Computergames Naar de gamewinkel om een spel uit te zoeken: het was generatieslang normaal. Maar het is niet meer rendabel om fysieke games uit te brengen, vindt PlayStation. Vanaf 2028 moet het maar via een download.
Fysieke exemplaren van Playstation-games zijn binnenkort verleden tijd, tot onvrede van gamers.
„Dit is hoe je een game deelt op PlayStation.” Shuhei Yoshida, op dat moment in 2013 hoofd van Sony’s gamedochter PlayStation, laat een doosje zien. Hij geeft het door aan vicepresident Adam Boyes. Einde filmpje.
Deze sneer naar concurrent Microsoft, die schijfjes toen digitaal aan de Xbox van de koper wilde gaan koppelen, was jarenlang het symbool van de overwinning van PlayStation. De Japanners begrepen gamers wel, het Amerikaanse Microsoft niet. Gamers, was het argument, wilden gewoon eigenaar zijn van hun games. Net als cd’s voor muziek en dvd’s en Blu-rays voor film waren tastbare schijfjes de commerciële én culturele basis van de games. Generaties kinderen kregen met sinterklaas een spel in de schoen en mochten met mama en papa naar de gamewinkel om door de doosjes in het rek te struinen. En wie van een game hield, deelde die liefde door de game aan vrienden door te geven.
Vanaf 2028 is dat afgelopen – althans, voor gamers met een PlayStation. Afgelopen woensdag ging het filmpje met Yoshida opnieuw viral, toen PlayStation aankondigde de productie van fysieke diskjes voor nieuwe spellen te stoppen. Alleen voor games die vóór 1 januari 2028 zijn uitgebracht, wil het bedrijf nog wel een diskje printen als de maker het vraagt. De PlayStation-diskjesfabriek in het Oostenrijkse Thalgau is volgens technieuwssite The Verge al bezig werknemers om te scholen.
Er zijn geen alternatieven – wie een nieuwe PlayStation-game wil hebben, koopt die online in de PlayStation-winkel. Alsof de maker van een van de grootste dvd-spelermerken ter wereld in één klap besluit dat er geen dvd’s meer worden uitgebracht voor jouw apparaat.
Gamers voelen zich verraden. Sinds woensdag lopen sociale media vol met boze berichten, de telefoons van gamewinkels staan roodgloeiend en het filmpje met Yoshida en Boyes duikt overal online op.
„Het hoofdargument van deze gamers is emotioneel”, zegt Willem Hilhorst, game-archivaris voor het Nederlands Instituut voor Beeld & Geluid. „Het gevoel dat je een game bezit, dat je die altijd kan spelen en dat niemand je die afneemt – dat is belangrijk voor gamers.” Nu worden ze beroofd van dat gevoel.
Volgens PlayStation is de stap een logisch uitvloeisel van het veranderende koopgedrag van de gamer. Inmiddels zou 85 procent van alle verkochte games voor PlayStation-spelcomputers via een download verkregen worden, zegt het Japanse gamebedrijf. Die redenering roept ook woede op: gamers vinden dat zij nu de schuld krijgen.
„Wij zien helemaal niet dat dit idee, dat fysiek niet meer belangrijk is, onder gamers leeft”, zegt Bas Bouwman, rayonmanager bij de Nederlandse gamewinkelketen Nedgame. „Wij worden kapotgebeld door klanten, iedereen komt z’n ongenoegen bij ons uiten. Ze zeggen: screw Sony, ik koop nooit meer een PlayStation.”
Fysieke games verkopen goed in de Nedgame-winkels. „Recente games als Star Fox, Tomodachi Life, Pragmata en Resident Evil Requiem waren allemaal uitverkocht op de dag dat ze uitkwamen”, zegt Bouwman. Ook tweedehandsgames zijn populair, benadrukt hij – ze zijn goed voor zo’n 30 tot 40 procent van de Nedgame-verkoop. „En je moet je indenken: veel mensen komen bij ons langs voor advies over wat ze moeten kopen.” Dat zou met het wegvallen van de diskjes verdwijnen, al kan het zijn dat in de winkel straks doosjes met downloadcodes voor de PlayStation kunnen worden gekocht. Hij denkt dat PlayStation het enthousiasme voor fysieke games onderschat. Hoewel er een versie van de PlayStation 5-spelcomputer is zonder disklezer, is die veel minder populair dan het andere model. Met disk is drie keer gewilder, aldus Bouwman. „We hopen nog steeds dat PlayStation er door de reacties voor kiest om dit besluit terug te draaien.”
Toch heeft PlayStation een punt: ‘fysiek’ neemt in de gamewereld al jaren af ten gunste van downloads. Tien jaar geleden vormde ‘fysiek’ nog 26 procent van de inkomsten, en dat aandeel is sindsdien alleen maar gedaald. Verwacht wordt dat Xbox binnenkort ook de diskjes in de ban doet. Het meer traditionele Japanse Nintendo zal langer wachten.
De game-industrie heeft de afgelopen jaren flinke klappen gehad. Eerst was er het chiptekort tijdens de coronacrisis, dat de prijs van spelcomputers opdreef. Daarop volgde de schok van Trumps importheffingen. Sinds eind vorig jaar schieten de prijzen van bepaalde computeronderdelen, zoals geheugen, omhoog door de enorme groei van kunstmatige intelligentie. AI-bedrijven kopen massaal onderdelen op die spelcomputermakers nodig hebben. De prijzen van de huidige generatie spelcomputers gingen omhoog – niet omlaag, zoals gebruikelijk was. Een nieuwe generatie zou meer dan duizend euro kunnen kosten – de PlayStation 5 kostte bij introductie 400 euro.
Xbox en PlayStation zaten al in een lastig parket. Eind jaren 10, begin jaren 20 stroomde het geld nog binnen dankzij goedkope leningen voor consumenten en enthousiasme voor games bij mensen die thuiszaten vanwege de coronalockdowns. Deze stortvloed aan geld stimuleerde de expansiedrift, en talrijke overnames volgden. Inmiddels geven gamebedrijven toe dat toen veel te veel is uitgegeven. Gevolg: dramatische ontslaggolven. Xbox kondigde deze week aan vier aangekochte studio’s af te stoten en 3.200 werknemers te ontslaan.
Elke kostenbesparing bij de gamefabrikanten is welkom. Digitale distributie is vele malen goedkoper dan die van een fysiek product. Bovendien houdt de verkoper meer controle op het product. Zelfs als je voor een PlayStationgame een downloadcode op een externe site koopt, moet die geactiveerd worden via PlayStation.
Dat levert problemen op voor de consument. De afgelopen jaren was er al controverse over de controle van digitale winkels op hun producten, ook als ze al gekocht zijn: games zijn eruit ‘gewist’ door geschillen tussen maker en uitgever of vanwege verlopen muziekrechten, en zijn nu niet of nauwelijks meer te verkrijgen. Pijnlijk genoeg maakte PlayStation het nieuws over de fysieke diskjes bekend nadat het een week eerder ruim vijfhonderd films uit zijn winkel had verwijderd en tegelijk had aangekondigd de digitale winkels voor de oudere spelcomputers PlayStation 3 en PlayStation Vita te sluiten. Veel games die alleen via deze winkels verkocht werden, zijn daarna niet meer te verkrijgen – al zijn ze „tot in de toekomst te downloaden” voor wie ze al gekocht heeft.
Het roept de vraag op wie eigenlijk eigenaar is van een game. In de digitale winkels koop je feitelijk een licentie – het recht om een game te downloaden en te spelen. Zonder fysieke diskjes wordt de game een dienst en is het geen product meer.
In de overgang van fysiek naar online lopen de grote games als Fortnite en World of Warcraft voorop, die miljoenen gamers samen online spelen. Ze zijn allang niet meer als product te verkrijgen: zelfs als je een disk hebt, ben je afhankelijk van de servers van de maker. Daar staat het grootste gedeelte van de game op, niet op de computer van de koper.
Wat doe je als de eigenaar de servers offline haalt? PlayStations online game Concord flopte razendsnel en het bedrijf haalde de servers waarop het spel draaide binnen enkele weken offline. Daardoor verdween het spel praktisch in de prullenbak. Andere games, zoals Anthem, bestaan jarenlang – totdat de stekker er ineens uit gaat. Bloed, zweet, tranen en euro’s die spelers erin stopten, gaan zo in rook op.
Gamers zetten daarom in 2024 het initiatief Stop Killing Games op. Ze roepen overheden op regels te maken voor grote online games, om te waarborgen dat er altijd een versie van blijft bestaan. Hun petitie haalde dit jaar de Europese Commissie. Die zegde toe in gesprek te gaan met de industrie, maar deed verder geen beloften.
„Gamers zien dit soort praktijken als een aantasting van hun rechten als consument”, zegt Willem Hilhorst.
En wat betekent het verdwijnen van fysieke media voor zijn werk als archivist? De opslag van games voor toekomstig onderzoek staat nog in de kinderschoenen. Hilhorst is al jaren bezig om Nederlandse games veilig te stellen, maar nog lang niet alles zit in zijn archief.
„Preservering gebeurt gelukkig op veel meer manieren dan waarvan de consument zich bewust is”, zegt Hilhorst. „De consument denkt: een game is een ding, dat ding staat op een schijfje, en als het schijfje weg is, dan is de game ook weg. Maar voor ons is het anders, wij bewaren alles digitaal. De fysieke media zijn vooral interessante context, de games blijven toegankelijk.”
Niet dat hij het zelf niet jammer vindt, benadrukt hij. „Ik ben verzamelaar, ik vind het prachtig dat ik een oude cartridge nog steeds in een spelcomputer kan stoppen en dat het werkt. Maar dit is niet het einde der tijden; de markt beweegt hier al heel lang naartoe. We zien ook dat games vaak vooroplopen in ontwikkelingen. Het zou me niet verbazen als de auto over tien jaar niet start zonder licentie.”
En of we dat moeten willen?
„Dat is aan de consument.”