Het Openbaar Ministerie en de rechter krijgen meer mogelijkheden om psychisch geweld te vervolgen en te bestraffen. Het wetsvoorstel hierover gaat maandag voor tien weken in consultatie op internet.
is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft onder meer over justitie.
Als het aan minister David van Weel (Justitie en Veiligheid, VVD) ligt, wordt aan het Wetboek van Strafrecht het volgende, nieuwe artikel toegevoegd: ‘Degene die, met het oogmerk macht over een persoon uit te oefenen, die persoon stelselmatig vernedert, vrees aanjaagt, in diens vrijheid belemmert, misleidt, of anderszins stelselmatig invloed uitoefent op die persoon, wordt gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of een geldboete van de vierde categorie.’ (Maximaal 27.500 euro, red.)
Als deze vorm van geweld in huiselijke kring plaatsvindt, dus wordt uitgeoefend door een naaste, werkt dat strafverzwarend. De rechter kan de op te leggen gevangenisstraf dan met een derde verhogen. Psychisch geweld binnen afhankelijkheidsrelaties is vaak structureel, maar de bestraffing is tot nu toe complex.
Mishandeling
Het wetboek heeft al een artikel over mishandeling. Daarin staat: ‘Met mishandeling wordt gelijkgesteld opzettelijke benadeling van de gezondheid.’ Omdat dit artikel 300 te weinig houvast biedt om tot een veroordeling voor psychisch geweld te komen, krijgt het een herformulering: ‘Met mishandeling wordt gelijkgesteld opzettelijke benadeling van de lichamelijke of geestelijke gezondheid.’
De advocaat-generaal (AG) bij de Hoge Raad stelde in maart – in een zaak over kindermishandeling – dat psychische mishandeling ‘onder het huidige recht zelfstandig niet strafbaar is op grond van artikel 300’, omdat ‘wetshistorisch’ de focus op lichamelijk letsel ligt. De conclusie van de AG was een advies, de Hoge Raad zelf doet binnenkort uitspraak in deze zaak.
Aanscherpingen van de wet zijn hard nodig, zegt Van Weel in een telefonische toelichting. ‘Los van deze zaak zagen we de onduidelijkheid in de wetgeving al eerder. Als de wet van kracht wordt, zal jurisprudentie ons helpen om die weg te nemen. Met name vrouwen zullen hier baat bij hebben, omdat zij veruit het vaakst slachtoffer zijn van psychisch geweld.’
Femicide
In 2024 was 6 procent van de Nederlandse bevolking van 16 jaar of ouder (ruim 870.000 mensen) in de voorbije twaalf maanden slachtoffer van een of meerdere vormen van psychisch geweld, bleek indertijd uit de Prevalentiemonitor huiselijk geweld en seksueel grensoverschrijdend gedrag. In eerdere onderzoeken uit 2020 en 2022 lag dat percentage op ongeveer hetzelfde niveau.
Een specifieke vorm van psychisch geweld is de zogenoemde ‘dwingende controle’, die wordt gedefinieerd als ‘controlerend gedrag (sociale controle en/of het wegnemen van zelfstandigheid) in combinatie met bedreiging en intimidatie’. In de monitor uit 2024 zei 1 procent van de Nederlanders van 16 jaar en ouder het jaar daarvoor slachtoffer te zijn geweest van deze vorm van psychisch geweld.
Dat zijn 200 duizend mensen, van wie 130 duizend vrouwen. Dwingende controle is in studies naar femicide (vrouwenmoord) niet voor niets een rode vlag. Slachtoffers van zo’n levensdelict zijn voorafgaand daaraan vaak ambivalent in hun signalen aan de buitenwereld, omdat zij door gehechtheid aan de dader psychische gewelddadigheden in gesprekken met hulpverleners bagatelliseren. Eerdere herkenning en bestraffing kan veel leed voorkomen.
Van Weel: ‘Femicide is een groot probleem in Nederland. Dit levensdelict kent vaak een heel lange aanlooptijd. Het begint meestal met controle in de huiselijke kring. Niet te laat mogen komen, altijd de telefoon moeten opnemen als de man belt. Ik sprak laatst een vrouw bij wie was gebleken dat ze met een tracker onder haar auto rondreed. In zulke zaken is het van levensbelang in een eerder stadium strafrechtelijk te kunnen optreden.’
Het wetsvoorstel bevat ook de bepaling dat een doodslag die vooraf is gegaan door dwingende controle of een andere vorm van psychisch geweld in de strafmaat gelijkgesteld kan worden aan moord: levenslang of dertig jaar. Verder wordt aan de strafbaarstelling van het ongevraagd publiceren van seksueel beeldmateriaal ook het dreigen met openbaarmaking van zulke beelden (sextortion) als strafbaar toegevoegd.
Na de consultatie gaat het wetsvoorstel naar de Raad van State, waarna het vervolgens aan de Tweede Kamer kan worden aangeboden.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant