Home

Het Verenigd Koninkrijk is ‘in een vicieuze cirkel beland’ met ongeduldige kiezers én politici

Britse draaideurpremiers Vanaf donderdag kunnen kandidaten zich melden als opvolger van vertrekkend premier Keir Starmer. Hij is de zoveelste die voortijdig opstapt. De Britse politiek is veranderd „in een nachtmerrie van aanhoudende begrotingsdruk en eindeloze betaalbaarheidscrises”.

Premier Keir Starmer op een persconferentie in Downing Street in juni.

Het Verenigd Koninkrijk bevindt zich in een politiek niemandsland. Het zijn weken waarin vertrekkend premier Keir Starmer publiekelijk waarschuwt hoe moeilijk zijn baan is. „Wie mij ook opvolgt zal met hetzelfde wereldwijde conflict worden geconfronteerd”, zei hij tegen de BBC. En in zijn eigen nieuwsbrief somt hij op wat hij allemaal goed heeft gedaan, de afgelopen twee jaar, ook al wil zijn partij hem vervangen.

Zijn waarschijnlijke opvolger Andy Burnham krijgt alvast introductiesessies bij het ministerie van Algemene Zaken en andere departementen. De Londense bubbel van journalisten, analisten en politici speculeert volop over zijn plannen, zijn kabinet en wie er belangrijke ministersposten krijgen.

Vanaf donderdag kunnen Lagerhuisleden van Labour zich officieel aanmelden als kandidaat voor het leiderschap van hun partij. Deze nieuwe partijleider wordt automatisch ook premier, door de grote meerderheid van Labour in het Lagerhuis. Volgens de regels is aanmelden een week lang mogelijk, maar het is onwaarschijnlijk dat iemand het tegen Burnham gaat opnemen.

Zes premiers en waarom ze opstapten

David Cameron (Conservatieven, mei 2010 – juli 2016) stapte op nadat het Brexit-referendum voor hem verkeerd uitpakte. De Britten stemden voor vertrek uit de EU.

Theresa May (Conservatieven, juli 2016 – juli 2019) vertrok omdat ze de deal die zij met de EU had gesloten over de Brexit niet door het Lagerhuis kreeg. Drie keer werden haar voorstellen verworpen, ook door haar fractiegenoten.

Boris Johnson (Conservatieven, juli 2019 – september 2022) stapte op omdat tientallen fractiegenoten hun steun aan hem opzegden, vanwege een opeenstapeling van verdraaide feiten en schandalen.

Liz Truss (Conservatieven, september – oktober 2022) vertrok binnen twee maanden omdat ze de financiële markten op hol had gebracht met aankondigingen over ongedekte belastingverlagingen.

Rishi Sunak (Conservatieven, oktober 2022 – juli 2024) kondigde zijn vertrek aan na een historisch verlies voor de Conservatieven bij de Lagerhuisverkiezingen in 2024.

Keir Starmer (Labour, juli 2024 – juli 2026) vertrekt omdat zijn partijgenoten vinden dat hij niet snel genoeg hervormingen doorvoert en te impopulair is bij Britse kiezers.

Burnham wordt binnenkort de zevende Britse premier in tien jaar tijd. In de jaren tachtig en negentig maakte één premier zomaar tien jaar vol, denk aan Margaret Thatcher (1979-1990) of Tony Blair (1997-2007). Van de Schotse krant The National tot het Amerikaanse CNN en van de Financial Times tot nieuwssite EUobserver, vragen journalisten zich af waarom het VK tegenwoordig zo vaak van premier wisselt.

Andy Burnham, de waarschijnlijke opvolger van Starmer.

Ongeduld bij kiezers en politici

Is het land onbestuurbaar geworden? Het korte antwoord op die vraag is nee, het langere antwoord natuurlijk complexer. „Groot-Brittannië is niet onbestuurbaar, maar onze onbekwame leiders zijn niet tegen hun taak opgewassen”, concludeert de rechtse krant The Daily Telegraph. Het blad The New Statesman komt, vanaf de andere kant van het politieke spectrum, tot een net iets diepere conclusie: „We foeteren op onze leiders vanwege hun zwakte en hypocrisie, hun gebrek aan visie en koers. Maar in werkelijkheid zijn zij een uiting van onze nationale koersloosheid.”

Het Verenigd Koninkrijk „is in een vicieuze cirkel beland en het is superlastig om daar uit te komen”, zegt Kaat Smets. Ze is hoofd van de vakgroep politiek, internationale betrekkingen en filosofie van de Royal Holloway University of London. In die vicieuze cirkel blijkt dat regeringsleiders niet de beloofde verandering brengen en daarom snel worden vervangen, in de hoop dat een volgende wél levert.

Dit ongeduld, bij zowel Britse kiezers als politici, heeft volgens haar te maken met de tijd waarin we leven: „Alles moet nu. Net als bij sociale media willen we tegenwoordig onmiddellijke bevrediging.” Het is niet helemaal eerlijk om de regeringsleider de volle laag te geven als die uitblijft, zegt ze, want politieke besluitvorming is nu eenmaal een langzaam proces. „Zelfs als je een plan hebt, duurt het lang voordat iets een wet wordt, en nog langer tot die wet vervolgens geïmplementeerd is.”

Zelfs als je een plan hebt – dat was in de Britse politiek de afgelopen jaren niet vanzelfsprekend. De belangrijkste kritiek op vertrekkend premier Starmer was dat het hem ontbrak aan concrete plannen voor zijn regeerperiode. Deze week is het twee jaar geleden dat Labour de Lagerhuisverkiezingen won en de partij weer de macht kreeg, na veertien jaar Conservatieve regeringen. Smets: „Veel Britten hadden het na al die jaren gehad met de Conservatieve Partij en hoopten op snelle, merkbare veranderingen onder Labour.”

Alleen die bleven uit: Britse media beschreven al een paar maanden na de verkiezingen dat Labour en Starmer wel een strategie hadden om te winnen, maar niet voor de tijd daarna, als ze de macht zouden hebben. Vakministers beloofden analyses en doorlichtingen van hun sectoren, in plaats van meteen met nieuwe wetgeving te komen. Het eerste jaar van hun regeertermijn van vijf jaar vloog voorbij zonder dat Starmer en zijn ministers gebruikmaakten van hun grote meerderheid in het Lagerhuis.

Er bestaat nog geen recent onderzoek naar de Britse draaideurpremiers, maar volgens Smets speelt in de mix aan oorzaken voor de vele wissels de persoonlijkheid van leiders zeker mee. „Persoonlijkheid wordt steeds belangrijker en beleid wordt juist als minder belangrijk gezien. Dat komt ook door de invloed van TikTok en andere sociale media, waarbij een snelle eerste indruk uitmaakt.” Keir Starmer stond eerder als technocraat bekend dan als strateeg en kwam soms houterig over. Hij had ook geen „doortimmerd project of ideologie om op terug te vallen”, zoals The Economist over hem schreef.

Economische groei blijft al jaren achter

Commentator Martin Wolf van de Britse zakenkrant Financial Times noemt de belangrijkste oorzaak waar alle premiers hun tanden op stukbijten. In een liberale democratie is „breed gedeelde economische groei een voorwaarde voor politieke stabiliteit”, schrijft hij. Zulke groei blijft al bijna twintig jaar uit in het VK. De internationale bankencrisis van 2008 kwam buitenproportioneel hard aan, omdat Londen één van de grootste financiële centra ter wereld is. Het gevolg was een economische recessie waarbij de overheidsschuld door allerlei reddingsacties sterk opliep.

Sinds die crisis – en de grote bezuinigingen op publieke voorzieningen als gevolg daarvan – blijft het VK achter op eigenlijk alle economische meetpunten. Economische groei, productiviteit, besteedbaar inkomen per huishouden, investeringspercentages, allemaal liggen ze lager dan in vergelijkbare landen. Vergrijzing, een aantal grote internationale schokken plus uiteraard de Brexit maakten het nog moeilijker om te groeien. Wolf: „Politiek is veranderd in een nachtmerrie van aanhoudende begrotingsdruk en eindeloze betaalbaarheidscrises.” De hoge kosten van het dagelijks leven leveren veel Britten al jaren zorgen op.

Een economie die zo hardnekkig vast zit los zien te trekken, dat zal voor Starmers opvolger evengoed moeilijk zijn. En zomaar belastinggeld tegen de problemen aan gooien zoals in de jaren tachtig en negentig gebeurde, kan niet meer, constateert Hannah White, directeur van denktank Institute for Government in een column. Daarvoor is de begrotingsruimte te beperkt, het geld is al uitgegeven tijdens eerdere crises. „Terwijl de gevolgen van langdurig onder-investeren in de publieke sector steeds zichtbaarder worden. Ziekenhuizen, scholen en wegen verkeren in slechte staat.”

Net als Smets wijst White op het ongeduld bij kiezers: „Moderne consumenten zijn gewend aan snelle Amazon-stijl leveringen, die in schril contrast staan met de realiteit dat veranderingen in complexe overheidsstructuren jaren of zelfs decennia kunnen duren.” Bovendien kwamen regeringsleiders soms ineens wél met grote sommen overheidssteun, bijvoorbeeld tijdens de coronacrisis of de eerste maanden na de Russische invasie in Oekraïne waarin energieprijzen omhoog schoten. „Kiezers verwachten een activistische staat als het moeilijk wordt en zijn teleurgesteld als hulp uitblijft.” Zulke teleurstellingen worden geprojecteerd op de hoogst verantwoordelijke; de premier.

Een demonstrant roept Andy Burnham op het VK weer lid te maken van de EU.

Nieuwe premier zonder verkiezingen

In het Britse parlementaire stelsel is het veel simpeler dan in Nederland om van premier te wisselen zonder nieuwe verkiezingen. Regeringspartijen hebben bijna altijd een absolute meerderheid in het Lagerhuis, dus hun fractie kan het beleid en de regels bepalen. Dit werkt machtsdenken en kortetermijndenken in de hand, zegt Kaat Smets: „Zo van, we hebben nu die meerderheid, die moeten we hoe dan ook zien te houden.”

Als de partijleider het behoud van de macht in de weg lijkt te staan, loopt de druk voor de rest van de partij op om hem of haar aan de kant te zetten. De grootste fracties in het Lagerhuis bestaan uit enkele honderden leden, die allemaal graag hun baan willen behouden.

De Britten zullen niet veel méér geduld met Andy Burnham hebben dan met zijn voorgangers. Burnham heeft ongeveer drie jaar de tijd voordat er volgens de parlementaire regels nieuwe verkiezingen moeten komen. Drie jaar, dat is langer dan zijn drie directe voorgangers het ieder volhielden. Zoals Martin Wolf schrijft: „Ik wil dat Andy Burnham slaagt. Elke Brit zou dat moeten willen. Maar ik ben sceptisch of hij het ook echt kan.”

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next