NAVO-top Komende week komen 32 leiders in Ankara bijeen voor de jaarlijkse NAVO-top. Gastheer is de Turkse president Erdogan. Jarenlang gold Turkije onder zijn leiding als het lastige buitenbeentje, maar nu kan de alliantie nauwelijks meer om hem heen.
Het presidentële paleis.
Het decor van de NAVO-top in Ankara is allesbehalve toevallig. Het immense presidentiële complex dat Erdogan in 2014 in gebruik nam, beslaat ongeveer 300.000 vierkante meter en telt meer dan 1.100 kamers. Het herbergt onder meer verschillende ontvangstzalen, een congrescentrum, een beveiligd commandocentrum, ondergrondse bunkers, een moskee en een presidentiële bibliotheek. Daarmee is het complex groter dan het Witte Huis in Washington. Komende week komen de leiders en delegatieleden van 32 NAVO-landen hier samen voor de jaarlijkse NAVO-top. De Amerikaanse president Donald Trump zal voor het eerst in die rol voet zetten op Turkse bodem.
Het paleis is meer dan alleen een regeringsgebouw. Erdogan zag het als het fysieke uithangbord van een nieuw Turkije: een land dat breekt met de sobere, seculiere staatscultuur van de republiek en dat zichzelf neerzet als een zelfstandige regionale macht. De monumentale gevels en decoratieve elementen naar de Seltsjoekse en Ottomaanse bouwstijlen benadrukken de Turkse geschiedenis en tradities van vóór de republiek. Er kwam kritiek op de kosten en de locatie – het presidentiële complex werd gebouwd in beschermd natuurgebied. Al gauw werd er gesproken van een ‘nieuwe sultan’ in een nieuw paleis.
Nu alle ogen zijn gericht op Ankara moet alles in de Turkse hoofdstad op rolletjes lopen. De Turkse gastvrijheid wordt uit de kast gehaald: taxichauffeurs kregen het verzoek zich te kleden in een wit overhemd en een grijze broek, en worden aangemoedigd om hun passagiers de traditionele citroencologne en lokum (Turks fruit) aan te bieden.
Ook het straatbeeld is zorgvuldig geregisseerd. Bouwvallige gevels en onafgewerkte gebouwen worden aan het zicht onttrokken door grote schermen, bedrukt met NAVO-logo’s. Straathonden zijn ondergebracht in het asiel. Gaten in wegen zijn gedicht en straten opgeknapt. Alles om de hoofdstad zo verzorgd en modern mogelijk voor de dag te laten komen. Bovendien is het gebied rond het paleis veranderd in een zwaarbeveiligde vesting waar 55.000 politieagenten aanwezig zijn.
Aan de achterkant is meer aan de hand. In de weken voorafgaand aan de NAVO-top voerden de Turkse autoriteiten grootschalige arrestaties uit. Daarbij werden ruim tweehonderd mensen aangehouden, onder wie wetenschappers, journalisten en activisten. Volgens de Turkse autoriteiten maakten de arrestaties deel uit van antiterreuronderzoeken. Ook geldt er sinds zondag een protestverbod van dertien dagen in de hoofdstad. Wat Benjamin Ward van mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch betreft laat de Turkse regering „door de straten van Ankara ‘schoon te vegen’ alleen maar zien hoe de repressie in het land verder toeneemt”.
Demonstranten in Ankara op 27 juni.
Dat beeld wordt bevestigd als je kijkt naar de persaccreditaties voor het evenement: meerdere journalisten van kritische en onafhankelijke Turkse media meldden op X dat hun aanvraag om de top te verslaan is afgewezen. NAVO-woordvoerder Allison Hart deed het af met de mededeling dat de alliantie „vertrouwt op de beoordeling van het gastland”. Tegelijkertijd benadrukte ze wel dat het voor de NAVO „erg belangrijk is dat media grote evenementen persoonlijk kunnen bijwonen”.
Haar reactie leidde tot felle kritiek van journalistenvakbonden, mediaorganisaties en analisten, die erop wezen dat Turkije al jaren onder vuur ligt vanwege de verslechterende persvrijheid. Op de meest recente persvrijheidsindex van Reporters Without Borders staat het land op de 163e plek van de 180 onderzochte landen. Na de ontstane ophef kregen enkele afgewezen journalisten alsnog toegang tot het presidentiële paleis.
Het past in een bredere ontwikkeling van de democratische afkalving van Turkije. Die lijkt voor Trump geen probleem te zijn. Tijdens een persconferentie voorafgaand aan de top in het Witte Huis met secretaris-generaal Mark Rutte zei hij dat hij speciaal op verzoek van Erdogan naar Ankara zou gaan. „Hij is een beetje controversieel, maar dat ben ik ook”, grapte de Amerikaanse president.
Tegelijkertijd haalde hij opnieuw uit naar zijn Europese bondgenoten, die hem tijdens het conflict met Iran in de steek zouden hebben gelaten. Voor Erdogan maakte hij een uitzondering. Volgens Trump had hij de Turkse president gevraagd zich juist buiten het conflict met Iran te houden. „Hij stelde me niet teleur. Hij luisterde naar mijn verzoek.” Trump prees zijn goede persoonlijke relatie met Erdogan en kondigde aan een geschenk voor hem mee te nemen.
Turkije en de VS zijn al langer in gesprek over een terugkeer van Ankara in het F-35-programma. Turkije werd daar in 2019 uitgezet, nadat die het Russische S-400-luchtverdedigingssysteem had aangeschaft. Onder Trump zijn de gesprekken hervat, al verbiedt de Amerikaanse wet een terugkeer zolang Turkije de S-400 bezit. Wel gaf de Trump-regering groen licht voor de verkoop van motoren ter waarde van zevenhonderd miljoen dollar voor Turkse Kaan-gevechtsvliegtuigen. Volgens Reuters is dit een belangrijk politiek gebaar richting Ankara in aanloop naar de NAVO-top.
Voor Erdogan is de top een uitgelezen kans om de strategische waarde van Turkije opnieuw te onderstrepen. Ankara profileert zich al jaren als bemiddelaar tussen Oekraïne en Rusland en onderhoudt, als een van de weinige NAVO-landen, goede relaties met beide landen. Daarnaast beschikt Turkije over het op een na grootste leger binnen de NAVO, controleert het via de Bosporus de toegang tot de Zwarte Zee en heeft het de afgelopen jaren een snelgroeiende defensie-industrie opgebouwd.
Toch riep de door de rechter afgezette voormalig partijleider Özgür Özel van de Republikeinse Volkspartij CHP woensdag in een opiniestuk in de Financial Times NAVO-leiders op zich niet te laten verblinden door de strategische waarde van Turkije, omdat ze daarmee de voortgaande democratische afbraak onder Erdogan negeren.