Home

Doordat zoveel landen meedoen aan het WK zijn er zoveel meer inspirerende verhalen te vertellen

Nog een paar dagen en dan is de poulefase voorbij. Net als u heb ik daarover de nodige discussies gevoerd tijdens het barbecueën of badderen in een kringloopzwembadje. Klacht: er zijn zóveel wedstrijden. Mijn antwoord: je hoeft ze niet allemaal te bekijken, toch?

Ja, ik vind het leuk, zoveel landen erbij. (Natuurlijk leverde dit meer uitstoot op, maar de grootste winst behaal je op dat vlak door het WK niet in drie reusachtige landen te organiseren.)

Waarom moet het WK een exclusief feestje blijven van vaak dezelfde landen die profiteren van een uitmuntende opleidingsstructuur? Zoveel meer verhalen waren er te vertellen, ook in deze krant. Fraaie reportages vanuit Curaçao, Ghana, tussen onderbetaalde Haïtianen in Mexico en gevluchte Iraniërs in Los Angeles.

Zelf kreeg ik in Rotterdam-West een bevlogen geschiedenisles van muzikant Jorge Lizardo over de kracht van Kaapverdiërs, terwijl hij een bosje veldbloemen op het slavernijmonument drapeerde en de lucht van de Maas opsnoof. Op en rond die rivier hadden zijn Kaapverdiaanse ouders de basis gelegd voor zijn welvaart ‘en die van Nederland!’

Ik leefde wel mee met de medewerkers van The Guardian. Die Britse krant presteert het om voor elk eindtoernooi een gids samen te stellen met daarin een interessant profiel van elke speler. Ze waren er vanwege de uitbreiding naar 48 landen al vijf maanden voor het WK aan begonnen. Dertig spelersprofielen per land werden er alvast gemaakt, 1.440 in totaal. Maar toen de definitieve selecties bekend werden, moesten er alleen al bij Brazilië elf verse spelersportretjes bij worden geproduceerd, begreep ik van de chef voetbal.

De gids is een schatkamer aan feitjes, anekdotes en levensverhalen. Zo is het van sommige spelers ronduit een wonder dat ze op dit WK aanwezig zijn. De Tsjech Tomás Chory werd bijvoorbeeld voor zes wedstrijden geschorst na een smerige elleboogstoot die hem zijn derde rode kaart van het seizoen opleverde. Zijn club Slavia heeft hem zelfs uit de selectie gezet. Toch is deze bad boy (‘Als iemand me niet mag, voel ik me juist goed’) erbij.

De Engelsman Dan Burn werd tot zijn diepe teleurstelling op zijn 11de weggestuurd bij lievelingsclub Newcastle United, verloor twee jaar later een vinger toen hij over een hek probeerde te klimmen en duwde op zijn 16de winkelwagens de supermarkt in. Hij klom vanuit de amateurs alsnog op naar Newcastle en het Engels elftal. Zijn oude supermarktcollega’s dragen speciale jacks met Burn33 erop.

De Spaanse zonaanbidder Marcos Llorente haalde de woede van de Spaanse overheid en wetenschap op zijn hals met zijn complottheorieën op sociale media over chemtrails en de schadelijke werking van zonnebrandcrème. Hij draagt een bril met gele en rode glazen om zijn ‘biologie te beschermen’. Ook Llorente is erbij, sterker nog: zijn brillen vinden onder collega’s gretig aftrek.

De Japanner Kaishu Sano dankt zijn uitverkiezing aan de traditionele houten geta-sandalen die hij op aanraden van zijn vader, een voormalig skiër, als kind moest dragen. ‘Dat heeft me geholpen mijn evenwicht te ontwikkelen’, zo weet Sano zeker.

De Irakees Zaid Ismail was pas 4 jaar toen zijn vader, een adjunct-inlichtingenofficier om het leven kwam tijdens het sektarisch geweld dat in het land uitbrak na de door de VS geleide invasie. De Zwitser Ricardo Rodríguez had eveneens een moeilijke start in het leven: vanwege een middenrifbreuk bij de geboorte gaven artsen hem slechts 50 procent kans om te overleven. Toch zijn ook zij erbij in Amerika.

Hoe saai of slecht sommige wedstrijden ook zijn, er zijn altijd inspirerende vertellingen. Uit alle hoeken van de wereld.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next