Oostenrijkse, in Nederland wonende fotograaf Peter Pflügler (1987) kreeg meer dan duizend zelfportretten uit de nalatenschap van zijn oudoom Hans (1911-1997), een man die op 86-jarige leeftijd uit het leven stapte. Een fractie van die foto’s hangt nu aan de muur van het Nederlands Fotomuseum, als onderdeel van een multimediale installatie onder de beladen titel Hans: begraaf me niet in het graf van mijn vader.
De installatie is onderdeel van de overzichtstentoonstelling Quickscan 3: Fotografie nu, een boeiend overzicht van de stand van zaken in de Nederlandse fotografie aan de hand van het werk van twintig in Nederland werkzame fotografen en kunstenaars. Geen overzicht van de grootste talenten of het beste werk per se, maar een poging om een overzicht te geven van een medium dat zich, zeker sinds de laatste ‘quickscan’ in het Nederlands Fotomuseum van tien jaar terug, steeds moeilijker laat afbakenen.
In de woorden van curatoren Ruben Lundgren en Guinevere Ras: ‘Fotografen van nu stappen vol toewijding en creativiteit over de scheidslijnen tussen genres, technieken en andere fotografische principes.’ En daarvan is op elke wand van deze overzichtstentoonstelling aansprekend en avontuurlijk bewijs te vinden.
Het werk van Pflügler is terechtgekomen in het hoofdstuk over de vele manieren waarop fotografen en kunstenaars archiefmateriaal naar hun hand zetten om een nieuw verhaal over de geschiedenis te vertellen, ook als dat hun familiegeschiedenis is.
Het project over oom Hans maakt ook duidelijk dat de kunstenaar niet in een concept hoeft te blijven hangen, maar dat de presentatie van het werk op zichzelf ook een sterke visuele aantrekkingskracht moet hebben. Pflügler rangschikt het archiefmateriaal als in een fascinerend forensisch onderzoek naar de vele raadsels in het leven van zijn oudoom.
En zo kijkt deze eenzame Oostenrijkse man ons op vele manieren aan, vanuit vele decennia waarin hij alleen met zijn camera was. Pflügler, zelf een homoseksuele man, reconstrueert een leven in een tijd en plaats waarin de worsteling van Hans met zijn seksualiteit zich via de omweg van de zelfportretten uitdrukte. Nadrukkelijk niet als een kunstproject, maar als een manier om zijn identiteit fotografisch vast te leggen. ‘Dit ben ik’, maal duizend.
Het project van Pflügler gaat zoveel verder dan deze aangrijpende presentatie; het moet uiteindelijk culmineren in een herbegrafenis van zijn oudoom, die nu in een gedeeld graf met zijn vader ligt, de man die hem in zijn jeugd misbruikte.
Pflügler is een van de twintig fotografen die een recent project presenteren in Rotterdam. Er is werk te zien van een veteraan als Paul Kooiker: een reeks van 42 portretten van studenten van de Gerrit Rietveld Academie, jaargang 2025. De curatoren van Quickscan, bepaald geen doemdenkers, zien het als een eerbetoon aan de veerkracht van een volgende generatie die er in dit tijdperk voor kiest om de wereld met kunst tegemoet te treden.
Maar ook een gelauwerde fotograaf als Sakir Khader is te zien, met een verzameling van zijn werk uit Syrië en de Palestijnse gebieden: The Landscape as Witness, waarin onder meer een serie foto’s van eeuwenoude olijfbomen te zien is die zich niet laten ontwortelen.
Van de toeschouwer wordt enige lenigheid verwacht, aangezien die van het ene thema naar de andere kunstenaar wordt gestuurd. Van de harmonie in de intrigerende collages en foto’s van Sarah van Rij tot de frontale aanval op de zintuigen met de groteske AI-videoportretten van Jan Hoek.
Andere thema’s die de curatoren als bepalend voor de afgelopen jaren eruit pikken, zijn de opkomst van het fotoboek, maar ook het performancewerk van Jan Dirk van der Burg, die fotografie letterlijk op een ander podium heeft getild. Zijn optreden op de openingsavond van Quickscan maakt inmiddels deel uit van de expositie. Hoe actueel wil je het hebben?
De afbeelding op de poster van de expositie komt uit een nieuwe serie van de Chinees-Nederlandse fotograaf Xiaoxiao Xu (1984), geboren in China en als tiener opgegroeid in Nederland. Het beeld, een meisje omwikkeld door slangen, komt uit haar project Spider, Snake, Turtle and Dragon. Het is de nieuwste vorm waarin haar levenslange zoektocht naar haar identiteit tussen twee extreem verschillende culturen zich manifesteert. De fotograaf maakte eerder een aantal fotoboeken, die als moderne klassiekers worden gezien: Aeronautics in the Backyard (2016) en Watering My Horse by a Spring at the Foot of the Long Wall (2020), respectievelijk over Chinezen die hun eigen vliegtuigen bouwen en over het dagelijks leven langs de Chinese Muur.
Fotografie
★★★★☆
Nederlands Fotomuseum, Rotterdam, t/m 22/11.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant