Onderwijs Voor de eerstejaarsstudenten van ROC Albeda is een van de belangrijkste onderdelen van hun studie aangebroken: de stage. Meestal zonder vergoeding, want kleine werkgevers zien het zo: „Als jij weggaat, heb ik jou iets van waarde gegeven: kennis.”
Mentor Chaima Tannouj (links) in gesprek met Fehmi Karaaslan (rechts), eigenaar van AFK Administratiekantoor & Belastingadvies in Rotterdam, over de stage van Kubra (midden), eerstejaars student Finance & Control bij ROC Albeda.
Met een verlegen glimlach staat mbo-student Kubra (18) in het kantoor aan de Groene Hilledijk in Rotterdam waar ze stage loopt. Ze verwelkomt haar mentor, Chaima Tannouj, die langskomt om tussentijds te evalueren. „Hallo, goedemiddag, hoe gaat het met u? Wilt u wat drinken?”, vraagt de student. Haar werkgever biedt de mentor een stoel aan. „Chaima, fijn om je weer te zien”, zegt hij. „Ga zitten. Ik heb lekkere koffie.”
NRC volgde dit studiejaar een eerstejaarsklas van ROC Albeda in Rotterdam. De studenten van Finance & Control, een opleiding op mbo-niveau 4, worden in drie jaar klaargestoomd voor administratieve en financiële functies. Het studiejaar loopt nu ten einde. Sinds april lopen ze drie dagen per week stage. De andere twee dagen gaan ze naar school. Hoe komen ze aan een stageplek? Wat leren ze? En: krijgen ze een vergoeding?
Kubra had geluk. De mentor stuurde een bericht in de groepsapp van de klas: AFK Administratiekantoor & Belastingadvies zocht een stagiair. Had iemand interesse? Het is een klein kantoor, met naast eigenaar Fehmi Karaaslan één vaste medewerker.
De werkgever is lovend over Kubra. Ze begon met meekijken, maar inmiddels kan ze zelf facturen opstellen en boekingen corrigeren. „Ze doet echt haar best om het te begrijpen en initiatief te tonen”, zegt hij. Als sterke punten noemt hij haar ordelijke manier van werken en haar omgang met klanten. Hij durft haar alleen achter te laten in het kantoor als hij naar een afspraak moet.
Voor Kubra bevestigt de stage dat ze de juiste richting heeft gekozen. Na haar mbo-diploma wil ze de studie op hbo-niveau voortzetten. Trotst is ze op haar zelfstandigheid. „Als je in de eerste week tegen me had gezegd: ik ben er straks even niet, dan was ik wel een beetje in paniek geraakt. Nu kun je gerust weg.”
Ze geeft toe dat één ding haar nog moeite kost: bellen. Ook andere studenten vinden dat spannend, zegt de mentor, maar ze moeten het wel leren, ze doen daar volgend schooljaar zelfs examen in. Op school krijgen ze niet alleen vakken als bedrijfseconomie en bedrijfsadministratie, maar oefenen ze ook met ‘werknemersvaardigheden’, zoals telefoongesprekken voeren, zakelijk e-mailen, vergaderen, samenwerken en plannen. En ze leren hoe ze boekhoudprogramma’s moeten gebruiken.
Er is ook aandacht voor beroepsethiek. Docent Anis Berber legt kort voor de studenten op stage gaan in de klas uit wat ‘integriteit’ is. Hij vertelt over bedrijven die ten onder gingen aan „creatief boekhouden”. „Integriteit betekent dat je het juiste moet doen, ook als je privé in een moeilijke situatie zit”, zegt hij. „Bijvoorbeeld als je baas je vraagt om even de andere kant op te kijken als iets niet klopt in de boekhouding.” In dit beroep is integriteit even belangrijk als vakkennis, zegt hij.
Bijna de helft van de mbo-studenten blijft werken bij hun stagebedrijf, blijkt uit onderzoek dat Ipsos I&O deed voor de MBO Raad. Dat perspectief lonkt ook voor Kubra. Als ze zich verder ontwikkelt, ziet Karaaslan haar volgend schooljaar graag terug voor een tweedejaarsstage. Op de lange termijn ziet hij mogelijk zelfs een toekomst voor haar binnen zijn groeiende bedrijf. „Ze is een goede versterking van ons team.”
Ondanks die tevredenheid kan hij haar geen stagevergoeding bieden, zegt hij. „Ik kijk er zo naar: jij hebt wat aan mij, doordat jij van mij kunt leren. En ik heb iets aan jou als arbeidskracht. Als jij hier weggaat, heb ik jou iets van waarde gegeven: kennis.”
Toch zal hij in de toekomst iets moeten betalen aan stagiairs. Minister Rianne Letschert (Onderwijs, D66) kondigde begin juli aan dat alle studenten die stage lopen tijdens hun opleiding wettelijk recht krijgen op een vergoeding, ook mbo’ers. Wel wil ze voorkomen dat werkgevers om financiële redenen geen stages meer aanbieden. Daarom legt ze geen minimumbedrag vast en laat ze de hoogte van de vergoeding bepalen door de sectoren.
Op het mbo krijgen studenten minder vaak een stagevergoeding dan op het hbo en de universiteit. Zayna (17) behoort tot de 43 procent die wél een vergoeding krijgt. Ze is stagiair bij A1 Boekhouding & Consultancy en krijgt 150 euro per vier weken. Daar heeft ze zelf om gevraagd, vertelt ze als de mentor langskomt.
Het administratiekantoor waar Zayna stage loopt, heeft twee vestigingen. Op woensdag en donderdag werkt ze in Rotterdam en op vrijdag gaat ze naar Den Haag. Dat kantoor is een stuk groter en daar lopen ook meer stagiairs rond. „Daar is het wat gezelliger”, vindt ze. Maar het werk is ongeveer hetzelfde: facturen verwerken, bankmutaties boeken en werken met boekhoudsoftware.
Smalty Koebeer, de medewerker die haar begeleidt, vindt dat Zayna de vergoeding ook echt verdient. De student verschijnt altijd ruim op tijd, leert snel, werkt nauwkeurig en kan al veel boekhoudkundig werk zelfstandig uitvoeren, vertelt ze de mentor. „Als ik haar een opdracht geef, zegt ze: ik snap het, ik weet wat ik moet doen.”
Een stage vinden is niet altijd makkelijk, zag NRC de afgelopen maanden. Studenten zijn daar vanaf het begin van het schooljaar mee bezig. Hun zoektocht begint op Stagemarkt.nl, de site waar ‘leerwerkbedrijven’ plekken aanbieden. In de klas oefenen studenten met sollicitatiebrieven schrijven en hun cv opstellen. Er is een tekort aan stageplekken. Sommige studenten schrijven tientallen brieven en vangen telkens bot.
„Soms kan er sprake zijn van stagediscriminatie, we weten dat dat voorkomt. Maar dat valt moeilijk te bewijzen”, zegt docent Teun Terlouw, die de stages bij Finance & Control coördineert. Volgens het CBS komt stagediscriminatie bij een op de tien mbo-studenten voor, vooral bij studenten met een migratieachtergrond, en overigens meer op mbo-niveau 1 en -2 dan op mbo-4.
Uit onderzoek van de Inspectie voor het Onderwijs blijkt dat studenten discriminatie rondom stages vaak niet bij school melden. Ze zijn bang voor studievertraging of denken dat het niets oplevert. Albeda moedigt studenten wel aan om stagemisstanden te melden, de school heeft een online meldpunt.
In maart, kort voor de stages moeten beginnen, hebben zeven studenten in de klas nog geen stage. Een had wel een plek gevonden, maar kwam bij de kennismaking te laat en hoefde niet meer terug te komen. Een andere student zegt dat hij door het bedrijf waar hij stage zou lopen „geflashed” is – belazerd. „Ineens zaten ze toch vol.”
Ook Elif (16) heeft nog geen plek. Ze is een van de jongsten van de klas en maakt een wat bedeesde indruk. Stagecoördinator Terlouw probeert haar te helpen. Hij controleert haar sollicitatiebrief en cv, die ze al naar diverse bedrijven heeft gestuurd. Daar is niets mis mee. „Op Stagemarkt staan helaas ook stageplekken die al vervuld zijn”, zegt hij. Wat ook meespeelt, is concurrentie van andere scholen in de regio. Die vissen in dezelfde vijver. „Alleen een brief schrijven is heel veilig”, zegt Terlouw. Eigenlijk moet Elif zich wat brutaler opstellen en bedrijven gaan bellen. Lukt het echt niet om iets te vinden, dan gaat hij voor haar lobbyen – maar ze moet het eerst zelf proberen.
Op het nippertje vindt ze toch iets: een oom helpt haar aan een stage bij openbaarvervoersbedrijf RET, waar ze mag meelopen op de crediteurenadministratie. Daar worden alle facturen verwerkt die het bedrijf moet betalen, bijvoorbeeld voor onderdelen voor metro’s en trams of zelfs de aanschaf van nieuwe voertuigen. Ook bij haar komt mentor Chaima Tannouj een kijkje nemen.
Monique Bouwman, de RET-medewerkster die de stage begeleidt, vindt Elif „een lief en bescheiden meisje”. „Ik hoop dat ze meer inzicht gaat krijgen in wat er allemaal gebeurt en dat ze vragen blijft stellen.”
Dat laatste vindt ze nog lastig, erkent de student. „Soms denk ik dat ik te vaak dezelfde vraag heb gesteld.” De stagebegeleider: „Er bestaan geen domme vragen, alleen maar domme antwoorden.”
De RET betaalt mbo-studenten standaard een stagevergoeding. Voor 24 uur is dat 321,60 euro.
Voor veel studenten is het een nieuwe ervaring om in een kantoor rond te lopen, ook voor Elif. In korte tijd heeft ze geleerd om aanmaningen van leveranciers te controleren en facturen te boeken. Nu is ze aan het leren hoe betalingen worden verwerkt. Dat zijn dingen die ze nog niet op school heeft gehad. Klopt, zegt de mentor. Het vak dat ze leren, is heel breed. „Als je straks in het derde jaar bij een ander bedrijf komt, ga je weer heel andere werkzaamheden verrichten.”
Tannouj heeft nog een belangrijke vraag voor de RET. Het is nu bijna vakantie, mag Elif na de zomer terugkomen voor een vervolgstage van een halfjaar? Dat mag. Fijn, zegt de mentor. „Op school leer je de basis van het vak, maar op de werkvloer leer je het meeste, dat hoor ik vaak van studenten terug.”
Dit is het vierde en laatste deel van een serie over een studiejaar in een mbo-niveau 4 klas van de opleiding Finance & Control, op ROC Albeda in Rotterdam. Met de school is afgesproken dat omwille van de privacy alleen voornamen van studenten worden gepubliceerd.
Op de arbeidsmarkt is veel behoefte aan mensen met een mbo-opleiding, vooral in sectoren als zorg, techniek, bouw, logistiek en energie, maar de instroom krimpt en sluit niet altijd goed aan op de vraag.
In de politiek wordt nagedacht over manieren om het mbo aantrekkelijker te maken voor scholieren. Voormalig minister van Onderwijs Robbert Dijkgraaf (D66) wilde een eind maken aan het denken in ‘hoge’ en ‘lage’ onderwijstypes. Hij sprak over het vervolgonderwijs als een ‘waaier’, waarin het mbo gelijkwaardig is aan hbo en wo.
Minister Rianne Letschert (D66) zet die lijn voort. Zij wil het mbo versterken door de bekostiging minder afhankelijk te maken van studentenaantallen en meer geld te geven aan onderwijsinstellingen in krimpregio’s. Ook wil ze in de wet vastleggen dat mbo-studenten net als hbo- en wo-studenten een stagevergoeding krijgen.