Tv-recensie Nadat er in het weekend ongeregeldheden waren na de wedstrijd van Marokko tegen Canada, werd er bij programma’s als ‘Vandaag Inside’ in apocalyptische woorden vooruitgeblikt op de wedstrijd van donderdagavond. Blijft Amsterdam overeind?
Vandaag Inside, met aan tafel v.l.n.r. Wilfred Genee, René van der Gijp, Valentijn Driessen, en Johan Derksen.
Vaarwel Amsterdam! Ik loop nog één keer over je straten, je mooie grachten, en ik koester elke minuut die ons nog rest. Om 22.00 uur is het over, donderdagavond; dan word je verwoest na de voetbalwedstrijd Frankrijk-Marokko.
Voor u het vraagt: ja, ik heb weer naar Vandaag Inside gekeken. „Heel Nederland wacht in spanning af wat de Marokkaanse belhamels gaan doen [na de wedstrijd]”, zei Johan ‘de onderbuiksnor’ Derksen donderdagavond. „En Amsterdam spant de kroon, daar grijpen ze niet in, want anders wordt het oorlog.”
Maandagavond – nadat er in het weekend ongeregeldheden waren na de wedstrijd van Marokko tegen Canada – was de toon nog apocalyptischer.
Volgens Derksen „breekt de pleuris uit” na wedstrijden van Marokko. Sportjournalist Valentijn Driessen had het over steden die „worden platgegooid, afgebroken”, en waar is Rob Jetten? Staatssecretaris Silvio Erkens (Landbouw, VVD) zei: „Of ze nu winnen of verliezen, er gaat een binnenstad de fik in.” En het viel sportmarketeer Chris Woerts op dat ‘ze’ dit niet in Rabat of Marrakesh doen. „Dan gaan de handjes eraf, dan is het klaar.” Bij dat laatste voelde Wilfred Genee zich tóch geroepen in te grijpen: „De handjes eraf, de handjes eraf…”
In de feiten was weinig interesse. Op zaterdagavond rukte in meerdere steden de ME uit om vieringen van de Marokkaanse winst op Canada op te breken. In de Haagse Schilderswijk werden 29 mensen aangehouden en raakten twee agenten gewond.
Achteraf werden daar verschillende redenen voor aangedragen. Zo zei criminoloog Abdessamad Bouabid in NRC dat het grootschalige politieoptreden in Den Haag escalerend kan werken. Weinig feestvreugde, als de ME al klaarstaat. Wederzijds wantrouwen tussen de politie en groepen Nederlands-Marokkaanse jongeren zou ook een rol spelen: in de Schilderswijk was er een geschiedenis van stelselmatig etnisch profileren. Daarnaast: zien we supporters van Eredivisie-clubs niet óók regelmatig rellen?
Maar nuance leidt niet tot die bevredigende angstknoop in de buik. Dus was iedereen aan de VI-tafel het erover eens: dit is geen maatschappelijk probleem, maar een „Marokkanen-probleem”. Het WK Voetbal leverde bewijs: de Kaapverdiërs hoefden toch niet opgepakt te worden? Volgens Derksen kun je daar de bredere gemeenschap op aanspreken: „Marokkaanse boegbeelden” doen te weinig, of hebben te weinig invloed, om groepjes jongeren in te dammen. Het gesprek was meer een echo dan een discussie: een angstschreeuw in een wensput.
Veelzeggend is dat nooit echt gedefinieerd wordt wat ‘het Marokkanen-probleem’ precies is. Het blijft bij harde, vage taal, met even harde, vage oplossingen. Zo opperde Mona Keijzer vorige week tegen De Telegraaf om „terug te schieten” op de jongeren: „op de benen uiteraard”.
Op televisie ging men niet zo ver. Maar bij De Oranjezomer, maandagavond, zei Hugo Borst wel dat hij het goed vond dat „erop ingehakt werd”, alleen was zijn angst dat „ze al binnen een halve dag of een dag weer vrijkomen”.
Oud-MIVD-directeur Pieter Cobelens herleefde wat oude trauma’s aan privacywetgeving: „We moeten wat minder gaan zitten zeuren over privacy en toestaan dat we bij dit soort happenings camera’s mogen gebruiken met biometrische herkenning [gezichtsherkenning].” Hij voegde hieraan toe: „Privacy is een soort verdienmodel geworden.” Ik weet niet wat dat betekent, maar als ik Cobelens’ buurman was, zou ik mijn ramen blinderen en mijn prullenbakken versleutelen.
Presentatrice Hélène Hendriks en Hugo Borst benadrukten wel dat er óók een maatschappelijk probleem was. En dat je daar niet alle Marokkaanse Nederlanders voor verantwoordelijk moet houden.
Ondertussen moesten Marokkaanse Nederlanders zich op televisie wel verantwoorden. „Randvoorwaardelijk Nederlanderschap”, noemde docent en tv-maker Karim Amghar dat bij EenVandaag donderdagavond. „Als je het goed doet, dan ben je een Nederlander. En als het even minder gaat, dan ben je opeens die Marokkaan.”
Hij sloot af: „Wil je de problemen aanpakken, dan moet je helemaal in de context van de wijk kijken: wat is hier aan de hand, wat missen deze kinderen, welke problemen hebben ouders met deze jongeren? […] Wil je ze niet helpen, wil je scoren? Dan roep je op het moment dat er een busje is afgefikt: ‘We moeten terugschieten op de benen van de kinderen’.” Zo vatte hij een televisieweek samen.