Home

Europese Commissie heeft haast met de elektrificatie van Europa: ‘Dit is de laatste wake-upcall’

Geen zwarte moleculen meer, maar groene elektronen. Europa moet elektrificeren. En snel. Met verdubbelde inzet. Europees commissaris Dan Jørgensen (Energie): ‘Dit gaat om het voorkomen van een catastrofe.’

is EU-correspondent van de Volkskrant. Hij woont en werkt in Brussel.

‘Buitengewoon ambitieus’, beaamt Europees commissaris Dan Jørgensen (Energie). ‘Zeker, maar ook realistisch. En noodzakelijk.’ Jørgensen kent geen twijfel: Europa moet aan de stekker. De industrie, het transport, de verwarming en koeling van huizen, alles moet veel meer dan nu op elektriciteit gaan draaien.

Het streefdoel dat de Europese Commissie vrijdag voorstelde – 46 procent van de verbruikte energie in 2040 moet elektriciteit zijn – betekent een verdubbeling van de huidige elektrificatiegraad.

Veel? ‘Weet je wat veel is: de 50 miljard euro die we nu extra betalen voor onze import van fossiele brandstof sinds de Verenigde Staten zijn begonnen met het bombarderen van Iran. 50 miljard! Bovenop de 370 miljard euro die we jaarlijks al uitgeven aan die import.’

De Deense commissaris spreekt in een interview met verschillende Europese kranten, waaronder de Volkskrant, met een zachte, aimabele stem, maar zijn boodschap is niettemin redelijk alarmerend.

‘Voor iedereen die nog niet wakker werd geschud in 2022 (toen Rusland de gaskraan dichtdraaide, red.), of die de wekker toen in de sluimerstand zette: dit is de laatste wake-upcall. We moeten meer doen. We moeten handelen.’

Jørgensen wijst er bezorgd op dat de elektrificatiegraad al jaren stagneert op 23 procent. ‘Niet echt indrukwekkend vergeleken met China, de VS en Japan.’

Zonder meer vraag naar elektra heeft het ook weinig zin om windturbines of zonnepanelen te installeren. Terwijl juist Europa, dat zelf nauwelijks olie en gas produceert, alle baat heeft bij duurzame energie. In woorden van de commissaris: ‘Geen zwarte moleculen meer maar groene elektronen.’

Essentieel om de elektrificatie vaart te geven, is dat de prijs van elektriciteit omlaag gaat. Nu is gas aanzienlijk goedkoper, zowel voor burgers als bedrijven, mede omdat elektriciteit vaak zwaarder wordt belast.

Jørgensen: ‘Dat moet anders. Wij stellen voor dat in de toekomst elektriciteit bij voorkeur minder, maar zeker niet meer wordt belast dan gas. En ik besef heel goed: belastingen leiden altijd tot zeer hevige discussies met de lidstaten.’

Waarom maakt u die 46 procent niet bindend, net als de klimaatdoelen van de Europese Unie? Wettelijk verankerd is die elektrificatiegraad geloofwaardiger.

‘Omdat ik haast heb! De crisis in de Straat van Hormuz en de stijgende olieprijzen vereisen een andere aanpak. Het traditionele proces van eerst effectrapportages, dan wetgeving met de vraag: bindend of niet-bindend, wat moet nationaal, wat Europees. Dat vreet tijd. Die hebben we niet.

‘We moeten de burgers nu een duidelijke boodschap geven: we pakken dit aan, we verdubbelen onze inzet. De uitwerking komt later. Ik weet dat veel lidstaten zullen zeggen: 46 procent is te hoog. Het is niet makkelijk, maar het kan.’

De elektrificatie vergt enorme investeringen. Waar komt dat geld vandaan?

‘Alleen het uitbreiden van de energienetwerken vergt al duizenden miljarden euro’s. Gigantische bedragen. Het merendeel van de investeringen zal door de private sector geleverd moeten worden. Maar let wel: het is niet alsof we nu niets aan fossiele energie uitgeven. Dat geld besteed ik liever aan de transitie naar duurzame energie.

‘De aanloopinvesteringen zijn hoog, maar je verdient ze snel terug omdat duurzame energie goedkoper is. Voor de industrie geldt dat gemiddeld na vijf tot zeven jaar de investeringen zijn terugverdiend. Daarna is het pure winst!

‘Daarnaast stellen we voor dat de heffingen voor het gebruik van de energienetwerken meer overeenkomen met de werkelijke kosten. Dat levert geld op dat weer voor elektrificatie gebruikt kan worden.’

De EU staat niet direct bekend om haar snelle besluitvorming. Wat als de elektrificatie vastloopt in politieke verdeeldheid?

‘Dan raken we economisch nog verder achterop. Mario Draghi noemde in zijn rapport zevenhonderd keer de hoge energieprijzen als oorzaak van onze tanende concurrentiekracht. De recente stijging van de olieprijzen bewijst het nogmaals: we kunnen niet afhankelijk zijn van de inkoop van dure fossiele brandstoffen.

‘We hebben hier opgewekte duurzame, goedkope energie nodig en de elektrificatie van onze samenleving speelt een belangrijke rol in die transitie. Het gaat niet alleen om concurrentiekracht: het gaat om zekerheid. Je kunt niet steeds de vragende partij zijn.’

‘En dan is er nog een kwestie waarover we veel meer zouden moeten praten: klimaatverandering. Deze zomer sterft een recordaantal mensen door de hittegolven. Onze burgers verwachten, en terecht, dat we vaart maken met duurzame energie.

‘De meeste crises verdwijnen: er komt vrede in Oekraïne, de bombardementen op Iran zullen stoppen, de relatie met de VS zal verbeteren en de concurrentiekracht wordt versterkt. Maar de klimaatverandering verdwijnt niet. We moeten de schade beperken. Dit gaat om het voorkomen van een catastrofe.’

De politieke wil lijkt te ontbreken: de Commissie morrelt zelf ook aan milieuwetten.

‘Wel, de burgers steunen ons. Kijk naar de explosieve groei van het aantal elektrische wagens. Kijk naar de grote aantallen geïnstalleerde warmtepompen. Burgers willen dat we op deze weg verder gaan, dat we dat verder subsidiëren.

‘Ik weet dat nogal wat lidstaten krap bij kas zitten. Maar ruim twintig EU-landen subsidiëren nog steeds fossiele energie en dat maakt de problemen alleen maar groter. Het is alsof je iemand met suikerziekte suiker blijft geven. Die subsidies op fossiele brandstoffen moeten zo snel mogelijk verdwijnen, dit najaar komt een voorstel daarvoor.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next