Op dit WK is ‘de minst getalenteerde Braziliaanse ploeg ooit’ actief, somberden Brazilianen zelf voor de wedstrijd tegen Japan. Maar diep in blessuretijd sloeg de ploeg van bondscoach Ancelotti alsnog toe (2-1). Nu heeft Brazilië weer hoop op de zesde wereldtitel.
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Op haar kuit staat alles wat haar lief is; het strand van Ipanema waarop ze voetbalt met haar zoon. Familie, hoop en voetbal zijn de basis voor Cristiane Rozeira, international van het Braziliaanse vrouwenelftal en tv-analyticus dit WK. Ze wil ‘optimistisch blijven’ over het mannenteam dat Japan treft in de eerste knock-outronde, zegt ze voor de wedstrijd op het parkeerterrein naast het stadion van Houston. ‘Ik denk dat we het goed kunnen doen. Maar we hebben altijd grote teams gehad, dat geeft druk op dit team.’
Haar landgenoot Alexandre Salvatore, die een prachtige foto van een jonge Ronaldo op zijn T-shirt heeft geprint, is pessimistischer. ‘Ik bedoel dit niet onbeleefd, maar dit is het minst getalenteerde team dat we ooit hebben gehad.’
Ook andere Brazilianen rond het stadion zien de zon niet echt, hoewel die in letterlijke zin toch hevig schijnt in Texas. Ze dragen shirts van Zico, Ronaldinho, Rivaldo, Romario, Ronaldo. Een enkeling slechts van Vinicius jr en Neymar, spelers van nu.
Ja, ze zijn blij dat ze erbij kunnen zijn, het was een dure trip naar Houston zegt Zach Jamal die zijn vrouw en vier zonen bij zich heeft. De inwoner van Sao Paulo was er al bij in 1994 toen Brazilië in Amerika wereldkampioen werd. ‘Maar dat worden we nu niet. Ik ben vooral blij dat we Nederland zijn ontlopen in deze ronde. We hebben geen Romario meer. En dan is Raphinha van Barcelona ook nog geblesseerd.’
Rumo ao hexa, jagen op de zesde (wereldtitel), is inmiddels een nogal belegen kreet die voor elk WK toch weer bovendrijft in Brazilië. De recordkampioen is al 24 jaar zonder zege, een hele generatie groeide op met verhalen over het glorierijke verleden, maar ziet de Seleção steeds tegenvallen. De kwalificatiecampagne was al een ramp en kostte meerdere trainers het hoofd.
Tekenend is dat veel spelers van Braziliaanse clubs zijn geselecteerd. En van Zenit, Brentford, Bournemouth, Al Ittihad en Al-Ahli. Veel dertigers ook. Dat er tijdens de persconferentie voor de wedstrijd veel vragen werden gesteld aan de Italiaanse bondscoach Carlo Ancelotti over de fitheid van Neymar (al enige jaren op zijn retour) is veelzeggend. Ancelotti bromde dat het beter gaat. En verder dat Brazilië niet meegaat in ‘mind games’.
De Japanse invaller Kento Shiogai zou beaamd hebben dat Brazilië een gevallen grootmacht is. De Japanse bondscoach Hajime Moriyasu deed daarom zondag zijn uiterste best dat te ontkrachten. Hij sprak met het grootste respect over Zico, een legende in beide landen, en oogde zeer ongemakkelijk toen hij niet op de naam kon komen van een andere voormalige bondscoach van Japan uit Brazilië. ‘Falcao!’, klonk het uiteindelijk opgelucht.
Brazilië - Japan is de strijd van de rustige trainers, ja, die bestaan nog. Moriyasu blijft zelfs na doelpunten van zijn ploeg doodkalm op zijn notitieboekje krabbelen, daarmee heeft hij de verdenking op zich geladen dat het boekje demonische krachten bevat. Ancelotti is de kauwgom kauwende pater familias die al ontelbare Cups won, maar zichzelf geen makkelijke opdracht heeft gegeven op zijn 67ste.
Ondanks de scepsis bij veel Brazilianen is het immense stadion van Houston vooral geelgekleurd. Toch hoor je vaak de trommelende Japanners er bovenuit. Zeker als Kaishu Sano na een half uur een beroerde breedtepass van Danilo oppikt, Casemiro eruit sprint en glijdend afrondt.
Het is verder een eerste helft om treurig van te worden, met Brazilianen die ruziën met elkaar en met de bal, voorheen hun beste vriend. Op de perstribune wordt gevloekt en gezucht door de Braziliaanse journalisten, laptops worden dichtgesmeten.
Direct na rust gaat Ancelotti all in, met een vierde aanvaller erbij, Endrick. Uitgerekend de bekritiseerde Casemiro kopt raak in de 54ste minuut tijdens een vurig offensief. Op de tribune wordt door supporters geestdriftig het bondsembleem getoond en de vijf sterren erboven. De jacht op de zesde wereldtitel is heropend. Brazilië is daarna ook veel beter, maar de talrijke voorzetten van Vinicius en Rayan vinden te vaak geen hoofd. Japan, vanwege de tactische discipline en gretigheid onder meer door Zlatan Ibrahimovic gebombardeerd tot titelfavoriet, kan niet gevaarlijk meer worden.
Diep in blessuretijd is er dan toch de verlossing door een schot van invaller Gabriel Martinelli. De bal rolt er binnenkant paal in. Journalist Leonardo Oliveira timmert gelukzalig op een sticker op zijn laptop met daarop ‘1958, 1962, 1970, 1994, 2002’. Ja, daar zou toch best eens 2026 bij kunnen komen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant