De openbaar aanklager van Hongarije is onder druk van de nieuwe premier Peter Magyar opgestapt. Ondertussen onderzoekt de politie de servers van Fidesz, de partij van de vorige premier Viktor Orbán. Stukje bij beetje verdwijnt de invloed van de man die het land jarenlang op autocratische wijze leidde.
is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.
De aanklager, Gábor Bálint Nagy, was een jaar geleden door de Fidesz-meerderheid in het toenmalige parlement benoemd voor een termijn van negen jaar. Hij werd gezien als een vazal van Orbán. Hij moest de toenmalige premier ervan verzekeren dat die ook na een eventueel verlies van de verkiezingen een machtsmiddel in handen zou hebben.
Oppositiekrachten in Hongarije vreesden dat Nagy hervormingen van Magyar en zijn Tisza-partij zou dwarsbomen, maar hij vertrekt per 25 augustus, zo maakte hij woensdag bekend. Hij spreekt van ‘onprofessionele aanvallen op mijn persoon’, waarschijnlijk doelend op de oproepen van Tisza om op te stappen. ‘Het Openbaar Ministerie mag geen instrument worden voor de strijd tussen politieke actoren en mag geen podium zijn voor machtsspelletjes.’
Premier Péter Magyar reageerde verheugd op het vertrek van Nagy. ‘Het land is bevrijd van de volgende marionet van Orbán die de regimeverandering in de weg stond’, schrijft hij op Facebook. ‘Wie is de volgende?’
Magyar beloofde in zijn verkiezingscampagne de clan van Orbán zo veel mogelijk uit te bannen. Na zijn eclatante overwinning in april herhaalde hij die oproep en richtte hij zijn eerste pijlen op enkele hooggeplaatste mannen: Orbán zelf, de parlementsvoorzitter, de openbaar aanklager en de president.
Dat lijstje is afgewerkt: door Tisza’s tweederdemeerderheid in het parlement weten de Fidesz-getrouwelingen dat verzet uiteindelijk geen zin heeft. President Sulyok koos zaterdagavond de weg van de minste weerstand en tekende het door het parlement aangenomen 17de amendement op de grondwet, dat hem uit zijn functie ontheft.
Diens opvolging is tot dusver Magyars grootste blunder: de premier schoof schaakgrootmeester Judit Polgár naar voren, terwijl zij helemaal niet bereid bleek het ambt te aanvaarden. ‘Dit is volledig mijn verantwoordelijkheid’, zei Magyar over zijn fout. Parlementsvoorzitter Ágnes Forsthoffer vervult de functie totdat een opvolger is aangewezen.
Bij het opstappen van kopstukken blijft het niet, wat de premier betreft. Magyar wil onderzoek doen naar de grootschalige corruptie in het tijdperk van Orbán en de verantwoordelijken vervolgen. Dinsdag meldde Fidesz dat de politie een inval had gedaan in het datacenter waar de servers van de partij waren gestald. De servers zouden in beslag zijn genomen.
‘Agenten verschenen zonder aankondiging vooraf bij het datacenter met het doel de partij en haar communicatie plat te leggen’, schreef Fidesz op Facebook. ‘Dit is niet meer voorgekomen sinds 1990, het einde van het communistische tijdperk.’
Een andere prominent uit het tijdperk van Orbán, voormalig buitenlandminister Péter Szijjártó, zei vorige week aan de slag te gaan bij de Chinese autofabrikant BYD. Szijjártó speelde als minister een belangrijke rol in de vestiging van de eerste Europese fabriek van het bedrijf in het Hongaarse Szeged.
Tisza sommeerde Szijjártó woensdag te verschijnen voor de Veiligheidscommissie van het parlement. Zijn overstap naar het Chinese bedrijf zou ‘een risico voor de nationale veiligheid’ zijn. De aanstelling wijst er volgens de partij op dat Szijjártó als minister mogelijk staatsgeheimen zou hebben doorgespeeld aan het Chinese bedrijf, dat nauwe banden heeft met de Chinese regering. Het is nog niet bekend of Szijjártó van plan is naar het verhoor te komen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant