Home

Dat lijkt me een goede definitie van de Europeaan: een kapotte Amerikaan

De zoon ging naar Vlieland, de vader ging terug naar New York, het afscheid vond plaats in restaurant Rondo in Amsterdam. Drama’s bleven uit, al mocht ik de jongen wel naar zijn nabijgelegen huis tillen, wat ik graag deed, want voor je het weet moet je zelf worden getild.

Voor ik terugkeerde naar het centrum van de wereld zou ik in de Schuur in Haarlem nog spreken met vier deskundigen over geloof en ongeloof en wat daartussenin zit. Bij gebrek aan betere benamingen noemen we dat maar: spiritualiteit.

Zeg mij wat u zoekt en ik zeg u wie u bent. De godzoekers, de roemzoekers, de geldzoekers, de sekszoekers, de gezondheidszoekers en de gezelligheidszoekers.

Treurig wordt het als je stuit op mensen die niets zoeken of die zeggen: ‘Wat ik zoek is dat alles blijft zoals het is.’ Waarmee gezegd is, her en der zijn er altijd ook mensen die de dood zoeken, al is het maar stilstand bij wijze van proloog.

Toen ik New York bereikte was de hittegolf over zijn hoogtepunt heen. We hadden de 40 graden gehaald. Iemand zei tegen me: ‘We oefenen voor het vagevuur.’ Een ander merkte op dat ik zo Europees was, omdat ik mij beperkte tot ventilatoren in plaats van airco. Maar de airco was vooral kapot. Dat lijkt me overigens een goede definitie van de Europeaan: een kapotte Amerikaan.

In Central Park beoefende ik de kunst van het frisbeeën. Het gras lag er goed bij. Verderop werd gehonkbald, ze zochten nog een speler.

Vanuit Vlieland kwamen berichten van de zoon, hij had de golven getrotseerd en snoep en ijs gegeten. Ik kan het woord ‘snoep’ niet meer horen, maar snoepzoekers heb je natuurlijk ook.

Een jongeman, half ontbloot, begon te trainen met een rugbybal in zijn hand.

De kapotte Amerikaan frisbeede voort.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next