Terwijl onze vier vaste columnisten Barry Baltus, Collin Veijer, Jeffrey Buis en Loris Veneman genieten van een welverdiende zomerstop, neemt Evert Slager de komende donderdagen de honneurs waar. In een persoonlijke column laat hij zijn licht schijnen op de actuele ontwikkelingen binnen de motorsport. Hieronder deel 1: Waarom Ai Ogura de gevaarlijkste man voor Marc Márquez is.
Wie denkt dat Jorge Martín de grootste uitdager van Marc Márquez is, kijkt vooral naar de WK-stand. Wie de races écht bekijkt, ziet iets anders. Wat mij betreft is er op dit moment maar één coureur die Márquez serieus pijn kan doen in de strijd om de MotoGP-wereldtitel van 2026: Ai Ogura.
Dat klinkt misschien als een gedurfde conclusie, maar het wordt met de week eenvoudiger om die te onderbouwen. Marc Márquez blijft de maatstaf in de MotoGP. Na zijn indrukwekkende rentree bewees hij vorig seizoen opnieuw waarom hij tot de grootste coureurs aller tijden behoort. Toch zijn het dit jaar niet Jorge Martín, Marco Bezzecchi of Fabio Di Giannantonio die mij het meest imponeren, maar de jonge Japanner Ai Ogura. En dat zegt veel.
Natuurlijk springen de resultaten direct in het oog. Zijn overwinning in Assen was geen toeval en ook de tweede plaatsen in Tsjechië en Duitsland kwamen niet uit de lucht vallen. Maar cijfers vertellen lang niet het hele verhaal. Wie goed kijkt, ziet vooral hoe snel Ogura zich ontwikkelt en waarom hij nu al structureel meedoet om de prijzen.
In de huidige MotoGP zijn er nog maar weinig onderdelen waarop een coureur écht zelf het verschil kan maken. De elektronica is tot in detail ontwikkeld, de motoren liggen dicht bij elkaar en werkelijk alles wordt geanalyseerd. Juist daarom vallen uitzonderlijke kwaliteiten des te meer op. Remmen en insturen zijn nog altijd disciplines waarin puur talent het verschil maakt.
En laat dat nu precies het handelsmerk van Marc Márquez zijn.
Jarenlang zagen we hoe Márquez zijn concurrenten verraste met ogenschijnlijk onmogelijke inhaalacties. Later remmen dan de rest, de motor op het laatste moment de bocht in gooien en tóch de apex halen. Dat is geen kunstje dat je eenvoudig aanleert, maar een uitzonderlijke kwaliteit die slechts weinig coureurs bezitten.
Steeds vaker zie ik precies die eigenschap terug bij Ogura. Zijn Aprilia lijkt moeiteloos de bocht in te vallen. Geen overdreven spectaculaire acties, maar een vloeiende rijstijl met een fenomenale controle over de achterrem. Juist bij het remmen en insturen kunnen coureurs tegenwoordig nog écht het verschil maken. Op dat moment is er geen elektronisch hulpmiddel dat de rijder helpt; daar draait alles om gevoel, timing en talent. Precies dát is al jaren één van de grootste wapens van Marc Márquez en precies daar blinkt Ogura nu ook in uit. Alles oogt rustig, gecontroleerd en efficiënt. Hij forceert niets, maar is ondertussen wel razendsnel.
Ik vermoed dan ook dat Marc Márquez heel goed weet wie hij momenteel het scherpst in de gaten moet houden.
Over enkele weken hervat de MotoGP het seizoen op Silverstone. Een circuit dat historisch gezien uitstekend bij de Aprilia past en waar Ogura zomaar opnieuw kan toeslaan. Lukt hem dat, dan krijgt niet alleen de WK-stand een ander gezicht, maar veranderen ook de mentale verhoudingen binnen deze titelstrijd.
Márquez zal daar ongetwijfeld rekening mee houden. Net als voorafgaand aan b.v. Assen zal hij zijn verwachtingen voor Silverstone waarschijnlijk weer wat temperen. Tegelijkertijd weet hij ook dat daarna MotorLand Aragón wacht, naast de Sachsenring misschien wel zijn sterkste circuit van de hele kalender.
Juist daarom kijk ik met zoveel belangstelling uit naar deze eerste twee Grand Prix weekenden na de zomerstop. Niet alleen vanwege de punten, maar vooral omdat ze antwoord kunnen geven op een veel interessantere vraag.
Kan Ai Ogura zijn indrukwekkende reeks een vervolg geven? Of kijken we inmiddels naar de enige coureur die Marc Márquez kan verslaan met precies dezelfde wapens waarmee Márquez jarenlang zelf onverslaanbaar was? Als dat laatste inderdaad het geval blijkt te zijn, staat ons een tweede seizoenshelft te wachten waar iedere MotoGP liefhebber direct voor zou tekenen.
Tot volgende week
Evert Slager.
Eerdere columns in 2026
15. Column | Jeffrey Buis: “Ik ben tevreden, maar de reglementen maken het ons niet makkelijk”
14. Column | Collin Veijer: “Accepteren om de volgende stap te kunnen maken”
13. Column | Loris Veneman: “Hier in Misano weer meedoen voor het podium”
12. Column | Barry Baltus: “Opnieuw bouwen aan vertrouwen”
11. Column | Jeffrey Buis: “Assen gaf vertrouwen, nu kijken wat Most ons brengt”
10. Column | Collin Veijer: “We beginnen in Le Mans weer gewoon op nul”
9. Column | Loris Veneman: “De snelheid was er in Assen, alleen in de races zat het een beetje tegen”
8. Column | Barry Baltus: “Terug waar ik hoor te zijn”
7. Column | Jeffrey Buis: “Assen is altijd speciaal, ik kijk uit naar mijn thuisweekend”
6. Column | Collin Veijer: “Soms leer je het meest van momenten waarop het fout gaat. Austin was er zo één”
5. Column | Loris Veneman: “Een nieuwe klasse en meteen prijs”
4. Column | Barry Baltus: “Het gevoel is er, nu het resultaat nog”
3. Column | Jeffrey Buis: “Nieuwe klasse, nieuwe motor, maar hetzelfde doel”
2. Column | Collin Veijer: “Een top vijf is goed… maar ik wil winnen”
1. Column | Loris Veneman: Wennen aan iets nieuws, maar het gevoel is goed