Instorting Morandi-brug In augustus 2018 stortte in het Noord-Italiaanse Genua de Morandi-brug in. Er vielen 43 doden. Giovanni Castellucci, de oud-topman van de beheersmaatschappij Autostrade per l’Italia, kreeg donderdag twaalf jaar cel. Volgens de nabestaanden is „gerechtigheid geschied”.
De Morandibrug in Genua die in augustus 2018 instortte.
„Ik voel me verantwoordelijk, maar niet schuldig.” Met die woorden schoof Giovanni Castellucci de aanklacht tegen hem voor de instorting van de Morandi-brug in Genua, op 14 augustus 2018, steeds van zich af. Er vielen die noodlottige zomerdag 43 doden in de Noord-Italiaanse havenstad. Maar volgens de rechtbank in eerste aanleg in Genua is Castellucci, op het moment van de ramp gedelegeerd bestuurder van beheersmaatschappij Autostrade per l’Italia, wel degelijk schuldig. Hij kreeg donderdag twaalf jaar cel.
In totaal stonden in Genua 57 beklaagden terecht, tegen wie de aanklager in totaal bijna vierhonderd jaar cel had gevraagd. De rechtbank heeft 32 onder hen veroordeeld en 24 verdachten vrijgesproken. Eén beklaagde stierf tijdens het proces. Volgens het openbaar ministerie zou jarenlang zijn bespaard op veiligheid en onderhoud om grotere dividenden te kunnen uitkeren, en onderschatte SPEA, een zusterbedrijf van Autostrade per l’Italia dat de controles en reparaties uitvoerde, systematisch de vastgestelde gebreken.
De verdediging sprak echter van een constructiefout tijdens de bouw van het viaduct, die tijdens controles onmogelijk detecteerbaar zou zijn geweest. Maar in de aanklacht stond dat de beheerder zelf al in 2013, in een eigen risicoanalyse, sprak van „instortingsgevaar van het viaduct wegens vertraagde onderhoudswerkzaamheden”. Autostrade per l’Italia en SPEA troffen een schikking van ongeveer 29 miljoen euro, waarna de twee vennootschappen niet langer deel uitmaakten van het proces. Individuele bestuurders, technici en ambtenaren moesten zich wel verantwoorden.
Familieleden van slachtoffers van het drama rond de Morandi-brug bezochten de rechtbank voor de uitspraak tegen de beklaagden.
Gezien het hoge aantal beklaagden, de tientallen doden en de grote emotionele beladenheid werd het proces beschouwd als een van de belangrijkste rechtszaken ooit in Italië. „Toen het vonnis werd voorgelezen kon je in de rechtbank een speld horen vallen. Gerechtigheid is geschied, de magistraten hebben uitstekend werk verricht en ik ben trots dat ik voor mijn broer ben opgekomen”, reageert nabestaande Emmanuel Diaz Henao (35) telefonisch. Hij verloor zijn dertigjarige broer Henry, een student ingenieurswetenschappen, en heeft jarenlang elke zitting van het proces over de Morandi-brug bijgewoond.
Behalve voor Castellucci sprak de rechtbank ook jarenlange gevangenisstraffen uit voor andere oud-bestuurders. Zo kreeg Michele Donferri Mitelli, nog een voormalige topman van Autostrade per l’Italia, elf jaar cel. Hij was verantwoordelijk voor onderhoud. Oud-bestuurder Paolo Berti kreeg vijf jaar en zes maanden. Antonino Galatà, voormalig gedelegeerd bestuurder van SPEA, het zusterbedrijf van Autostrade per l’Italia, werd ook veroordeeld tot vijf jaar en zes maanden. Het gaat om veroordelingen in eerste aanleg, beroep is mogelijk.
Castellucci en Berti zitten echter al in de cel, voor een effectieve veroordeling wegens een andere dodelijke ramp in 2013 in het Zuid-Italiaanse Avellino. Daar stortte een bus van een viaduct nadat hij de vangrails had doorbroken. Er vielen veertig doden. In deze zaak oordeelde de rechtbank dat de vangrails niet voldeden aan de vereiste veiligheidsnormen.
Toen de Morandi-brug in Genua instortte, was het beheer ervan in handen van Autostrade per l’Italia, op dat moment nog een privaat bedrijf. Autostrade per l’Italia werd nadien verkocht, waarmee de Italiaanse overheid weer grotendeels verantwoordelijk werd voor het beheer van meer dan drieduizend kilometer tolwegen. Dat moederbedrijf Atlantia toen hiervoor een slordige 8,2 miljard euro kreeg, veroorzaakte opnieuw een schok bij de publieke opinie.
Familieleden van slachtoffers reageerden emotioneel op de veroordeling van de beklaagden.
De belangrijkste aandeelhouder van Atlantia – dat inmiddels Mundys heet – is de familie Benetton, bekend van het Noord-Italiaanse kledingmerk. Na de ramp kregen de Benettons bakken vol negatieve publiciteit, maar ze werden zelf niet als verdachte aangemerkt.
Paola Vicini (60), die bij de instorting van de Morandi-brug haar zoon Mirko verloor, heeft gemengde gevoelens bij het vonnis van de rechtbank. „Ik had op hogere gevangenisstraffen gehoopt, er vielen tenslotte 43 doden”, zegt Vicini telefonisch. Haar zoon was die ochtend aan het werk voor het gemeentelijke afvalbedrijf, pal onder de brug, en raakte bedolven onder het puin. „Maar ik ben wel opgelucht dat nu tenminste de hele wereld weet wie hiervoor schuldig is, en dat de slachtoffers niet zijn verongelukt maar zijn gedood.”