Plas Johnson, saxofonist en sessiemuzikant, werd bekend met zijn warme, vette saxofoongeluid. De afgelopen week op 94-jarige leeftijd overleden musicus speelde de filmklassieker The Pink Panther Theme in.
is pop- en gamejournalist van de Volkskrant, met speciale aandacht voor de opkomst van artificiële intelligentie in de kunst.
Er zijn natuurlijk meer gegadigden; denk aan de solo in Careless Whisper van George Michael, of aan de lick uit Take Five van The Dave Brubeck Quartet. Maar de eerste noten uit The Pink Panther Theme mogen toch wel worden beschouwd als de beroemdste saxofoonmelodie uit de muziekgeschiedenis.
De musicus Plas Johnson, die het stuk inspeelde, werd er een van de meest beluisterde saxofonisten mee, al werd hij zelf nooit een wereldster en bleef hij vooral actief als orkestlid en studiomuzikant naast grootheden uit de jazz, de blues en de pop.
Woensdag werd bekend dat Johnson, de saxofonist met het warme en vette saxofoongeluid, vorige week is overleden.
Plas Johnson werd in 1931 geboren in Donaldsonville, in de Amerikaanse staat Louisiana. Hij groeide op in een muziekfamilie en zong als jongen van 10 al mee in de gezinsband. Maar zijn vader dacht dat hij beter zou functioneren als koperblazer en kocht een sopraansax voor zijn zoon.
Johnson speelde verdienstelijk en kreeg snel een baan in de band van de pianist en zanger Charles Brown, die het goed deed in het nachtclubcircuit. Maar Johnson wilde de diepte in. Hij schakelde eerst over op de altsaxofoon en daarna op de nog lager gestemde tenorsax.
Hij verhuisde naar Los Angeles en begon daar een bloeiende carrière als sessiemuzikant. Johnson speelde met bluesgrootheid B.B. King en trad later in dienst bij het platenlabel Capitol.
Hij speelde op albums van Frank Sinatra, Peggy Lee en The Beach Boys en werd in de jaren zestig lid van The Wrecking Crew, een groep sessiemuzikanten die de geschiedenis in zou gaan als de productiefste en meest gevierde begeleidingsband in de Amerikaanse muziekindustrie.
Johnson viel op met zijn warme, diepe saxofoongeluid. Hij speelde zich in de kijker bij de orkestleider Henry Mancini, die in de jaren zestig in opkomst was als soundtrackcomponist.
Mancini was gevraagd de muziek te schrijven voor de filmcomedy The Pink Panther (1963) van Blake Edwards, met acteur Peter Sellers in de rol van de blunderende inspecteur Clouseau. Daarbij moest hij ook de tune schrijven voor de openingstitels van de film, waarbij een cartoonfiguur, een roze panter, door het beeld zou lopen.
Mancini schreef een plagerige melodie in wandeltempo, die naderend onheil moest aankondigen. Later zou hij beweren dat hij de melodie schreef met het geoliede, licht ironische geluid van Plas Johnson in zijn hoofd, en dus vroeg hij de sessiemuzikant het in te spelen.
Johnson voegde zich moeiteloos in het orkest van Mancini, met wie hij al eerder opnamen had gemaakt. Hij vertelde eens in een interview dat hij het stuk in twee takes voltooide en dat het hele orkest begon te applaudisseren. ‘Zelfs de strijkers’, zei Johnson. ‘En die applaudisseren anders nooit.’
De soundtrack voor The Pink Panther werd een klassieker en een van de meest herkenbare filmmelodieën, ook omdat de film werd uitgebouwd tot een reeks van tot op heden elf afleveringen, gevolgd door een animatieserie met een onverwoestbare herkenningsmelodie.
Maar de tune werd ook geliefd vanwege het dikke, gesmeerde geluid van Johnson, die zijn noten zo mooi krakend liet aanrollen en weer wegwapperen.
Johnson bleef een veelgevraagd sessiemuzikant en speelde op belangrijke popalbums van Joni Mitchell, Linda Ronstadt, Rod Stewart en Tom Waits. Maar hij zou toch tot in lengte van dagen worden herinnerd aan de riff die hij inspeelde voor The Pink Panther Theme, een nummer dat ook op single verscheen en drie Grammy Awards won.
Johnson bleef tot op hoge leeftijd spelen. Volgens zijn familie gaf hij vlak voor zijn dood nog een optreden in de woongemeenschap voor ouderen, waar hij zelf ook verbleef. Hij overleed op 15 juli, 94 jaar oud.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant