Verbindingen over water Voortdurend moeten mensen water oversteken om van A naar B te komen. Hoe doen ze dat en welke problemen doemen daarbij op? Deel 1 in een serie: de Papendrechtsebrug gaat deze vrijdag dicht wegens ‘vermoeidheidsverschijnselen’. „Maar waarom negen maanden?”
De Papendrechtsebrug (N3) is een belangrijke verbinding tussen Papendrecht en Dordrecht, en gaat vanaf 17 juli negen maanden dicht.
De brug gaat negen maanden dicht. „De gevolgen zijn voor ons ingrijpend”, zegt Cees Nugteren, rector-bestuurder van CSG De Lage Waard, een christelijke scholengemeenschap in Papendrecht. „We hebben lang op de trom geroffeld en gevraagd of dit echt nodig is, maar uiteindelijk vertrouwen we erop dat de bestuurders in deze regio alles hebben gewogen en het beste besluit hebben genomen.” Zijn school heeft besloten om tijdens de afsluiting van de Papendrechtsebrug de lessen van vijftig minuten steeds vijf minuten in te korten. Die tijdwinst maakt het mogelijk om ’s ochtends niet zoals gebruikelijk om kwart over acht te beginnen, maar om negen uur. „Zodat vooral docenten die wat verder weg wonen en aangewezen zijn op de auto, ondanks de verwachte files toch nog op tijd kunnen komen”, aldus Nugteren. „Lestijd is belangrijk voor onze leerlingen, maar als we dit niet doen, lopen allerlei dingen in het honderd en dat schaadt de continuïteit van het onderwijs. Deze maatregel geeft rust.”
De school is een van de vele instellingen, bedrijven en burgers die hun gedrag moeten aanpassen vanaf 17 juli, de eerste dag van negen maanden dat de Papendrechtsebrug voor alle verkeer gesloten zal zijn. De brug over de Beneden-Merwede werd in 1967 gebouwd en maakt deel uit van de druk bereisde N3 tussen Dordrecht en Papendrecht. De brug is toe aan renovatie, reparatie en onderhoud, zoals veel infrastructuur in Nederland die dateert van de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw. Niet alleen zijn onderdelen van deze ‘kunstwerken’ zoals ze in het jargon worden genoemd, aan het einde van hun voorziene levensduur, maar ook is het verkeer veel talrijker én zwaarder geworden, als gevolg waarvan de bruggen meer worden belast.
„Veel infrastructuur in Nederland is verouderd”, zegt Arthur Tameling in de basculekelder van de Papendrechtsebrug, met luide stem in de hol klinkende ruimte, om boven het langsrazende verkeer en het gekletter van regen uit te komen. Tameling, projectmanager bij Rijkswaterstaat: „We staan hier onder een boogbrug met veel staal dat na verloop van tijd te maken krijgt met vermoeidheidsverschijnselen. En andere elementen zoals het bewegingswerk zijn aan het einde van hun levensduur.”
De klep van de brug wordt vervangen; aan een nieuwe, veel zwaardere klep wordt gewerkt. Ook het houten rijdek in de rijweg en in de fietsbrug die ooit naast de brug is gelegd, zal worden vervangen. „Dat komt niet meer terug.” En tja, nu deze kilometer lange brug over de Beneden-Merwede dan toch negen maanden wordt gesloten, pakt Rijkswaterstaat ook andere zaken aan. „Het besturingssysteem bijvoorbeeld.” Ook het brugwachtershuisje wordt gesloopt, overbodig geworden omdat veruit de meeste bruggen in Nederland van afstand worden bediend.
De ruimte onder de Papendrechtsebrug.
Begrip hebben ondernemers, burgers en scholen zoals De Lage Waard zeker voor de noodzaak tot renovatie. Rector-bestuurder Nugteren: „Ik rijd er zelf ook wel eens overheen en als ik dan om me heen kijk, denk ik ook ‘jongens dit is een oud bruggetje en we willen natuurlijk niet dat hier ongelukken gebeuren’. We snappen dat er een inhaalslag moet worden gemaakt. We snappen het verhaal.”
Maar waarom negen maanden? Negen maanden waarin dagelijks 76.000 motorvoertuigen en vijfduizend fietsers, bromfietsers en voetgangers een alternatief moeten zoeken? Tameling: „Daar zit een groot verhaal achter.” In de regio tussen Papendrecht en Gorinchem zijn veel scheepswerven gevestigd, voor wier hoge schepen de brug jaarlijks nu al 960 keer open gaat, en die geen alternatieve vaarroute hebben. „Deze brug is hun enige uitwijkmogelijkheid”, vertelt omgevingsmanager Diana Wonnink van Rijkswaterstaat. „Ze kunnen niet omvaren.” Om die reden gaat Rijkswaterstaat elke maand een doorvaart creëren „voor de maritieme maakindustrie”. Daartoe moet een werkeiland met pontons steeds opnieuw wijken, en weer terug worden gelegd.
Projectleider Tameling: „De aanvankelijke planning was dat de brug drieënhalve maand dicht zou moeten als we alleen de klep wilden vervangen. Maar in deze negen maanden gaan we veel meer andere werkzaamheden verrichten waarvoor we in andere gevallen de brug óók regelmatig hadden moeten afsluiten. Dus: de belangen van de scheepvaart hebben een belangrijke rol gespeeld, maar er zijn ook andere redenen om, samen met de bestuurders en de belangenverenigingen in deze regio, te kiezen voor deze uitvoeringsvariant.”
De langdurige afsluiting van de brug zal een „enorme impact” hebben op de omgeving, stelt Peter van der Velden, oud-burgemeester van onder meer Bergen op Zoom, Breda en Dordrecht en sinds vorig jaar ‘ambassadeur mobiliteit van de Drechtsteden en de Rotterdamse Ruit’. En dat is nog maar het begin, want na de Papendrechtsebrug volgt de komende jaren ook nog de aanpak van de Noordtunnel, de Drechttunnel, de Verkeersbrug Dordrecht én de renovatie van de Brienenoordbrug, misschien wel de belangrijkste autobrug van Nederland. Van der Velden: „We staan aan de vooravond van een groot diner, waarvan dit nog maar de amuse is. Er zullen een aantal stevige tussengerechten volgen, om dan te geraken aan het hoofdgerecht, de afsluiting van de Brienenoordbrug.” De verkeershinder op omliggende snelwegen A15 en A16, die als omleiding dienen, zal alleen al de komende negen maanden flink toenemen, vermoedelijk met dertig tot zestig minuten.
Bestuurders in de regio zien de bui al hangen. „Je gaat iets pas missen als je het niet meer hebt en dat is bij deze brug ook zo”, zegt wethouder Joost Veldman uit Dordrecht. „We zijn gewend dat we zonder veel nadenken deze brug kunnen passeren. Dat Dordrecht een eiland is, is met alle goede verbindingen nauwelijks meer een issue. Dit project maakt dat allemaal anders. Waar ik me druk om maak is dat onze stad en alle voorzieningen daar goed bereikbaar moeten blijven.”
De infrastructurele monsterklus in Zuid-Holland moet een „kantelpunt” in het reisgedrag van omwonenden worden. Rijkswaterstaat en gemeenten hopen dat reizigers gebruik zullen maken van de vele alternatieven die vanaf komende maand worden aangeboden: waterbussen, gratis pontjes, huurfietsen, kortingsacties voor trein en bus, forensenvervoer in busjes die nu voor specifieke groepen worden gebruikt. „Ik moet zeggen dat wij een jaar geleden, toen we van deze operatie hoorden, not amused waren, onder meer omdat we het idee hadden dat er wel beleid was maar dat daarover weinig was nagedacht. Dat is nu wel gebeurd”, zegt Arno Janssen, tot voor kort wethouder in Papendrecht.
Rijkswaterstaat hoopt, onder meer via grote publiekscampagnes, op niets minder dan een „gedragsverandering bij burgers en bedrijven”, aldus Adri de Groot, directeur netwerkwerkmanagement van Rijkswaterstaat. „Als we allemaal een beetje meehelpen, hoop ik dat we deze lange periode goed doorkomen.” Ook bestuurders en ondernemers uit de regio willen daaraan meewerken.
De langdurige afsluiting van de brug zal een „enorme impact” hebben op de omgeving, denkt oud-burgemeester Van der Velden.
Of de aangeboden reisalternatieven een succes worden, „staat of valt met het gedrag van onze inwoners”, zegt Ramon Pardo, tot voor kort wethouder in Alblasserdam, namens de omliggende gemeenten. „Mensen gaan naar hun werk en denken niet meer na over hoe ze erheen reizen. Zij moeten zich bewust worden van hun gedrag en gaan nadenken ‘sluit ik aan in de file of ga ik mijn gedrag slim aanpassen’. En misschien wordt deze tijdelijke aanpassing dan wel permanent en denken mensen: ‘Ik woon maar acht kilometer van mijn werk, ik heb een elektrische scooter aangeschaft en dat bevalt me zo goed dat ik de auto helemaal niet meer nodig heb’. Zo kunnen we misschien een stukje gedragsverandering realiseren.”
Mobiliteitsambassadeur Peter van der Velden: „We gaan een zeer spannende tijd tegemoet.”