Venezuela wordt ‘great again’, beloofden de Amerikanen toen ze in januari het land binnenvielen en president Maduro meenamen. Een half jaar later gelooft de bevolking dat niet meer en loopt de woede op. ‘Als er niet snel verkiezingen komen, ontploft hier de boel.’
is verslaggever van de Volkskrant en schrijft over asiel, migratie en de multiculturele samenleving.
Met gestrekte armen en een verbeten gezicht houdt Carlos Caballero (39) een groot vel papier in de lucht. ‘Trump’ heeft hij er met donkerrode letters opgeschreven. ‘Verrader’, staat in het blauw eronder.
De regen komt met bakken uit de lucht als Caballero op 8 juli samen met honderden anderen door het centrum van de Venezolaanse hoofdstad Caracas loopt. De demonstranten willen ‘NU’ verkiezingen, staat op hun spandoeken. Ze eisen daarnaast vrijheid voor politieke gevangenen, hogere salarissen en een einde aan corruptie.
Maar in plaats van dit eisenpakket neer te leggen bij regeringspaleis Miraflores, waar interim-president Delcy Rodríguez zetelt, gaan ze op weg naar het Marriott, het hotel waar vertegenwoordigers van de Amerikaanse regering logeren en vergaderen. ‘Van onze regering verwachten we niks’, zegt Caballero. ‘Die heeft het Venezolaanse volk al heel lang geleden verraden. En nu verraden de Amerikanen ons ook.’
Het is hier een veelgehoord verwijt, een half jaar nadat Amerikaanse militairen het land zijn binnengevallen en Washington er de facto de macht heeft overgenomen. De Amerikanen bombardeerden op 3 januari militaire doelen en ontvoerden president Nicolás Maduro en zijn vrouw Cilia Flores. De inval, waarbij 83 mensen werden gedood, was een grove schending van het internationaal recht.
De meeste Venezolanen namen dat voor lief: de hoop op verandering oversteeg ieder ander sentiment. De Amerikaanse president Donald Trump belichaamde licht aan het einde van de dictatoriale tunnel waarin het land al zo lang gevangen zat. Een land dat door het socialistische regime in een diepe economische afgrond is gestort en waar twee derde van de bevolking in armoede leeft.
Washington kwam met een driestappenplan: stabilisatie van het land, herstel van de economie en een transitie naar democratie. ‘We’ll make Venezuela great again’, beloofde Trump.
Onder de acht miljoen Venezolanen die de afgelopen jaren hun land zijn ontvlucht, brak groot feest uit. In Spanje, de VS, Brazilië, Curaçao, Colombia – overal gingen ze juichend de straat op. In Venezuela werd de val van Maduro in stilte gevierd, uit angst voor vergelding, maar de vreugde was er minstens zo groot.
Die euforie is een half jaar later omgeslagen in frustratie en teleurstelling. ‘Stabiliseren’ bleek in de praktijk het installeren van Delcy Rodríguez, een partijgenoot van Maduro die nu als gewillige marionet van Washington fungeert. Trump heeft zich op uiterst ontransparante voorwaarden de enorme olievoorraden toegeëigend, de armoede is net zo groot als voorheen en de inflatie giert de pan uit.
Met de transitie naar democratie is tot nu toe weinig haast gemaakt. Op 1 augustus beginnen de eerste verkennende gesprekken tussen het regime en Dinorah Figuera, voorzitter van het parlement, dat in 2015 werd gekozen. Die verkiezingen zijn de laatste die eerlijk zijn verlopen en Washington vindt Figuera daarom de aangewezen persoon om de gesprekken te voeren. De onderhandelingen, waaraan ook de VS deelnemen, moeten uiteindelijk de weg vrijmaken voor een stembusgang.
Figuera, die sinds 2018 in ballingschap leeft in Spanje, was begin juni al naar Venezuela gereisd voor een ontmoeting met Jorge Rodríguez, de huidige parlementsvoorzitter (en broer van interim-president Delcy). Nadat het land op 24 juni werd getroffen door twee aardbevingen, had niemand het meer over onderhandelingen, tot deze week de datum van 1 augustus werd bekendgemaakt.
Wat de demonstranten betreft had er nu al een datum voor verkiezingen moeten zijn. ‘In de grondwet staat dat een interim-president na een half jaar nieuwe verkiezingen moet uitschrijven’, zegt vakbondsvrouw Marvis Misler (48), die tijdens het lopen voorbijgangers aanspoort zich aan te sluiten bij het protest. ‘Op 3 juli is die termijn verstreken, waarom houden de Amerikanen Delcy in het zadel?’
‘María Corina, kom terug’, is de smeekbede op veel protestborden. Oppositieleider María Corina Machado zou in 2024 glansrijk de verkiezingen hebben gewonnen als het regime haar deelname niet onmogelijk had gemaakt. Ze kreeg vorig jaar de Nobelprijs voor de Vrede vanwege haar inzet voor de democratie. Sinds ze vertrok uit Venezuela om die prijs op te halen verblijft ze in de Verenigde Staten.
Ze is met afstand de populairste politicus van het land, maar werd na de inval in januari door de Amerikanen op een zijspoor gezet. De oppositiepartijen hadden Machado naar voren geschoven als de persoon die eventuele gesprekken over de transitie zou moeten voeren, maar Washington negeerde die wens en koos voor Figuera.
Sinds de aardbeving probeert Machado vergeefs terug te keren naar Venezuela. De Amerikaanse nieuwssite Axios onthulde vorige week dat Machado met toestemming van Nederland onderweg was om via Curaçao naar Venezuela te reizen, tot Nederland die toestemming op bevel van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken weer introk. Ook Panama werd teruggefloten toen het Machado doorgang wilde verlenen.
‘Misschien willen de Amerikanen niet dat ze terugkeert omdat ze vrezen dat ze wordt vermoord of opgepakt’, oppert Misler, in een poging hoop te houden. ‘Misschien wordt er op de achtergrond gewerkt aan een ingenieus plan.’ Maar na een korte stilte geeft ze toe dat ze het moeilijk vindt om in Trump te geloven: ‘Het welzijn van Venezolanen interesseert hem niet.’
Volgens de Venezolaanse politicoloog Maria Puerta was het vanaf het begin naïef om te denken dat het herstellen van de democratie prioriteit zou zijn voor Trump. ‘We hebben het hier over een president die in eigen land de democratie in razend tempo aan het afbreken is’, aldus Puerta. ‘Je hoeft geen politicoloog te zijn om te zien dat het volk van Venezuela hem koud laat.’
Dat blijkt ook uit de misdaden die de Amerikanen Maduro ten laste leggen, zegt Puerta. Hij wordt beschuldigd van ‘narcoterrorisme’ en zou een gevaar vormen voor de VS. Venezuela is echter geen bijzonder grote speler in de internationale drugsmarkt en het is onduidelijk waarop de beschuldigingen precies zijn gebaseerd. ‘Ze zouden hem moeten aanklagen voor misdaden tegen de menselijkheid.’
Ook Phil Gunson, Venezuela-analist van de onafhankelijke denktank International Crisis Group stelt dat de aantijgingen ‘grotendeels zijn verzonnen’ om als excuus te dienen voor de inval. De werkelijke reden was toegang tot olie, goud en de zeldzame aardmetalen die Venezuela rijk is. ‘Venezuela had sterke allianties met China, Iran, Cuba en Rusland. De VS vonden hun invloed in het westelijk halfrond onacceptabel en hebben met de inval de controle over strategische grondstoffen teruggepakt.’
Machado drong al jaren aan op militair ingrijpen van de Amerikanen, en droeg haar Nobelprijs op aan Trump als dank voor de arrestatie van Maduro. Maar Gunson stelt dat een terugkeer van Machado momenteel niet de belangen van de VS dient. Ze is de enige die mensenmassa’s op de been kan krijgen tegen het zittende regime, en staat bovendien bekend als compromisloos. ‘Sociale onrust kan Trumps economische belangen schaden. Hij is volstrekt gelukkig met een autoritair bewind dat doet wat hij zegt.’
In het partijkantoor van Machado’s partij Vente, niet ver van het Marriott-hotel, proberen ze moed te houden. ‘We weten niet precies wanneer, maar María Corina komt snel terug’, is het mantra van partijvoorzitter Henry Alviárez (58). Hij kiest zijn woorden zorgvuldig en waakt ervoor de Amerikanen tegen de haren in te strijken. ‘Dankzij Amerika hebben we meer bewegingsruimte. Maar het is tijd dat het Venezolaanse volk over zijn eigen toekomst kan beslissen.’
Alviárez, al jaren de rechterhand van Machado, heeft letterlijk meer bewegingsruimte gekregen. Hij werd in 2024 veroordeeld voor ‘verraad van het vaderland’ en zat bijna twee jaar vast. Net als honderden andere politieke gevangenen is hij dit jaar onder druk van de Amerikanen vrijgelaten. ‘Ook de repressie is aanzienlijk afgenomen’, zegt hij. ‘Al worden we nog altijd in de gaten gehouden.’
Het partijkantoor dient dezer dagen als opslagplaats voor medicijnen en voedsel die door het hele land zijn ingezameld voor de slachtoffers van de aardbevingen. Vrijwilligers rijden af en aan om de hulpgoederen op de juiste plek te brengen. De nood is hoog, er zijn zeker achttienduizend mensen dakloos geraakt.
Volgens Alviárez wordt het risico op sociale onrust juist groter als de VS blijven weigeren Machado te laten terugkeren. ‘We zitten in een snelkookpan’, zegt hij. ‘Mensen zijn boos vanwege het gebrek aan hulp van het regime na de aardbeving. Als er niet snel verkiezingen komen, ontploft hier de boel.’
Die woede is inderdaad voelbaar in de straten van Caracas en in het naastgelegen, nog veel zwaarder getroffen La Guaira. Venezuela is de afgelopen decennia in rap tempo gemilitariseerd, maar het leger helpt nauwelijks met het zoeken naar slachtoffers.
‘Waarom doen jullie niks, idioten’, schreeuwt een man in La Guaira tegen een groepje militairen. Hij is net als honderden anderen op zoek naar resten van familieleden in het metershoge puin. ‘Wat staan jullie daar nou met die geweren’, schreeuwt de man huilend van frustratie. ‘Dit is geen oorlog, het is een natuurramp. Help ons!’
Een jaar geleden was het ondenkbaar dat militairen zich publiekelijk lieten uitkafferen. Nu zie je dagelijks dit soort scheldpartijen, die bovendien veelvuldig rondgaan op sociale media. Het regime laat het allemaal gebeuren. En dat, stelt Alviárez, is het gevolg van het feit dat de Amerikanen aan de touwtjes trekken.
‘Maar die vrijheden zijn heel makkelijk weer terug te draaien’, nuanceert analist Gunson. ‘De wetten en het repressieve apparaat van Maduro zijn nog intact en kunnen op ieder moment weer ingezet worden tegen de bevolking. Gevangenen zijn vrijgelaten, maar hun veroordeling is niet teruggedraaid. Het is allemaal heel fragiel.’
Bovendien zitten nog steeds veel politieke gevangenen vast. Een groep familieleden bivakkeert sinds ruim een maand voor de deur van de Amerikaanse ambassade in Caracas. ‘We hebben een brief geschreven aan John Barrett, de Amerikaanse diplomatiek vertegenwoordiger’, vertelt Lexi Sandoval (45), wier zoon al drie jaar gevangenzit. ‘Maar tot nu toe is niemand naar buiten gekomen om ons te woord te staan.’
Sandoval zit met vijftien anderen in het kampement. Ze drinken koffie en praten over de vele naschokken van de aardbevingen die hen angst aanjagen. ‘Eerder zaten er dagelijks minstens veertig mensen in ons kamp’, vertelt ze. ‘Maar hun familieleden zijn vermist of gedood in de aardbeving. Ze zijn gaan zoeken naar hun lichamen, dus het protest staat even op een lager pitje.’
De vrouwen dragen T-shirts met de foto’s van hun gevangen zoon of echtgenoot. Het gaat in veel gevallen om militairen die zich hebben uitgesproken tegen het regime of anderszins ‘opstandig’ gedrag vertoonden. Er zitten ook burgers vast. Sommigen waren politiek actief, anderen weigerden zich te laten afpersen door een politieagent. De meesten zijn veroordeeld wegens ‘verraad van het vaderland’ of ‘terrorisme’.
Ook hier overheerst teleurstelling. ‘We weten dat het niet de VS zijn die de gevangenen vasthouden’, zegt Sandoval. ‘Maar zij zijn wel degenen die kunnen zorgen dat ze vrijkomen.’
Enkele kilometers verderop, aan de voet van sloppenwijk Antímano, zit Christopher Rodríguez in een koffiezaak. Het is de dag voor zijn verjaardag – hij wordt 43 – maar er valt weinig te vieren. Twee maanden geleden is hij door de Amerikaanse immigratiepolitie ICE gedeporteerd.
Hij is de klap nog altijd niet te boven. ‘Ik woonde in Seattle en werkte als bezorger voor onder meer Amazon en Uber Eats’, vertelt hij. ‘Ik verdiende soms wel 3.000 dollar per maand, het meeste daarvan stuurde ik naar mijn vrouw, zoontje en moeder hier in Antímano.’
Toen hij vier jaar geleden in de VS arriveerde kreeg hij net als honderdduizenden andere Venezolanen een verblijfsvergunning. Maar die beschermde status is door Trump opgeheven, waarna Rodríguez illegaal in het land verbleef.
‘ICE agenten trokken me mijn auto uit, zetten me tegen de muur en namen me mee naar een deportatiecentrum’, vertelt hij. ‘Mijn busje ben ik kwijt, ik kreeg niet eens de kans hem op slot te zetten.’
Na twee maanden in de gevangenis werd Rodríguez gedeporteerd. ‘Tijdens de hele reis waren onze handen en voeten geboeid. Zo vernederend.’
Sinds 3 januari is het aantal deportatievluchten opgevoerd. De gedeporteerden worden na aankomst opgesloten in een voormalig seminarie en door de Venezolaanse geheime dienst gescreend. Het seminarie, waar ook Rodríguez enkele dagen sliep, is door de aardbeving verwoest. Van de 146 gedeporteerden die er op dat moment verbleven, hebben 12 het overleefd. ‘Een raar idee’, mompelt Rodríguez.
Over de Amerikaanse machtsovername maakt hij zich geen enkele illusie. ‘Ik weet wat Trump in Amerika met Venezolanen doet. Waarom zou hij ons hier beter behandelen?’
Toch overweegt Rodríguez opnieuw naar de VS te reizen. ‘Daar kan ik geld verdienen voor mijn gezin’, legt hij uit. Hier is het minimumloon 210 euro per maand. ‘Dat is niet genoeg om eten te kopen, laat staan een schooluniform voor mijn zoon.’
De demonstratie is aangekomen bij het eindpunt, het Marriott. Advocaat en mensenrechtenactivist Eduardo Torres (50) roept door een megafoon zijn boodschap richting de door beveiligers gebarricadeerde ingang: ‘John Barrett, neem ónze hand’, roept hij. ‘Wij strijden al jaren tegen de dictatuur. Neem onze hand, in plaats van handen waar bloed aan kleeft.’
Hij refereert aan een foto van Barrett, die de Amerikaanse diplomatieke missie leidt in Caracas, met Diosdado Cabello, een van de machtigste mannen binnen het regime en het brein achter de repressie van opponenten. Eerder zetten de Amerikanen 25 miljoen dollar op het hoofd van Cabello. Op de foto legt Barrett een vriendschappelijke hand op zijn arm.
‘Op 3 januari dachten we dat we eindelijk vrijheid zouden kennen, maar er zijn nog altijd honderden politieke gevangenen’, roept Torres, die zelf begin dit jaar vrijkwam, door de megafoon. ‘Er is geen rechtsstaat in Venezuela.’
Torres’ stem slaat over. ‘Donald Trump, de olie is niet van u, maar van ons.’ De aanwezigen juichen. ‘We willen dat u onze soevereiniteit respecteert. We willen vrije verkiezingen.’
Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant