De lezersbrieven! Over wat we van beroemdheden mogen hebben, weten en zien, een tas op de stoel in de trein, draagmoederschap en het gebruik van pesticiden.
Geregeld lees ik dat het grootste deel van onze vleesproductie voor de export is (zie ook de column van Frank Kalshoven in de krant van 18 juli). Ik merk om mij heen dat uit die constatering nogal eens de conclusie wordt getrokken dat het daarom in ons land met die veeteelt wel wat minder kan. We hebben er immers voor eigen gebruik slechts een deel van nodig.
Ten eerste wordt daarbij vergeten dat ons land ook veel vlees importeert. Voor de juiste cijfers moeten we die hoeveelheid dus van de export aftrekken. Daarbij is dus elders CO2 geproduceerd.
Ten tweede: ‘Wij’ kunnen niet kiezen om precies genoeg voor onszelf te produceren. Er staat geen hek om ons land. Door de vrije markt gaan ‘wij’ daar niet over. Minder produceren (waar dan ook) betekent voor de consument simpelweg prijsstijging, want minder vlees op de wereldmarkt.
Alice Garritsen, Assen
Met interesse maar ook toenemende verbazing las ik het stuk van Anna Stibbe over Marilyn Monroe. Daarbij stelt ze de terechte vraag wat we van beroemdheden mogen hebben, weten en zien – en wat te privé is.
Hoewel ik zelf niet verder ga dan een gesigneerde foto of een boek, snap ik wel dat mensen memorabilia willen hebben van beroemdheden. Maar dat er grof geld aan wordt verdiend gaat me eigenlijk al te ver, en dat mannen ook flink betaalden om in de buurt of naast Marilyn Monroe te worden begraven is over de grens.
En de zakenman die de grafkelder direct boven haar kocht, ‘naar verluidt met het verzoek om ‘met het gezicht naar beneden’ te worden neergelegd’ kunnen we met gerust hart beschuldigen van post-mortemaanranding. Het is weerzinwekkend en zou verboden moeten worden. Sommige vrouwen worden zelfs na hun dood niet met rust gelaten.
Tecla Boonstra, Amsterdam
Ik kan best begrijpen dat de NS willen verbieden dat er stoelen door tassen bezet worden, men heeft heel precies berekend hoeveel vierkante centimeter een mens gemiddeld nodig heeft om te zitten. Er is echter ook een andere kant aan het verhaal ‘zitplaats’. Het is vreemd dat de NS zich daar niet in verdiept; want wáarom houden zoveel mensen de stoel naast zich bezet?
Een zitplaats is meer dan vierkante centimeters. Een mens heeft wat persoonlijke leefruimte nodig om zich comfortabel te voelen. Er is geen andere plek waar mensen zo dicht op elkaar worden gepakt als in het ov. Stelt u zich voor dat u op kantoor op een bankje stijf tegen uw collega aan zou moeten zitten werken.
Persoonlijk krijg ik het Spaans benauwd als ik verkrampt tegen iemand aan moet zitten. Nooit zal ik vragen of ik in de persoonlijke ruimte van een onbekende mag gaan zitten. Het voelt onbeleefd en opdringerig. In dat geval zit ik liever op het balkon op een klapstoeltje of het trapje, en ik prijs mij gelukkig als ik een vrijstaande enkele stoel kan vinden achter de klapdeur.
En blijkbaar zijn er nogal wat mensen die dit soort gevoelens met mij delen. Zijn wij gek, NS? Ik kan er dus alle begrip voor opbrengen als mensen de stoel naast zich bezet houden. In de nieuwste treinen lijken de bankjes zelfs nog smaller en ook een middenleuning ontbreekt.
Ik pleit er juist voor om ruimere zitplaatsen te maken. Zoiets als in de eerste klasse. Daar zul je zelden zien dat mensen de stoel naast zich bezet houden. Als je de reiziger zijn ruimte gunt, zal men zich ook socialer gedragen. En dan kunnen we ook eindelijk het rudiment van de standenmaatschappij – de eerste klasse – afschaffen.
Pieter Otto, Groningen
Ik begrijp de afkeuring van het draagmoederschap door het Duitse CDU niet. Zonder het draagmoederschap van Maria was er helemaal geen christendom geweest.
Wim Cotteleer, Huissen
Staatssecretaris Silvio Erkens van Landbouw wil met een convenant het gebruik van pesticiden terugdringen. Maar zolang hij het agrolobby- witwaseufemisme ‘gewasbeschermingsmiddelen’ blijft gebruiken, zal het niet snel lukken ‘polarisatie te verminderen en draagvlak te vergroten’.
Frank Bokern, Bussum
Wilt u reageren op een brief of een artikel? Stuur dan een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Het belangrijkst is dat een brief helder en duidelijk is. Wie een origineel en nog niet eerder verwoord standpunt naar voren brengt, maakt grotere kans te worden gepubliceerd. Een brief die mooi en prikkelend is geschreven, heeft ook een streepje voor. Kritiek op de Volkskrant wordt vaak gepubliceerd, op-de-man-gespeelde kritiek op personen plaatsen we liever niet.
Iedere brief wordt gelezen door een team van ervaren opinieredacteuren en krijgt een kans. En wekelijks worden ongeveer vijftig brieven geselecteerd. Over de uitslag kan helaas niet worden gecorrespondeerd. Wij zijn er trots op dat onze lezers mooie en goede brieven schrijven, waarvan we elke dag een levendige rubriek kunnen samenstellen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant