Zedenzaak Verspreid over zeven apparaten vond de recherche ruim duizend beelden van seksueel kindermisbruik bij Herman J. (78). De uitspraak komt overeen met de straf die de officier van justitie had geëist.
Rechtbanktekening van de oud-burgemeester van Hendrik-Ido-Ambacht Herman J.
De Rechtbank Rotterdam heeft oud-burgemeester van Hendrik-Ido-Ambacht Herman J. dinsdag veroordeeld tot twaalf maanden cel, waarvan vier voorwaardelijk, voor het „verspreiden, aanbieden, verweven en bezitten” van beelden van seksueel kindermisbruik (beter bekend als kinderporno). Dat schrijft de rechtbank in de online uitspraak.
J., die van 1996 tot 2011 burgemeester was van het Zuid-Hollandse dorp, krijgt daarnaast een proeftijd van drie jaar en een meldplicht. Ook moet de 78-jarige oud-burgemeester zich verplicht laten behandelen bij de psychiater.
De straf komt overeen met wat de officier van justitie eind juni bij de zitting had geëist. De rechtbank ziet de „gevorderde leeftijd” van de oud-burgemeester als aanleiding om een minder zware straf op te leggen, net als het feit dat het zijn eerste veroordeling is.
De politie kwam J. in 2025 op het spoor na meldingen van Google en Snapchat dat hij beelden van seksueel kindermisbruik had geüpload. Bij een huiszoeking in oktober van dat jaar nam de politie zeven apparaten mee. Daarop trof de recherche in totaal ruim duizend beelden aan.
Ook bleek uit het woordenboek van J.’s smartphone dat hij regelmatig termen als „kinderporno”, „kinderkutje” en „toyboy” had gebruikt. In februari arresteerde de politie de oud-burgemeester, nadat hij met iemand op Snapchat dusdanig gedetailleerd had gesproken over hun wens om een kind te misbruiken, dat de politie vreesde voor diens veiligheid.
Bij de zitting ontkende J. dat hij naar de beelden op zoek was geweest, maar hij kon niet verklaren hoe de honderden foto’s en video’s dan op zijn apparaten waren beland. Wel gaf hij toe dat hij vanwege zijn leeftijd steeds minder seksuele opwinding ervoer en daardoor op zoek ging naar „prikkels”.
Bij die zoektocht is J. „kennelijk beland in de verwerpelijke wereld van kinderporno”, schrijft de rechtbank in het vonnis. De rechter rekent hem aan dat hij met de verspreiding van de beelden de markt voor seksuele uitbuiting van kinderen in stand hield: „Voor de verdachte lag de focus enkel op de bevrediging van zijn eigen seksuele behoeftes.”
Naast het bezit en verspreiden van beelden van seksueel kindermisbruik stond de oud-burgemeester terecht voor het aanranden van een kwetsbare jonge (meerderjarige) man. Daarvan sprak de rechter hem echter vrij. Het bewijsmateriaal voor die verdenking bestond enkel uit een verklaring van het vermeende slachtoffer, en daarmee werd het wettelijk bewijsminimum niet gehaald.