Farmaceuten en fabrikanten van medische hulpmiddelen hebben in 2025 96,5 miljoen euro betaald aan zorgmedewerkers en organisaties. Dat is 3 procent meer dan een jaar daarvoor.
is datajournalist van de Volkskrant en analyseert en schrijft over het nieuws in cijfers.
Ruim driekwart van de miljoenen (73,7 miljoen euro) komt van medicijnmakers, 22,5 miljoen van leveranciers van hulpmiddelen (denk hierbij aan protheses, insulinepompen en pacemakers). De overige 280 duizend euro komt voor rekening van de diergeneeskunde.
De leveranciers sponsoren bijeenkomsten en projecten bij zorgorganisaties, en betalen individueel zorgpersoneel voor dienstverlening: bijvoorbeeld presentaties, zitting nemen in een adviesraad en consultancy. Dit blijkt uit nieuwe cijfers van het Transparantieregister Zorg, dat sinds 2012 bestaat.
Begin deze eeuw begon de kritiek op de ‘cadeaucultuur’ tussen de farmaceutische industrie en artsen steeds luider te klinken. ‘Geen trips meer naar luxe golfresorts of verblijven in zeer luxueuze hotels’, schreef de Raad voor Volksgezondheid en Zorg in 2008.
Nu ligt in gedragscodes van de sector vast dat alle financiële relaties tussen zorgverleners en leveranciers van meer dan 500 euro per jaar opgenomen moeten worden in dit register. Relatiegeschenken zijn sowieso niet meer de bedoeling, tenzij ze minder dan 50 euro kosten en bijdragen aan de patiëntenzorg.
Zorgverleners weten soms niet dat ze een doelwit zijn voor beïnvloeding, zegt een woordvoerder van het Transparantieregister. Op de site hoeblijfikonafhankelijk.nl kunnen zij nagaan of hier sprake van is.
Het meeste geld, 82 procent, gaat naar organisaties zoals ziekenhuizen, onderwijsinstellingen en wetenschappelijke stichtingen en verenigingen. Patiëntenorganisaties ontvingen iets minder dan 5 miljoen euro en individuele zorgmedewerkers kregen 9 miljoen euro. Internisten ontvingen met 1,5 miljoen euro het meest, gevolgd door cardiologen en chirurgen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant