Home

Rapport: zeker 41 wolven in Nederland waarschijnlijk gestroopt

Van elke zeven wolven die in Nederland zijn bevestigd, is er hoogstwaarschijnlijk minstens één illegaal gedood. Dat schrijft onderzoeker van wildlife crime Pauline Verheij in een rapport dat dinsdag verschijnt.

is wetenschapsredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over natuur en biodiversiteit.

Zeker 41 wolven die tussen oktober 2021 en maart 2026 van de radar verdwenen, zijn waarschijnlijk slachtoffer van stroperij. Dat concludeert onderzoeker van wildlife crime Pauline Verheij in haar rapport Terug in het vizier – Wolvenstroperij in Nederland, dat ze dinsdag naar buiten brengt.

Vorig jaar spraken zeven ecologen en wolvenexperts in de Volkskrant al hun vermoeden uit dat ‘ongeveer een kwart’ van de populatie gestroopt zou zijn. Zij konden geen natuurlijke verklaring vinden voor het feit dat van sommige dieren geen DNA-spoor meer werd gevonden. Het percentage strookt bovendien met naburige landen als Zweden, Polen, Italië, Denemarken, Noorwegen en Finland, waar de sentimenten jegens het beschermde roofdier even sterk uiteenlopen als hier en waar meer gevallen van stroperij zijn bewezen.

Verheij komt in het rapport dat ze dinsdag naar buiten brengt op 15 procent (maar in aantallen tot meer wolven dan de ecologen). De eerdere schattingen waren volgens haar ‘niet foutief, maar wel gedateerd’, omdat de wolvenpopulatie waarover de deskundigen toen spraken kleiner was dan de huidige. Haar bevinding over 41 verdachte gevallen is ‘vrijwel zeker een onderschatting van de werkelijke omvang’, schrijft ze in haar rapport.

Verheij heeft niet eigenhandig kadavers opgegraven – als dat al mogelijk zou zijn. Onomstotelijk bewijzen kan ze dus niets, maar door haar onderzoeksmethode is ze voldoende overtuigd geraakt van haar bevindingen.

Sociale media en interviews

Als onderzoeker heeft ze een lange staat van dienst: meer dan 25 jaar lang werkte Verheij onder meer bij het Openbaar Ministerie, de politie, IFAW (International Fund for Animal Welfare) en andere ngo’s die zich bezighouden met stroperij en andere wildlife crime. In 2012 richtte zij haar eigen onderzoeks- en adviesbureau Ecojust op, waarmee ze organisaties in binnen- en buitenland adviseert op dit gebied. In haar werk stuit ze sinds 2023 op berichten over wolvenstroperij in Nederland. Vorig jaar besloot ze dat te gaan onderzoeken, samen met coauteur Naomi Louchouarn, ecoloog bij Humane World for Animals, een Amerikaanse organisatie die het onderzoek ook financierde.

Met die expertise verrichtte ze een opensourceonderzoek waarin ze systematisch berichten in (sociale) media als Facebook, Instagram en X monitorde en analyseerde. Ook interviewde ze 61 personen (geanonimiseerd in haar rapport) over mogelijke illegale praktijken. Het ging om plattelandsbewoners, boswachters, veehouders, schapenhoeders, jagers, deskundigen van ngo’s en politici.

Sommigen deelden getuigenissen, anderen leverden observaties uit de eerste hand, ervaringen of ‘contextuele informatie’. Al die informatie combineerde Verheij met gegevens van BIJ12, de organisatie die namens provincies het voorkomen van de wolf in Nederland bijhoudt, onder meer door het bijhouden van DNA-gegevens uit kadavers, prooidieren en uitwerpselen.

Zonder verklaring verdwenen

Twee gevallen waren al bewezen stroperij: in Stroe (2021) en in Ughelen (2022) zijn wolven illegaal gedood. Maar het moeten er meer zijn, volgens Verheij. Haar onderzoek was nog maar net afgerond of de politie maakte bekend dat de wolf die in april dood in het Twentekanaal bij Deldenerbroek lag geen natuurlijke dood was gestorven.

Van de 259 wolven die tussen 2015 en december 2025 in Nederland genetisch zijn geïdentificeerd, zijn er 38 zonder verklaring langer dan zes maanden uit de monitoring verdwenen, schrijft Verheij. Zo’n percentage strookt volgens haar niet met natuurlijke sterfte of emigratie, en wijst op systematische stroperij. ‘Van elke zeven wolven die in Nederland zijn bevestigd, is er hoogstwaarschijnlijk minstens één illegaal gedood’, schrijft ze.

De wolf is een Europees beschermde diersoort. Op stropen staat een gevangenisstraf tot 3 jaar of een boete tot 21.750 euro. Niet iets dus waarmee daders te koop zullen lopen. Ondanks het bekende credo onder stropers van ‘Schieten, begraven en zwijgen’ lijken sommigen op Facebook en in appgroepen hun mond voorbij te praten. Soms wordt een bijdrage daarom later verwijderd. Zoals de reactie in de Facebookgroep ‘De wolf in Nederland’ op 24 maart 2026, toen ‘een inwoner van Assen’ schreef: ‘Wolf hoort niet in ons land. Gewoon afschieten. Gelukkig dat boeren met een jachtvergunning wel een handje willen helpen hier in Drenthe.’

‘Heel concrete informatie’

Zulke uitlatingen kunnen natuurlijk grootspraak zijn, maar Verheij constateert een structureel patroon. Met haar onderzoek claimt ze ‘de eerste systematische verkenning van stroperij en vervolging van wolven in Nederland’ te hebben opgesteld. De verhalen die zij opnam vindt zij overtuigend en voor zover viel na te gaan, strookten ze met andere gegevens. ‘Wat ik niet overtuigend vond, heb ik niet in het rapport opgenomen.’

Ze noemt een voorbeeld van drie wolven die in het zuiden van Nederland hun territorium hadden. ‘Iemand uit de boswachterskring’ wist Verheij er ‘heel concrete informatie’ over te geven. In de weken voordat wolf GW4097f in december 2024 uit natuurgebied Markiezaat verdween, werden meerdere nachten jagers met nachtkijkers waargenomen. Jacht is daar verboden. Van de wolf is sindsdien geen DNA-spoor meer gevonden.

Een getuige vertelde Verheij dat een lid van de lokale jagersvereniging had verklaard dat een andere wolf – GW1954m, alias ‘Klaas’ – na een schapenaanval in het Zeeuwse Rilland ‘niet meer gezien zal worden en ergens begraven ligt’. De wolf is inderdaad niet meer gezien.

Ook tekende Verheij een getuigenverklaring op over wolf GW1625m, die in juli 2023 uit de monitoringsgegevens verdween, nadat hij in Groote Heide (Noord-Brabant) 97 schapen had gedood. Lokale boswachters gaan ervan uit dat de wolf is gestroopt, zo vertelden ze haar.

‘In alle drie de gevallen wijzen monitoringsgegevens en getuigenverklaringen onafhankelijk van elkaar in dezelfde richting: hetzelfde dier, op hetzelfde moment, op dezelfde plek — de sterkst mogelijke bevestiging, op een teruggevonden kadaver na’, schrijft Verheij.

‘Wijdverspreide infrastructuur’

Zo staat haar rapport vol met getuigenissen. Verheij concludeert: ‘De vervolging is georganiseerd, geografisch geconcentreerd en maatschappelijk ingebed’ en wijst op ‘een wijdverspreide infrastructuur van criminaliteit tegen wilde dieren’. De stropers zouden volgens getuigen van Verheij jachtgeweren gebruiken en ‘PCP-luchtbuksen’ met warmtebeeld- en nachtzichttechnologie. Volgens boswachters worden die geregeld in beslag genomen tijdens huiszoekingen bij vermoedelijke stropers en boeren. Ook achtervolging en opzettelijk overrijden met auto’s of squads komt voor.

De kadavers van gestroopte wolven zouden volgens Verheijs informatie worden begraven (al dan niet met ongebluste kalk om geursporen te vermijden), in mestputten gedumpt, verbrand of in open water geworpen. ‘Technieken die specifiek zijn gekozen om biologisch bewijs te vernietigen en opsporing te voorkomen’, aldus Verheij, die benadrukt dat stropers een minderheid zijn, die echter opereert met stilzwijgende steun van een brede gemeenschap.

De Veluwe en de provincies Drenthe en Friesland zijn brandhaarden. Veehouders en jagers opereren er in elkaar overlappende netwerken, aldus Verheij. Veehouders worden gedreven door verlies van vee, frustratie over het overheidsbeleid en financiële druk. Jagers zien in de wolf een concurrent voor de wildstand en de economische waarde van jachtrechten.

De twee groepen zijn verbonden door hechte sociale netwerken. ‘De coördinatie van de vervolging via socialemediaplatforms, met name het Geen Wolf-netwerk, zorgt voor een gedistribueerde operationele infrastructuur die moeilijk te monitoren en te vervolgen is’, schrijft Verheij. Geen Wolf is onderdeel van Stichting No Wolves Benelux en verspreidt via Facebook, Instagram en WhatsApp realtime wolvenzichtmeldingen.

Versnipperd bestuur en de afbouw van de handhavingscapaciteit op het platteland maakten het risico op opsporing of vervolging minimaal. In haar rapport doet Verheij aanbevelingen om een einde te maken aan het fenomeen. De belangrijkste is die aan de overheid: ‘Erken de omvang van de wolvenvervolging en kom in actie.’ Oftewel: de opsporings- en handhavingscapaciteit uitbreiden, het aantal groene BOA’s verhogen en hen uitrusten met middelen en bevoegdheden. Hoogste tijd, benadrukt Verheij: ‘Ook al ontbreken spijkerharde bewijzen, dit rapport toont dat er wel degelijk iets aan de hand is.’

Een woordvoerder van BIJ12 laat weten niet te willen speculeren zonder harde bewijzen. ‘Onze organisatie wordt niet geïnformeerd over verdachte omstandigheden bij een dode wolf; onderzoek wordt in eerste instantie verricht door de politie.’

De woordvoerder erkent dat het soms moeilijk is een doodsoorzaak vast te stellen. Het ontbreken van genetische sporen betekent niet altijd dat deze wolven dood zijn, aldus de woordvoerder. ‘Sommige wolven uit onze database doken pas na bijna anderhalf jaar weer op. Ook trekken dieren naar het buitenland, waar beduidend minder DNA-analyses worden uitgevoerd en ze dus makkelijker onder de radar blijven.’

De Politieregio Oost-Nederland, waar de meeste wolventerritoria zich bevinden, zegt geen aanvullingen of andere cijfers te hebben dan die uit het overzicht van Bij12. ‘Zolang andere onderzoeken nog lopen, kunnen we daar geen bevindingen over delen.’

Maurice la Haye van de Zoogdiervereniging reageert geschokt op het aantal van 41 wolven. ‘Ook het percentage van 15 procent van de populatie vind ik hoog, maar ook niet geheel onvoorstelbaar. Je zou bij zoveel dodingen wel meer wisselingen in de territoriumhouders van roedels verwachten. Die hebben we niet geconstateerd, maar dat vergt nader onderzoek. Mogelijk dat stropers vooral nieuwsgierige jongere wolven treffen, die zich vaker vertonen dan ouders.’

Laurens Hoedemaker, directeur Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging: ‘De Jagersvereniging verwerpt stroperij. Dit rapport kennen we niet. Ook wij horen wel verhalen over vermeende incidenten enkel anekdotisch, vaak uit tweede of derde hand. Bij de Jagersvereniging houden we ons liever bij feiten die zijn aangetoond. De wet- en regelgeving omtrent de jacht is in Nederland goed op orde. Wel kan en mag het toezicht in het buitengebied soms beter.’

Het platform No Wolves Benelux reageerde niet op een verzoek om commentaar.

Alles over wetenschap vindt u hier.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next