De bureaucratie bij de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) moet worden aangepakt door het takenpakket te reduceren en de wetenschapsfinanciering anders in te richten. Alleen zo krijgen onderzoekers meer duidelijkheid – en kans op financiering.
Het zal velen ontgaan zijn, maar onlangs mocht de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) zichzelf weer op de borst kloppen met een positieve periodieke evaluatie voor haar rol als belangrijkste Nederlandse wetenschapsfinancier. Blijkbaar draagt NWO met ‘transparante beoordelingsprocedures’ bij aan een gezonde onderzoekscultuur. Het is een wonderlijke conclusie voor een organisatie die al jaren wordt bekritiseerd om haar tijdrovende, bureaucratische en vooringenomen beoordelingsprocessen.
Mogelijk zijn de uitkomsten van dit onderzoek iets gestuurd door het feit dat slechts 28 van de 114 geïnterviewden subsidieaanvragers waren – oftewel klanten van het systeem. Saillant detail is dat 55 procent van de geïnterviewde wetenschappers tevreden klanten waren die recentelijk een subsidie hebben ontvangen, terwijl het slagingspercentage bij NWO rond de 25 procent ligt. Met de duizenden subsidieaanvragen die NWO per jaar verwerkt, zou het niet moeilijk moeten zijn om een representatieve groep wetenschappers te vinden.
Over de auteur
Niels Ligterink is universitair docent planeetwetenschappen aan de Technische Universiteit Delft.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Twijfels over vraagstellingen en methoden terzijde: er is nogal wat recht te zetten over hoe het NWO-subsidiesysteem in de praktijk wordt ervaren door wetenschappers. Zo heeft NWO de indruk dat ieder probleem opgelost kan worden met meer regels en documentatie. Het is immers transparant als alles op papier staat. Dat het aanvragen van financiering hierdoor een gecompliceerde opgave wordt, is bijzaak. Dat vrijwel iedere Nederlandse universiteit tegenwoordig enkele tientallen subsidieadviseurs in dienst heeft om wetenschappers door deze processen te loodsen, wordt niet gezien als een signaal dat er iets mis is.
Deze bureaucratie gaat hand in hand met inefficiëntie en traagheid. Van voorbereiding tot financiering van een voorstel duurt het vaak meer dan twaalf maanden. Daarnaast heeft het systeem geen geheugen: afgewezen subsidieaanvragen moeten weer van voren af aan beginnen met het hele proces. Oftewel, het subsidiesysteem van NWO kan niet snel schakelen om de meest impactvolle onderzoeksideeën snel uit te voeren, maar biedt wetenschappers ook geen langetermijnperspectief.
Een subsidie loskrijgen bij NWO wordt door academici vaak gezien als een loterij. De hoogste bestuurder van NWO, Marcel Levi, is het daar pertinent mee oneens en stelt dat zijn organisatie aanvragen selecteert op kwaliteit en excellentie. Ondanks deze stellige mening laat onderzoek zien dat beoordelaars die dezelfde voorstellen lezen het structureel oneens zijn. Objectieve beoordelingscommissies lijken een fantasie en deze mensen zijn, net als iedereen, gevoelig voor subjectieve interpretaties van de regels, de grootste schreeuwer aan tafel of het selectief opkomen voor voorstellen die verwant zijn aan hun eigen vakgroep. In beoordelingsrapporten is dit effect het best zichtbaar in het vaak gelezen zinnetje dat ‘het voorstel niet overtuigde’. Vertaling: ik heb de voorkeur gegeven aan een andere aanvraag, zonder dat daar echt een onderbouwing voor is.
Ondanks de stroeve relatie met NWO zijn wetenschappers wel aangewezen op deze financier die binnen Nederland het meeste onderzoeksgeld in beheer heeft. Zeker na de bezuinigingen op onderwijs en wetenschap van de afgelopen jaren loopt het storm bij NWO en is de aanvraagdruk toegenomen. Op typische NWO-wijze wordt deze situatie aangepakt door extra bureaucratie toe te voegen. NWO ziet graag dat onderzoeksinstellingen zelf meer voorselecties uitvoeren om de instroom van aanvragen te verminderen – een gemakkelijke manier om het takenpakket uit te besteden.
Althans, dat zou je op het eerste gezicht zeggen, maar misschien zit NWO hier met een kleine aanpassing wel op het goede spoor. Als universiteiten toch gaan bepalen wie überhaupt een aanvraag mag indienen, kunnen zij ook zelf de financiering intern verdelen. Oftewel, de wetenschapsfinanciering weer terug naar de eerste geldstroom. Ondanks dat zo’n intern systeem mogelijk vergelijkbare gebreken kent als dat van NWO, is het wel beter aanspreekbaar, wat snel ingrijpen en verbeteren mogelijk maakt. Zelfs als er geen verschil is in hoe wetenschappers de twee systemen ervaren, worden in ieder geval een aantal lagen bureaucratie weggesneden, kosten bespaard en tijd gewonnen.
Oftewel, snij in NWO om wetenschap te laten bloeien. Ondanks de vele evaluaties – waarvan sommige vreemd genoeg positief zijn – en de adviestafels slaagt NWO er maar niet in haar processen te verbeteren en in dienst te stellen van wetenschappers. Daarom is het tijd dat wetenschappers, politici en de samenleving zelf scherpe keuzes maken om ons wetenschapsfinancieringssysteem in te richten op een manier die wel werkt voor onderzoekers.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant