Film ‘Black Girl’, ‘Our Land’ en ‘Memory’ tonen vanuit een vrouwelijk perspectief de cycli van geweld en kolonialisme, van Dakar tot Antibes, en van Grozny tot buiten de dampkring.
In ‘Memory‘ ensceneert Vladena Sandu haar jeugd aan de Zwarte Zee om te reflecteren op het effect van Russisch kolonialisme op haar leven.
MemoryRegie: Vladena Sandu. Lengte: 98 minuten. Te zien in de bioscoop.
Our Land (Nuestra Tierra).Regie: Lucrecia Martel. Lengte: 124 minuten. Te zien in de bioscoop.
Black Girl (La noire de…)Regie: Ousmane Sembène. Met: Mbissine Thérèse Diop. Lengte: 59 minuten. Te zien in de bioscoop.
Ze kan zich nog herinneren dat de Sovjet-Unie in 1991 uiteenviel. Dat vertelt filmmaker Vladena Sandu verstopt achter een King Kong-masker aan het begin van haar eerste lange documentaire Memory. De innovatieve film trok vorig jaar aandacht in Venetië en tijdens het IDFA, en is vanaf volgende week ook te zien in de filmtheaters in haar nieuwe thuis Nederland.
Die grote historische breuk viel min of meer samen met de scheiding van haar ouders. Is het de ironie of de tragiek van de geschiedenis, als het politieke en het persoonlijke elkaar zo raken? Hoe het ook zij, opeens werd ze naar haar gewelddadige grootvader in Grozny gestuurd, waar enkele jaren later Rusland zou binnenvallen om tien jaar lang een verwoestende oorlog te voeren. En wie was zij? Geboren in de Krim-republiek, in de Sovjet-Unie? Of Tsjetsjeens, omdat ze daar opgroeide? Russisch, omdat nieuwe heersers de onafhankelijkheid van al die staten ontkenden?
Sandu’s leven is getekend door de gevolgen van de interne koloniale politiek van het oude en het nieuwe Rusland. Door ontheemding. Haar collageachtige film reflecteert op wat het betekent om meermaals je identiteit te verliezen. De creatieve en melancholische stijl met ensceneringen en archiefmateriaal doet denken aan de hybride documentaires van Agnès Varda en het feministische anarchisme van Věra Chytilová’s Daisies (1966). De film eindigt met een onthutsende portrettengalerij van kinderen met geweren, van werkelijk overal ter wereld en uit elk denkbaar conflict, terwijl de maakster zachtjes Bob Dylans protestsong ‘Masters of War’ zingt.
Memory is een van drie films die deze en volgende week in de bioscoop komen met een vrouwelijk perspectief op cycli van intergenerationeel en koloniaal geweld. De tweede, de gerestaureerde klassieker Black Girl (La noire de…) was in 1966 de eerste film uit Sub-Sahara Afrika die internationale aandacht wist te trekken. Regisseur Ousmane Sembène (1923-2007) wordt sindsdien de „vader van de postkoloniale Afrikaanse cinema” genoemd.
De derde film, Our Land, is de eerste documentaire van de Argentijnse filmmaker Lucrecia Martel, bekend van festivalfilms die het duistere verleden van haar land onderzoeken, zoals The Headless Woman en Zama, die ook op het IFFR werden vertoond. In Our Land doet ze verslag van de moord in 2009 op de Chuchagasta-leider Javier Chocobar door een zakenman en twee ex-agenten die een claim op het land van zijn volk wilden leggen.
Jongeren van de Chuchagaste-gemeenschap in de Argentijnse provincie Tucumán tijdens een herdenking van de Gaucho-cultuur in ‘Our Land‘.
Wat de drie films verbindt is de omgang met het koloniale geweld – níét door het te tonen, maar door het rommelig te maken en de effecten ervan te laten zien. Memory doet dat door de hybride vorm. Our Land door via drones het aardse perspectief los te laten en mythe en kosmos mee te laten wegen als getuigen. Martel tart met die laatste film de zwaartekracht zelfs nog een beetje meer, en gebruikt satellietbeelden van buiten de dampkring. Daar wordt momenteel de laatste koloniale strijd in gang gezet.
De makers zoeken zo via ambiguïteit een uitweg uit welles-nietes-standpunten. Martel had bijvoorbeeld zowel de beschikking over filmbeelden die de daders hadden gemaakt, als de video’s van een reconstructie door de rechtbank. Maar zelfs dat objectieve bewijsmateriaal doet geen recht aan de emotionele imprint die de gebeurtenissen op de nabestaanden van Chocobar hebben nagelaten.
Alleen al dat forensische detectivewerk maakt Our Land ijzingwekkend goed. Martel ontdekte hoe snel de vragen rondom eigendomsrechten altijd gecorrumpeerd zijn als de inheemse bevolking als gevolg van de koloniale overheersing fysiek en administratief is uitgewist. De advocaten en experts die daar hun licht over moeten laten schijnen, lijken op personages uit een absurdistisch toneelstuk. Hun taal is procedureel en betekenisloos.
Net als Memory verzet ook Black Girl zich tegen het uitwissen van identiteit en herinnering. Auteur en filmmaker Ousmane Sembène verfilmde een van zijn eigen verhalen, over een jonge gouvernante die uit het net onafhankelijke Senegal haar werkgever achterna reisde naar Frankrijk en daar ontdekt dat koloniaal geweld en racisme zich met andere middelen gewoon voortzetten.
Sembènes films kiezen bijna altijd een vrouwelijk perspectief, zo adresseerde hij in zijn laatste grote film Mooladé (2003) genitale mutilatie van jonge meisjes. Black Girl is een mix tussen drama en documentaire, met de toewijding aan het leven op straat van het Italiaanse neorealisme, en de abrupte jumpcuts en andere vervreemdingstechnieken van de Franse Nouvelle Vague die Sembène zeer bewonderde.
Met de jonge Diouana reist een inheems masker mee naar Frankrijk. Een pijnlijk symbool voor haar ontworteling. Het masker heeft voor haar zoveel betekenissen: het is een levend wezen, een spirituele intermediair tussen zwijgen en spreken. Daarmee is het zoveel meer dan het doodse decoratieve artefact dat in een krappe flat aan een spijkertje is gehangen.
Mbissine Thérèse Diop in ‘Black Girl’. Het Senegalese masker is een symbool voor de ontworteling van de hoofdpersoon die in Frankrijk als hulp in de huishouding wordt uitgebuit.
Op vergelijkbare wijze wordt zij door haar werkgevers als een exotisch object bekeken en behandeld. Of ze rijst kan koken, terwijl ze in gedachten vertelt dat de familie in Dakar nooit rijst at. En nu willen ze tegenover hun gasten opeens lekker exotisch voor de dag komen met hun „Afrikaanse eten”. Diouana denkt er het hare van. En het masker aan de muur kijkt toe en denkt er het zijne van. Het is in deze film eerder een spiegel dan een vermomming.