Home

Heeft de fatsoenlijke democratische leider nog toekomst?

is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen.

Keir Starmer is een gedegen bestuurder en Labour-politicus die bijna twee jaar premier is geweest van Groot-Brittannië. Maandag moest hij aftreden onder druk van zijn achterban, omdat hij de minst populaire premier ooit was geworden in een land dat na Brexit de weg kwijt is en ook erkende brokkenmakers als Boris Johnson en Liz Truss als premiers heeft gehad.

Friedrich Merz (CDU) is sinds ruim een jaar bondskanselier van Duitsland. Na zijn eerste regeringsjaar was hij volgens opiniepeilingen de minst populaire Duitse kanselier ooit. Nog maar 22 procent van de Duitsers steunt hem, 74 procent wil een andere kanselier.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

President Emmanuel Macron is al jaren ongekend impopulair. Slechts 23 procent van de Fransen is blij met hem, 72 procent wil liever vandaag dan morgen van hem af. De Spaanse premier Pedro Sánchez is internationaal gerespecteerd, maar 52 procent van de Spanjaarden wil dat hij zijn koffers pakt.

En Rob Jetten? Vorig jaar was hij nog politicus van het jaar. Nu geniet zijn kabinet slechts de steun van 22 procent van de Nederlanders.

Het zijn allemaal fatsoenlijke leiders die zich aan de mensenrechten houden en de parlementaire democratie een warm hart toedragen. Maar ze kunnen niets goed doen. Ze krijgen na hun installatie twee dagen krediet en zijn na twee weken aangeschoten wild. Het is niet zo dat deze landen in een diepe economische crisis verkeren. Ze zijn zondebokken van persoonlijk ongenoegen.

Dat ze het qua populariteit zo slecht doen, heeft verschillende oorzaken. Allereerst is er de opkomst van populistische volksmenners in media en politiek, wier succes afhankelijk is van het beschadigen van regerende politici en van het breed uitmeten van ieder incident – hoe triviaal ook. Een andere oorzaak is de toegenomen onzekerheid door neoliberale veranderingen. Hoewel burgers het ogenschijnlijk goed voor elkaar hebben dankzij lage werkloosheid, gestegen huizenprijzen en sociale stelsels die in Europese landen aanzienlijk beter zijn dan bijvoorbeeld in de VS, Rusland of China, klinkt er een continue klaagzang.

Dat heeft deels te maken met complexiteit en ondoorzichtigheid. Burgers accepteren nog wel dat mensen met veel hogere inkomens de zaakjes beter voor elkaar hebben dan zij: een villa met een dubbele garage en de nieuwste Tesla. Maar ze kunnen niet accepteren dat mensen met gelijke inkomens het financieel beter doen, omdat zij slimmer energie inkopen, meer terugkrijgen van box 3, scherper aan de wind zeilen in hun ziektekostenverzekeringen, de goedkoopste provider hebben en hun pensioen beter uitvalt. Dat zet op verjaardagsfeestjes en in voetbalkantines kwaad bloed.

Vijftig jaar geleden gold voor iedereen hetzelfde stroomtarief, dezelfde waterprijs, hetzelfde telefoonabonnement van de PTT en dezelfde premie voor de ziektekostenverzekering. Nu moet voortdurend alles worden opgezocht en uitgezocht. En de een is daar beter in dan de ander. De buurman in dezelfde straat met dezelfde twee-onder-een-kapwoning lijkt altijd over meer digitale kennis, beter zakelijk inzicht of meer geduld te beschikken. Het gevolg is jaloezie. Dat speelt volksmenners en populisten in de kaart.

Merz, Macron, Sánchez en Jetten zitten in hetzelfde schuitje als Starmer.

Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app.

Source: Volkskrant

Previous

Next