Home

De geschiedenis bepaalt wat ‘historisch’ is

Thomas Hogeling beschouwt wekelijks de publieke opinie. Wat wordt er gezegd en vooral niet gezegd? Deze week: niet alles wat nog nooit eerder is gebeurd telt als record.

Vroeger gebeurde er voor mijn gevoel bijna nooit iets historisch. In mijn vroege jeugd viel de Berlijnse Muur, dat was een ding. Dan had je nog Nevermind van Nirvana, die ene goal van Dennis Bergkamp, 9/11, de dood van Lady Diana, de eerste Fiat Multipla, een dansende banaan op Hyves en dat was het wel zo’n beetje. 

Tegenwoordig krijg je het idee dat er voortdurend historische dingen gebeuren. Met name kijkers van het WK voetbal wordt te pas en te onpas voorgehouden dat zij getuige zijn van iets heel bijzonders. Zo wist een Britse commentator tijdens Noorwegen – Engeland te melden dat middenvelder Jude Bellingham met zijn 23 jaar de op een-na-jongste speler is die in twee opeenvolgende knock-out wedstrijden op een WK een doelpunt wist te maken. Dankzij die prestatie zou hij voortaan in de geschiedenisboeken Pelé vergezellen, die blijkbaar hetzelfde presteerde op zeventienjarige leeftijd.

Het hoort bij een steeds commerciëlere voetbalwereld. Fans betalen een fortuin voor tv-abonnementen en wedstrijdtickets, die willen waar voor hun geld. Ze willen een unieke ervaring; getuige zijn van iets wat nog nooit is gepresteerd, iets episch bijwonen. De uitbaters van al dat voetbal helpen daar graag bij door de gekste dingen als record aan te merken. De simpele regel lijkt: als het nooit eerder is gebeurd, gaat het rechtstreeks de geschiedenisboeken in. Maar doordat de vraag naar records zo enorm stijgt, ontstaat een zekere record-inflatie. 

Daarom is het tijd om in te grijpen. Er moeten regels komen voor wat een record is, opdat de échte records hun waarde niet verliezen. Ik geef graag een eerste aanzet.

Ten eerste is voor een record een gelijk speelveld nodig. Tijdens dit WK werd volgens zo’n beetje alle media bijvoorbeeld een doelpuntenrecord gevestigd; nog nooit werd zo vaak gescoord op een WK. Maar dat telt niet, want dit WK heeft meer deelnemers en dus ook meer wedstrijden. Het is dus wel het meest doelpuntrijke WK ooit, maar dat kun je geen record noemen. Anders zou je ook een wereldrecord verspringen kunnen vestigen met een hink-stap-sprong.

Ten tweede mag een record maar één variabele hebben. Hoe minder eisen eraan worden gesteld, hoe beter. Het record van Bellingham –of eigenlijk van Pelé – telt dus niet, want het gaat én om leeftijd én het moet op een WK én het moeten knock-out-wedstrijden zijn én het moeten opeenvolgende wedstrijden zijn. Dat is geen record, dat is gewoon een speler in vorm.

Ten slotte moet de prestatie passen bij het doel van de activiteit. De NOS berichtte in 2020 bijvoorbeeld over een wereldrecord darten. Je denkt dan dat iemand heel vaak achter elkaar in triple 20 heeft gegooid of iets dergelijks, maar het bleek om twee mannen te gaan die in een café in Assen 53 uur onafgebroken pijltjes hadden staan gooien. Dat is gewoon tijdverspilling, te meer omdat ze niet wisten dat twee Britten een jaar eerder al 58 uur achter elkaar hadden gedart.

En als een record dan aan die eisen voldoet, is het nog niet gezegd dat er iets historisch is gebeurd. Er zijn genoeg unieke prestaties geleverd die desalniettemin in de vergetelheid zijn geraakt. Ik herinner me dat ik in 2014 voor een krant een liveblog bijhield over het WK in Brazilië. Ik had het gewaagd een doelpunt van Miroslav Klose tegen Ghana ”historisch” te noemen, niet veel later stond een nogal strenge chef aan mijn bureau. Ik legde hem uit dat de Duitser met zijn doelpunt de Braziliaanse Ronaldo had geëvenaard op de ranglijst van WK topscorers. „Prima”, antwoordde hij, „maar zullen we de vraag of dat historisch is lekker aan de geschiedenis overlaten?”

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next