DEN HAAG - Toen Harm Scheltens op zijn 78ste een judoschool binnenstapte, had hij niet kunnen vermoeden waar dat toe zou leiden. Twee weken geleden slaagde de Hagenaar op 87-jarige leeftijd voor zijn derde dan, een prestatie die zelfs binnen de judowereld bijzonder wordt genoemd.
Judo was voor Harm niet nieuw. Als tiener stond hij al op de mat en behaalde hij zijn bruine band. Daarna verdwenen de judolessen naar de achtergrond.
'Ik ben gaan tennissen, maar dat vond ik wat te slap. Daarna ben ik gaan squashen, dat vond ik een fantastische sport. Maar toen ik begreep dat ik niet meer goed genoeg was om te squashen, dacht ik: waarom niet weer judo?'
Bij zijn terugkeer zocht Harm bewust naar een judoschool waar techniek centraal staat. 'Ik vind techniek fantastisch. Als je naar de Japanners kijkt, dan zie je dat het kunst is.'
Toen hij begon, had hij nog één doel voor ogen: het behalen van zijn zwarte band. 'Ondanks dat ik altijd zei dat ik een zwarte band had als ik problemen had', lacht hij. 'Die had ik helemaal niet. Dus die moest ik alsnog gaan halen.'
Dat lukte. Maar daarna bleef het niet bij die eerste dan. 'Ik heb twee jaar gedaan over mijn zwarte band. Daarna drie jaar over mijn tweede dan. En toen dacht ik: waarom niet ook een derde dan?'
Volgens eigenaar John Kleijn van de Benoordenhoutse judoschool is dat allesbehalve vanzelfsprekend. 'Toen Harm hier tien jaar geleden binnenkwam, vroeg ik eerst hoe oud hij was. Hij zei 78. Ik vroeg ook wat zijn vrouw ervan vond. Ik vond het best spannend, omdat hij wat ouder en breekbaar oogde.'
In Japanse sporten wordt het niveau van deelnemers aangegeven via een dan-graad. Judoka's met een zwarte band kunnen zich nog verder ontwikkelen. Dan krijgen ze eerst een eerste dan, vervolgens een tweede, tot een maximum van de tiende dan. Wereldwijd zijn er ongeveer twintig mensen die dit hoogste niveau hebben behaald.
Die zorgen verdwenen snel. 'Hij bleek bijzonder fit. Toen hij op zijn 80e zijn zwarte band haalde, dacht ik: nu zal het wel klaar zijn. Maar Harm wilde meer. Nu heeft hij zijn derde dan gehaald. Dat komt amper voor.'
Ook trainer Peter van Deventer kijkt met bewondering naar zijn leerling. 'Het is een eer om met Harm te trainen. Hij is een stimulans voor anderen om te blijven bewegen. Op een bepaalde leeftijd wordt vallen, draaien en werpen steeds moeilijker. Dat maakt het extra bijzonder.'
Volgens Van Deventer zie je deze prestatie bijna nooit. 'Mensen die jonger zijn halen wel een tweede of derde dan. Maar op deze leeftijd zie je dat eigenlijk niet. Het vraagt veel uithoudingsvermogen.'
Zelf snapt Harm niet helemaal waar zijn fitheid vandaan komt. 'Misschien zit het in de genen', zegt hij. 'Mijn moeder vertegenwoordigde Nederland op haar dertiende al bij het turnen.' Toch speelt discipline volgens hem ook een grote rol.
'Ik judo twee tot drie keer per week. Voor mijn tweede dan heb ik zelfs iedere dag getraind. En thuis oefen ik nog iedere dag met een elastische band de schouderworp.'
Daarnaast let hij op zijn leefstijl. 'Ik drink bijna niet meer omdat ik daar heel vermoeid van werd. Ik vond het wel heel lekker hoor, moet ik eerlijk zeggen.'
Voor Harm is judo veel meer dan alleen een sport. Hij vindt dat iedereen zou moeten leren vallen. 'Kinderen moeten leren hoe ze veilig kunnen vallen, maar ouderen ook. Dat kan veel ellende voorkomen.'
En stoppen? Daar denkt de 87-jarige judoka voorlopig niet aan. 'Ik ben ooit gestopt met wedstrijdjudo. Daardoor heb ik minder kwaaltjes dan veel andere sporters. Zo kan ik dit nog lang volhouden.'
Source: Omroep West Den Haag