Home

‘Gecorrigeerde misinformatie kan alsnog iemands wereldbeeld beïnvloeden’

Misinformatie die later wordt gecorrigeerd, beïnvloedt alsnog het wereldbeeld van de ontvanger. ‘Een schokkende ontdekking’, zegt onderzoeker Dian van Huijstee, die onlangs op het onderwerp promoveerde.

In het najaar van 2019 begon onderzoeker Dian van Huijstee met het verspreiden van nepnieuws. Ze vertelde mensen over een Amerikaanse verzekeraar die grootschalige fraude pleegde, een Brits gemeenteraadslid dat geld voor kinderkanker had verduisterd en mensen die na het eten van de Japanse loquatvrucht schade aan hun zenuwstelsel kregen – allemaal verzonnen.

Dit deed Van Huijstee niet uit kwade bedoelingen, maar als onderdeel van een promotie aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Voor haar proefschrift onderzocht ze of het geloof van mensen in onwaarheden overeind blijft als die onwaarheden worden ontkracht door middel van een zogeheten factcheck.

In de zeven jaar dat ze aan haar proefschrift werkte, veranderde de wereld om haar heen drastisch. Het coronavirus legde het dagelijks leven plat, en het onderwerp van haar onderzoek werd nóg actueler. ‘Toen ik begon, was misinformatie nog een vaag concept, maar tijdens covid kreeg opeens iedereen ermee te maken.’

Zo maakte ze twee neppe nieuwsberichten over Elon Musk (‘Toen vonden we hem nog best een leuke man’). In eentje was hij een held die miljoenen van zijn vermogen doneerde aan covidhulp, in het andere nieuwsbericht riep hij mensen op om coronamaatregelen te negeren – beide compleet uit de duim gezogen.

Het experiment moest voortijdig worden gestaakt. De reden? De echte Elon Musk begon een paar weken later te roepen dat hij zich niet zou laten vaccineren en werknemers die thuis wilden werken niet wilde betalen. De misinformatie was werkelijkheid geworden en dat kon proefpersonen beïnvloeden. De resultaten gingen de prullenbak in.

Hoe goed werken factchecks?

‘Een factcheck helpt om feitelijke informatie te corrigeren: mensen geloven na het zien van de correctie niet meer in de misinformatie die ze zagen. Maar wat wij vonden, is dat die misinformatie, ook al is die gecorrigeerd, toch bijdraagt aan hun wereldbeeld.

‘Zo maakten we twee nepnieuwsberichten over een fictief ziekenhuis, het Städtisches Klinikum Düsseldorf. In de positieve variant had dit ziekenhuis het hoogste covidherstelpercentage, in de negatieve juist het hoogste sterftecijfer.

‘Mensen beoordeelden de bewering over het ziekenhuis na de correctie meteen als minder waar. Toch beoordeelden de lezers van het negatieve nieuwsbericht het ziekenhuis achteraf als slechter.’

Facebook blurde ooit posts met onjuiste informatie en voegde een waarschuwing toe. Helpt dat?

‘Wij zagen bij politiek nepnieuws dat een waarschuwing vooraf niet voorkomt dat het nepnieuws invloed heeft. Zelfs wanneer mensen weten dat de informatie niet klopt, kan het lezen ervan hun mening over de politicus en hun stemgedrag alsnog beïnvloeden. Ik vind dat echt schokkend.

‘Daarbij speelt wel dat wij de proefpersonen forceerden om het nieuwsbericht na de waarschuwing te lezen. Als mensen hierdoor het nieuwsbericht links laten liggen, werkt het natuurlijk fantastisch.’

Hoe valt dit probleem op te lossen?

‘Factchecken is geen definitieve oplossing, maar het kan wel beter. Factcheckwebsites zoals Politifact en Nieuwscheckers zijn fantastisch, maar bereiken niet degenen die de misinformatie zien. Factcheckers die als influencer juist op sociale media zitten, zoals Sjamadriaan, doen dat wel goed.

A post shared by Sjamadriaan (@sjamadriaan)

‘Elk sociaal medium zou eigen factcheckers aan moeten nemen en uitleg moeten geven over waarom iets precies onjuist is. Meta ontsloeg vorig jaar juist zijn factcheckers in Amerika en ging over op zogenoemde community notes, die gebruikers zelf moeten toevoegen.

‘Mensen zijn best mediawijs, maar op het moment dat jij op zoek naar entertainment op de bank ligt te scrollen, ga je echt niet heel kritisch kijken naar wat allemaal langskomt. Misschien moeten sociale media daarom af en toe banners voorbij laten komen met: ‘Let op de bron!’

Wie is het meest vatbaar voor misinformatie?

‘In principe iedereen, als het aansluit bij jouw wereldbeeld. Als jij aan je gezondheid wil werken, sta je sneller open voor misinformatie over supplementen.

‘Vaak wordt gedacht dat als je minder goed kritisch kunt denken dat je dan meer openstaat voor misinformatie. Maar door te kritisch te denken kunnen mensen ook weer doorslaan en overal complotten zien.

‘Mijn favoriete complottheorie is ‘Birds aren’t real’: het geloof dat duiven surveillancedrones zijn van de overheid en dat ze opladen door op telefoonkabels te zitten. Dat is ooit bedacht als grap, maar een eigen leven gaan leiden en nu zijn er mensen die het echt geloven. Tegelijkertijd klopt het dat de CIA ooit een kat met afluisterapparatuur de wereld in wilde sturen. De waarheid is soms net zo absurd.’

Dat Van Huijstee ook naar het effect van misinformatie op het wereldbeeld kijkt, vindt factchecker en universitair docent Peter Burger een goede zet. ‘Ik hoop dat deze studie bijdraagt aan de discussie over misinformatie’, zegt Burger, die zelf ook onderzoek doet naar nepnieuws.

Zelf corrigeerde hij op Twitter ooit een PVV-politicus die een foto deelde van een demonstrant die met een vlag op een politieagent insloeg. Het antifalogo op de jas van de demonstrant was gefotoshopt, liet hij met hulp van de originele foto zien. Wat deed de politicus? ‘In plaats van de tweet te verwijderen, kwam zijn reactie neer op ‘Nou en?’’

Volgens Burger is dit precies wat Van Huijstee heeft ontdekt: ‘Ook al worden de feiten gecorrigeerd, het wereldbeeld blijft.’ Volgens hem kunnen factcheckers die houding moeilijk corrigeren: ‘Dat is ook niet onze taak. De feiten boven water krijgen is al ingewikkeld genoeg.’

Source: Volkskrant

Previous

Next