Thomas Hogeling beschouwt wekelijks de publieke opinie. Wat wordt er gezegd en vooral niet gezegd? Deze week: Wie bepaalt de tactiek van het Nederlands elftal?
Wat Johan Neeskens het meest bewonderde aan zijn vriend Johan Cruijff? Volgens journalist Simon Kuper waren dat niet zijn voetbalkwaliteiten, maar dat hij zo goed kon praten. Neeskens was zelf geen prater – of als je het wat stoerder wil formuleren: hij was een man van weinig woorden. Toen hij begin deze eeuw trainer van NEC werd, vonden we dat nogal wat in Nijmegen. De grote Johan Segundo in onze Goffert. Ook in de persruimte was het ontzag groot. Zo groot dat niemand Neeskens verbeterde toen hij na een verloren wedstrijd sprak over een „lijgende stijn”.
Met een beetje respect voor grote namen is niets mis, maar het kan ook doorslaan. Dat gebeurde in het interview met bondscoach Ronald Koeman na de uitschakeling op het WK tegen Marokko. NOS-verslaggever Jeroen Stekelenburg stelde de vraag ‘was dit nou wel de juiste tactiek?’ zo voorzichtig, dat het een heel andere vraag werd: „Vooraf zijn er natuurlijk mensen die kunnen zeggen van: we snappen deze aanpassingen, maar achteraf dan…” Koeman valt hem in de rede en antwoordt: „Ja maar, als je [het] van tevoren ermee eens bent, dan kun je achteraf niet zeggen dat het niet gelukt is.”
Koeman ging niet in op de tactiek, maar reageerde op mensen die Jeroen Stekelenburg uit beleefdheid ter plekke had verzonnen. Mensen die de gekozen tactiek vooraf steunen en achteraf klagen. Die bestaan ongetwijfeld, maar het is niet zo relevant wat Koeman van hen vindt. Hoewel Stekelenburg en Koeman dus geen idee hebben over wie ze het precies hebben, gaat Koeman nog even door: „Heel Nederland heeft gevraagd ‘ze moeten met vijf [verdedigers] spelen’, speel je met vijf, krijg je daar kritiek op.” Opeens is het hele land medeplichtig, terwijl het overgrote deel van zijn inwoners nog nooit enige gedachte heeft gevormd over de vraag met hoeveel verdedigers Oranje moet spelen.
Maar laten we Koeman helpen en proberen hem te begrijpen. Waar hij op doelt is wat je in het honkbal ‘second guessing‘ noemt. Een gekozen tactiek pakt verkeerd uit en achteraf wordt dan beweerd dat de uitslag beter was geweest met een ander strijdplan. Dat is inderdaad niet zomaar gezegd. Hoewel Oranje tegenviel, kan het best dat ze met de opstelling van de vorige wedstrijd veel dikker hadden verloren, dat zullen we nooit weten.
Laten we Koeman verder helpen en ervan uitgaan dat heel Nederland vooraf inderdaad achter de tactiek met vijf verdedigers stond. En laten we hem nog verder helpen door te erkennen dat je als bondscoach die net is uitgeschakeld op een WK niet zoveel mogelijkheden hebt. Je kunt niet als een clubtrainer spreken over aanknopingspunten of een lijgende stijn, want er komt geen volgende wedstrijd.
Dan nog mag het publiek achteraf best iets vinden van de tactiek. Want Koeman doet alsof een wedstrijd slechts bestaat uit twee momenten: een beginsignaal en een eindsignaal. Alsof er daartussen niet ruim twee uur lang wordt gevoetbald, met tussendoor vijf rustmomenten waarin je het hele team kunt toespreken. Als het hele land al achter de gekozen strategie had gestaan, dan was die steun bij de rust wel verdwenen. Het idee is wel een beetje dat je als bondscoach dingen aanpast als iets niet blijkt te werken.
Dinsdag maakte Koeman bekend te stoppen als bondscoach. Als het tijdens het volgende grote toernooi toch weer misgaat, moeten we niet gaan lopen klagen. Want heel Nederland heeft gevraagd om het vertrek van Koeman en als je het van tevoren ermee eens bent, dan kun je achteraf niet zeggen dat het niet gelukt is.