Onderwijs De Hogeschool Utrecht probeert het beeld te kantelen dat ICT studeren geen nut meer heeft omdat programmeurs vervangen worden door AI. Studenten leren hoe ze met software echte problemen oplossen, die worden aangedragen door opdrachtgevers.
Nick Netsounski, student technische informatica aan de Hogeschool Utrecht, probeert een robot aan de praat te krijgen in het Turing Lab van het Institute for ICT.
Studenten van de Hogeschool Utrecht ontwikkelden voor defensie een prototype van een digitale oefenomgeving waarin militairen kunnen experimenteren met het plaatsen van mijnen en andere versperringen om vijandelijke troepen te vertragen. Voor de gemeente Nieuwegein bouwden ze een simulatiemodel dat laat zien hoe een andere inrichting van de openbare ruimte kan helpen om hittestress en wateroverlast tegen te gaan. En voor oogspecialisten maakten ze een hulpmiddel om oogtesten af te nemen bij dementiepatiënten die zelf niet goed meer kunnen vertellen wat ze zien.
Het zijn projecten waarbij je niet meteen denkt aan een ICT-opleiding. Toch zijn ze allemaal ontwikkeld door studenten van het Institute for ICT van de hogeschool. Het beeld dat een ICT’er iemand is die de hele dag ‘code zit te kloppen’ is hardnekkig, zegt directeur Anita Bosman. „ICT is ook leuke zorgrobotjes voor het ziekenhuis maken. Het is best een brede studie.”
Het kabinet presenteerde afgelopen vrijdag de ‘Talentstrategie’, een plan om de welvaart van Nederland ook in de toekomst op peil te houden. Daarin staat dat meer mensen moeten worden opgeleid voor een aantal ‘cruciale domeinen’ voor de economie, waaronder digitalisering en AI. Volgens het kabinet is sprake van een ‘mismatch’ tussen de studiekeuzes die jongeren maken en de banen waarvoor ze nodig zijn. Om jongeren te enthousiasmeren voor deze beroepen, moeten de opleidingen allereerst aantrekkelijker worden.
Gera Pronk (links), docent technische informatica, geeft les aan ICT-studenten van de Hogeschool Utrecht.
Bij het Institute for ICT zijn ze daar al mee bezig. Dat was ook noodzaak, want het gaat al een tijdje niet goed met de studentenaantallen bij ICT-opleidingen in het hbo. Vorig jaar meldden zich gemiddeld 13 procent minder studenten aan. Volgens Anita Bosman komt dat doordat op de havo het aantal scholieren met een bètaprofiel daalt. Daardoor kiezen jongeren minder vaak voor een technische studie. Wat ook sterk meespeelt, zegt ze, zijn berichten in de media dat programmeurs door AI vervangen gaan worden. „Op onze open dagen vragen ouders: heeft het nog wel zin om ICT te gaan studeren?”
Volgens Bosman zijn ICT’ers belangrijker dan ooit. Eind 2025 stonden in Nederland meer dan vijftienduizend ICT-vacatures open. De verwachting is dat dit tekort nog veel verder zal oplopen, tot mogelijk meer dan honderdduizend ICT’ers in 2030.
„Wat wel zo is: sommige werkgevers nemen minder junior medewerkers aan”, zegt Bosman. Dat komt doordat werkgevers minder op zoek zijn naar mensen die programmeercode schrijven. Dat deel van het werk kan deels worden overgenomen door AI. Softwareontwikkelaars besteden tegenwoordig meer tijd aan het begrijpen van de vraag áchter het probleem dat ICT moet oplossen, vertelt ze. Zij overleggen met opdrachtgevers en controleren of de software die door AI wordt gegenereerd, doet wat-ie moet doen.
Maurice Limmen, voorzitter van de Vereniging Hogescholen, nam vorige week een kijkje bij het Institute for ICT. Volgens hem lopen de ICT-opleidingen voorop bij het aanpassen van hun onderwijs. Hij vindt het mooi hoe ze daarbij samenwerken. „Je bent er niet alleen voor je eigen hogeschool, maar ook om elkaar beter te maken”, zegt hij. Bosman is het met hem eens. „Wij zien elkaar niet als concurrenten, wij zien elkaar echt als partners in crime.”
In het Turing Lab van het Institute for ICT, onderdeel van de Hogeschool Utrecht, werken studenten aan opdrachten en projecten. Bij technische Informatica leren ze hoe ze software ontwikkelen, en hoe de onderliggende hardware werkt. Daarbij bouwen en testen ze zelf elektronische systemen, bijvoorbeeld door componenten op printplaten te solderen.
Een misverstand dat Bosman wil rechtzetten is dat je een bèta moet zijn om ICT te studeren. „Ook als je geen wis- of natuurkunde hebt gedaan kun je bij ons studeren.” De Hogeschool Utrecht heeft de instroomeisen voor de studie versoepeld. Alle profielen op de middelbare school geven nu toegang.
„Wiskunde is handig, maar niet noodzakelijk”, zegt Nick Netsounski (20). Hij was er op de middelbare school niet goed in. Toch studeert hij nu technische informatica. De tweedejaars student zit in het Turing Lab, een praktijklokaal vol computers, soldeertafels en elektronica. Hij ging ICT studeren omdat hij „iets creatiefs” wilde doen. Op zijn beeldscherm staat een simulatie van een stuwmotor van een raket. De opdracht is om die stabiel op één punt te laten hangen. „Je krijgt hier echt de tijd om dingen te onderzoeken”, zegt hij.
Wat hem ook aanspreekt, is de manier waarop het onderwijs wordt gegeven. Het Institute for ICT is afgestapt van losse vakken en tentamens. Er wordt alleen nog praktijkgericht onderwijs gegeven. „Studenten werken in kleine teams aan projecten. Ze verzinnen oplossingen voor echte problemen die worden aangedragen door het bedrijfsleven en de overheid”, vertelt Bosman. De opleiding werkt samen met zo’n zestig partners.
Softwarebedrijf Info Support is daar een van. Het bedrijf begeleidt dit jaar veertig afstudeerders van verschillende hogescholen en nam de afgelopen maanden 35 jonge ICT’ers aan. Volgens directeur Mirjam Lemaire verandert het werk van softwareontwikkelaars ingrijpend door AI. „Software development is niet hetzelfde als programmeren”, zegt ze. „Dat is het jaren niet meer en dat wordt het nu nog minder.”
Daan Harms (22), net afgestudeerd aan het Institute for ICT, kan dat beamen. Hij begon als tiener met programmeren. „Die voorkennis heeft mij eigenlijk alleen het eerste half jaar van de studie geholpen”, zegt hij. Ook hij kwam erachter dat software ontwikkelen over meer gaat dan alleen code schrijven. „Ik zie het als een puzzel”, zegt hij. „Hoe los ik complexe problemen op met software?”
Hij deed zijn afstudeerproject bij Info Support. Daar ontwierp hij een systeem dat bedrijven kunnen gebruiken als ze verschillende softwareprogramma’s naast elkaar gebruiken. „Mijn opdracht was om een applicatie te maken die daar tussenin hangt”, zegt hij. „Die zorgt ervoor dat gegevens uit verschillende systemen automatisch gesynchroniseerd worden.” Na de zomervakantie treedt hij in dienst bij Info Support.