Home

Het Brusselse Molenbeek ‘oogt misschien chaotisch, maar juist daar ontstaan creativiteit en alternatieve cultuur’

Cultuursteden Geen tourist traps of overvolle musea, maar verborgen parels en bruisende rafelranden: in deze zomerserie tonen NRC-correspondenten minder bekende cultuurlocaties in grote Europese cultuursteden. Aflevering 1: Brussel.

Er wordt een feest georganiseerd in La Fonderie, een culturele ruimte in Molenbeek. De ruimte is een oude gieterij die is omgebouwd tot een culturele ruimte.

Het is vrij gemakkelijk om langs het pand, dat in het verleden dienst deed als drukkerij, heen te lopen. Wie binnentreedt komt uit op een binnenplaats van kasseien, omgeven door wat groezelig uitziende baksteenmuren die zijn behangen met kleurrijke vlaggen en lichtsnoeren. Het is een industrieel ogend, vervallen terrein, dat meer dan eens als festivallocatie diende.

Welkom bij Recyclart, gelegen aan de Manchesterstraat in Sint-Jans-Molenbeek, een multidisciplinair kunstencentrum bekend van zijn raves in pakhuisstijl, exposities en workshops.

Wie ‘Molenbeek’ intikt op Google, krijgt als eerste de suggestie ‘is Molenbeek veilig’. Bij de sectie nieuws gaat het laatste bericht – van drie uur oud – over een aan drugshandel gerelateerde arrestatie. Het Brusselse Molenbeek, een van de negentien gemeenten die de Belgische hoofdstad telt, staat er zo op het eerste oog niet goed op.Maar wie verder kijkt, ontdekt dat de multiculturele wijk voor veel Brusselaren een verademing is. „Molenbeek oogt misschien chaotisch, maar juist in die chaos ontstaan creativiteit en alternatieve cultuur”, zegt Maya Teklal, singer-songwriter van indie-folk muziek. Ze vervolgt, al lunchend met een vriendin bij Bar Recyclart: „De sfeer is heel open. Het is authentiek. Mensen hebben hier minder middelen, maar zijn daardoor inventiever”. Zelf woont de singer-songwriter in Koekelberg – een aangrenzende gemeente bekend om haar basiliek, de op vier na grootste kerk ter wereld.

‘Spannend en sexy’

Op het terrein van in totaal zo’n vierduizend vierkante meter bevinden zich ook sociale werkplaatsen, waar objecten van hout en staal worden bewerkt. Een paar meter verderop in de straat bevindt zich Charleroi Danse, een choreografisch centrum dat zich richt op hedendaagse dans, met een waaier aan stijlinvloeden. Van urban dance en krump tot hiphop en house. De performances zijn veelal een kruisbestuiving van dans, theater en visuele installaties.

„Dergelijke bewegingen zijn hier geen uitzondering. Ze blijven onder de radar, overschaduwd door de onterecht saaie reputatie van de hoofdstad, maar dat maakt ze juist des te spannender en sexy”, schrijft academicus en schrijver Melkon Charchoglyan in een essay voor het Engelse tijdschrift Monocle.

Aan de overkant van de straat bevindt zich de permanente locatie van Cinemaximiliaan. Wat ruim tien jaar geleden begon als openluchtbioscoop, is nu een platform gericht op film en debat, gemaakt met en door nieuwkomers. Een passende plek, want het zijn de nieuwkomers die de wijk kleur geven, derde, tweede en eerste generatie migranten woonachtig in voormalige arbeiderswoningen.

Wie de Belgische hoofdstad echt wil begrijpen – voorbij de glazen kolossen in de Europese wijk, de musea met marmer en bladgoud in het Quartier Royal, de boutiques van de Sablon en het surrealisme van René Magritte of de art nouveau en art deco van Victor Horta – gaat op zoek naar de diepere lagen van het contemporaine Brussel.

De „doordringende geur van chocolade, in het Brusselse Zuidstation”, zoals Hugo Claus optekende in zijn magnus opus Het verdriet van België, is er veelal opgetrokken, al willen bonbonwinkels de toerist anders doen geloven. In Molenbeek geurt het naar Syrische en Marokkaanse gerechten, naar prikkelende gemberdrankjes en het afval op straat – al is dat laatste Brussel eigen.

Straatbeeld in Molenbeek.

‘Cultureel liberalisme’

In de stad die uitblinkt in contrasten wonen meer dan 180 verschillende nationaliteiten. Brussel prijkt daarmee standaard in de hoogste regionen van wereldsteden met de meeste etniciteiten, naast steden als Dubai, Toronto en Singapore. Er worden „honderden talen” gesproken, vertelt Johan Leman, emeritus hoogleraar antropologie en voorzitter van MMM, het migratiemuseum aan de Werkhuizenstraat in Molenbeek.

Hij wijst op het „sterke sociale weefsel” en „cultureel liberalisme” in Molenbeek, waar „men nog voor elkaar opkomt”. Over het discutabele imago van de wijk is hij kort: „Er heerst hier fierheid. Roddelt men over ons? We zullen laten zien dat we kwaliteit in huis hebben”. De creativiteit – en relatief lage huren – in Molenbeek hebben volgens hem een versterkend effect. „Er komen hier veel artiesten wonen in leegstaande ateliers, voorheen verbonden aan de nijverheidssector.”

Recyclart is een van de toonaangevende culturele ruimtes in Molenbeek.

La Vallee is een culturele ruimte in Molenbeek, die wordt gebruikt door kunstenaars en collectieven.

In het migratiemuseum in Molenbeek worden de verhalen verteld van mensen die naar Brussel zijn gemigreerd, wat helpt om de lange geschiedenis van de migratie naar Brussel beter te begrijpen.

In Molenbeek is langs het kanaalgebied een skatepark aangelegd als onderdeel van een nieuw stedenbouwkundig plan voor het kanaalgebied. Molenbeek was kandidaat voor Culturele Hoofdstad van Europa 2030.

In het kleine museum is naast een waaier aan migrantenverhalen een tentoonstelling gewijd aan Congo, voormalige kolonie van België (Belgisch-Congo, van 1908-1960). De expositie is uitgedacht en vormgegeven door Congolese organisaties, vertelt Leman.

Terug naar Bar Recyclart, waar aan de muren kunst hangt die te koop is. Zoals plastic maskers, opgebouwd uit afval, van de uit Kinshasa (Congo) afkomstige kunstenaar Ntakobajirha Nyamuzinda.

De woorden van Belgisch dichter Maurice Maeterlinck, die in 1911 de Nobelprijs voor literatuur ontving, lijken te zijn geschreven voor deze wijk. „België, een mozaïek van met elkaar verweven culturen, vol smaken van liefde en verlangen”.

Drie verborgen parels

Het Kanaal

Op een steenworp afstand van de Manchesterstraat in Molenbeek ligt het Canal de Bruxelles, beter bekend als ‘het kanaal’. De kilometerslange waterstrook was ooit de verbinding tussen de verbinding in het zuiden van België en de haven van Antwerpen in het Noorden. In verval geraakt, samen met de nijverheid in Sint-Jans-Molenbeek, valt de kanaalwijk momenteel prooi aan gentrificatie. Ten goede of ten slechte: naast stijgende huren is het een plek geworden van bistro’s, openbare en digitale kunst (zoals iMal, het centrum voor digitale cultuur en technologie) en theater (zie onder meer het programma van het Kaaitheater).

Villa Empain

In Boondaal, in de welvarende gemeente Elsene (of Ixelles), ligt een imposante villa aan de Franklin Rooseveltlaan. De Villa Empain, waar art deco verve wordt gecombineerd met Bauhaus-sferen. Het gebouw, met een zwembad dat doet denken aan het strakke azuurblauw van David Hockney’s doeken, werd in 1932 ontworpen door architect Michel Polak voor Louis Empain, zoon van een groot baron – destijds een van ’s werelds rijkste industriëlen. Zo rijk, dat hij net buiten het Egyptische Cairo een eigen stad liet bouwen (Heliopolis). De villa, vandaag de dag in handen van de Boghossianstichting, is het decor voor hedendaagse tentoonstellingen, veelal met een Oosters tintje.

Info: villaempain.com

Wiels

Op een kruispunt tussen de hippe wijk Sint-Gillis – bekend om zijn indie galeries en art-nouveaugebouwen, zoals het Hortamuseum – en de gemeente Vorst, in het zuidwesten van de stad, bevindt zich kunstencentrum Wiels. Een bruisende plek waarvan alleen al het moderne gebouw de moeite waard is, ontworpen in 1930 door Adrien Blomme. Wisselende tentoonstellingen van hedendaagse kunst en een aangenaam café wisselen originele koperen brouwvaten af, als relieken uit dat wat ooit dienst deed als de Wielemans-Ceuppens brouwerij. Naast een plek die als podium voor opkomende kunstenaars fungeert, zijn er ook internationale artists-in-residence, workshops, lezingen en een boekwinkel.

Info: wiels.org

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next