Voetbalfans Marokko In Den Haag probeerden tientallen vrijwilligers in gele hesjes te voorkomen dat het rond de WK-wedstrijd Frankrijk – Marokko uit zou lopen op ongeregeldheden. Hoewel de ME uiteindelijk kortstondig moest ingrijpen, bleven confrontaties uit.
Jongeren steken vuurwerk af in de Haagse Schilderswijk na het verlies van Marokko tegen Frankrijk
Als Marokko speelt, weet de hele Schilderswijk waar je moet zijn: de vijfsprong. Het verkeerspunt in Den Haag waar de Vaillantlaan en de Hoefkade elkaar kruisen en waar elke overwinning van het land op het WK voetbal wordt gevierd.
Het is ook de plek waar buurtvrijwilliger Abdeslam Haryouli (44) klokslag middernacht een groepje collega’s in gele hesjes bij elkaar roept. Het is een kwartier voor het einde van de wedstrijd Frankrijk – Marokko en het staat 2-0. Voor Marokko is het einde van het WK-avontuur na vijf wedstrijden dan toch in zicht.
Op de hoek, waar tussen de ene en de andere kant van de straat lijnen met Marokkaanse vlaggen gespannen zijn, drommen plukjes jongeren de Vaillantlaan op. Als een auto vervolgens begint te toeteren, gaat de in hoog tempo uitdijende en hossende menigte los. Er volgt een fluitconcert, dan spontaan applaus.
De politie is – anders dan bij voorgaande wedstrijden – dan al enige tijd zichtbaar aanwezig in de wijk. Waar de meeste supporters afdruipen, blijven enkele honderden jonge mannen – het zijn uitsluitend mannen – met vlaggen en fakkels hangen.
Het trottoir is al snel te smal. De weg vult zich met een uitgelaten menigte die het verlies van het machtige Frankrijk onthaalt als een overwinning. „Ga alsjeblieft langs de kant staan, jongens”, maant Haryouli, die telefonisch zijn collega’s elders in de wijk op de hoogte houdt. Even later krijgt hij een rookbom voor de voeten geworpen.
Wat de vrijwilligers meteen opvalt: een aanzienlijk deel van de jongens herkennen ze niet. En dat is reden tot zorg. Die jongeren, zeggen ze tegen elkaar, komen dus niet uit de wijk en zijn er in hun ogen niet alleen om te feesten.
Bij het duel tegen Nederland liep het al een half uur na het eind van de wedstrijd uit de hand toen een grote groep jongeren zich verplaatste richting Markweg, die versierd was met duizenden oranje vlaggetjes. Daarop greep de politie in en veegde een linie van agenten met wapenstokken en schilden de buurt leeg.
De Haagse burgemeester Jan van Zanen verdedigde donderdag tegenover de gemeenteraad het ingrijpen van de politie, dat tot stevige kritiek had geleid. Hij wees erop dat relschoppers agenten bekogelden met zwaar vuurwerk, stenen en glas.
Zover komt het donderdagavond en -nacht niet. Ondanks de nederlaag overheerst de trots over hoever Marokko het heeft geschopt. „Ik had er nog wel vertrouwen in”, zegt Mohammed (23), die zijn achternaam niet wil noemen. De bal is rond en kan alle kanten op. Maar Frankrijk is wel een grootmacht natuurlijk. Ik vind het geen slechte prestatie.”
Na middernacht dreigt de sfeer alsnog even om te slaan. „Daar is PowNed, laten we een beetje gaan rellen”, roept een jongen bij het zien van de roze plopkap. En even later, als een politiebusje in het zicht verschijnt: „Ze gaan vegen, ze gaan vegen.”
Maar dat doet de politie niet. De mobiele eenheid lijkt een andere aanpak te kiezen dan bij voorgaande wedstrijden en laat de feestvierders lang op haar beloop. „De ME moet komen, het is genoeg geweest”, vindt Amaid Bennouho (40) na de zoveelste vuurwerkbom. „Ik feest mee, ik spring mee, ik zing mee. Maar het moet wel leuk blijven.”
De gele hesjes – het zijn er rond de zeventig – zitten er bovenop, en niet zonder succes. Zodra een groep de weg op sprint, weten Haryouli en zijn ploeg de jongeren terug de stoep op te dringen. Al is het maar voor even: vijf minuten later proberen ze het weer.
Het maakt hem kwaad, zegt Bennouho. „We hebben verloren, ga lekker naar huis, lekker slapen. Ik kom hier vandaan, ben hier geboren en getogen, maar zie dat meer dan de helft hier niet vandaan komt. Op deze manier wordt de Schilderswijk elke keer weer in een kwaad daglicht gezet. We zijn het helemaal zat.”
Jongerenwerker Soufiane Elkabar (32) zegt hetzelfde. Hij sprak Syrische jongens in Marokkaanse shirtjes, afkomstig uit steden als Zoetermeer, Delft en Rotterdam. „Dat zijn vaak ook de jongens die worden gepakt. Zij kennen de buurt niet.”
Later op de avond grijpt de politie alsnog in. „Dames en heren, het is tijd om naar huis te gaan. Doet u dat niet, dan wordt er geweld gebruikt.” Een groep ME’ers met daarachter een stoet ME-busjes veegt de straat leeg. De wapenstok komt er niet bij aan te pas: de groep beweegt zich uit zichzelf richting het einde van de weg.
Het is het moment waarop de buurtvrijwilligers zich terugtrekken. „Als de ME gaat optreden, trekken wij ons terug”, zegt Haryouli. Hij en de andere buurtvrijwilligers zijn na een lange avond niet ontevreden: grote ongeregeldheden bleven uit.
„Op een gegeven moment is het klaar”, zegt jongerenwerker Soufiane als hij zijn gele hesje uittrekt. „Een feestje mag, maar op een bepaald tijdstip moet het ook afgelopen zijn. De jongeren die dan nog blijven, zijn op zoek naar iets anders, naar een confrontatie. Die hebben ze vandaag gelukkig niet gekregen.”