Spaanse amnestiewet In ruil voor de steun van twee Catalaanse partijen introduceerde premier Sánchez in 2023 een omstreden amnestiewet. De straffen van ruim driehonderd separatisten werden kwijtgescholden. Het EU-Hof deed donderdag uitspraak over de vraag of de wet verenigbaar is met Europees recht. Vier vragen over de zaak.
Mensen zwaaien in september 2025 met Esteladas (Catalaanse separatistenvlaggen) tijdens een demonstratie op de Catalaanse nationale feestdag ‘La Diada’ in Barcelona.
De Spaanse amnestiewet uit 2023, die de straffen van Catalaanse separatisten kwijtschold, is niet in strijd met het EU-recht. Dat heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie in Luxemburg donderdag bepaald. Die uitspraak maakt de weg vrij om ook amnestie te verlenen aan de laatste tientallen separatisten die daar nog op wachten, omdat de Spaanse justitie twijfels had over hun zaak.
Het gaat onder meer om de nog altijd voortvluchtige voormalige Catalaanse president Carles Puigdemont. Hij wordt verdacht van de verduistering van publieke gelden, daarom is zijn amnestieverzoek tot dusver afgewezen. Vier vragen over de amnestiewet en het vonnis.
Op 1 oktober 2017 organiseerde de toenmalige Catalaanse regering een illegaal onafhankelijkheidsreferendum. Zes jaar later wordt de strafrechtelijke, administratieve en financiële aansprakelijkheid van de separatisten die betrokken waren bij de voorbereidingen van het referendum opgeheven middels een aangenomen amnestiewet. Die wet – een van de meest controversiële in de recente geschiedenis van Spanje – is met terugwerkende kracht van toepassing op handelingen rondom het Catalaanse onafhankelijkheidsstreven tussen 1 november 2011 en 13 november 2023.
Niet alle handelingen komen in aanmerking voor amnestie: de wet sloot enkele zware misdrijven expliciet uit. Separatisten die zich schuldig hebben gemaakt aan gewelddadige misdrijven, terrorisme of persoonlijke verrijking, komen niet in aanmerking voor kwijtschelding van hun straf. In totaal kwamen zo’n vierhonderd personen voor de amnestie in aanmerking, van hoge politici tot politieagenten en demonstranten.
Na de parlementsverkiezingen in 2023, gewonnen door de socialistische PSOE, was partijleider Pedro Sánchez op zoek naar een coalitie. De Catalaanse onafhankelijkheidspartijen ERC en Junts per Catalunya – de partij van Puigdemont – stelden volledige amnestie als harde eis voor hun steun. Dat bracht Sánchez in een lastig parket, omdat hij zich eerder fel had uitgesproken tegen het kwijtschelden van de straffen. Maar om de coalitie – en daarmee zijn premierschap – te redden, ging hij toch overstag.
Sánchez presenteerde de amnestiewet als een middel om de al jaren gespannen relatie tussen Madrid en Catalonië te verbeteren. In 2024 nam het Spaanse parlement de wet met een kleine meerderheid aan, maar de ophef bleef groot. De conservatieve oppositiepartij Partido Popular (PP) betichtte Sánchez ervan de deal alleen te hebben gesloten om zelf aan de macht te komen en ging in beroep. De PP kreeg geen gelijk van de hoogste rechter: in de zomer van 2025 keurde het Constitutioneel Hof de wet goed, met zes stemmen voor en vier stemmen tegen.
De uitspraak van het EU-Hof volgt op vragen van de Spaanse Rekenkamer en het Spaanse Nationale Gerechtshof in Madrid over de toepassing van de wet in enkele specifieke zaken. De Rekenkamer vroeg het Hof om advies over de vraag of het opheffen van financiële aansprakelijkheid wel verenigbaar is met het EU-recht, omdat het gebruik van overheidsmiddelen voor activiteiten van de onafhankelijkheidsbeweging in strijd lijkt met de economische belangen en strenge anti-corruptiewetgeving van de EU. De Audiencia Nacional twijfelde of de terrorismedefinitie binnen de amnestiewet wel overeenkwam met de Europese.
Het EU-Hof antwoordt donderdag ja op beide vragen. Volgens de rechters is de amnestiewet niet in strijd met de financiële belangen van de EU en ook niet met de Europese anti-terorismerichtlijn.
Meerdere separatisten wiens amnestieverzoek net als dat van Puigdemont is afgewezen, hebben beroep aangetekend bij het Constitutioneel Hof in Spanje. Dit Hof heeft gezegd het vonnis van het EU-Hof af te wachten voor zelf uitspraak te doen in de beroepszaken. Betrokkenen bij de Catalaanse onafhankelijkheidsbeweging hopen dat het Europese vonnis betekent dat de straffen van Puigdemont en anderen die betrokken waren bij de verduistering van publieke gelden voor de onafhankelijkheidsbeweging, nu wel kwijtgescholden kunnen worden – mits die verduistering niet voor persoonlijke verrijking was.
Ook de straffen van leden van actiegroepen die na het referendum alsnog probeerden afscheiding af te dwingen, zouden door deze uitspraak alsnog kwijtgescholden kunnen worden. Het Nationaal Gerechtshof in Spanje twijfelde of ze deze acties wel of niet als terrorisme moest bestempelen en zal hier binnenkort ook definitief uitspraak over doen.