Verslaggever Iris Koppe communiceert met de Oekraïense Elena (70), bij wie ze studeerde in Kyiv. Elena zat eerst ondergedoken, vluchtte enkele keren naar Hongarije en keerde terug in Kyiv. De berichten zijn vertaald vanuit het Russisch.
is verslaggever van de Volkskrant en schrijft over Oekraïne en Oekraïners in Nederland.
‘Hoe gaat het daar in het Westen? Het is warm in Kyiv, bijna 30 graden. Ik zoek verkoeling in het plantsoen, hier achter de flat.
‘Zelensky wil dat er voor de winter een einde aan de oorlog komt. Door middel van diplomatie en gerichte droneaanvallen hoopt hij Poetin onder druk te zetten.
‘Ach, wat was het genieten vorige week donderdag: zwarte rookwolken boven Moskou. Onze jongens troffen een olieraffinaderij in de Russische hoofdstad. Het doet me deugd dat die Moskovieten nu eindelijk eens niet kunnen wegkijken. Laat ze de angst maar voelen die ons al meer dan vier jaar uit onze slaap houdt.
‘Dat onze jongens nu ook in staat zijn het vliegverkeer rond Moskou te ontregelen, is eveneens geweldig. Het is fijn dat die arrogante Moskovieten even niet met het vliegtuig naar Europa kunnen om daar te winkelen.’
‘Ik heb vanochtend lang met mijn Akos in Boedapest gebeld. We hebben elkaar een tijd niet gezien en hij wil dat ik weer naar Hongarije kom. Dat wordt lastig. Ik kan hier moeilijk weg. Ik heb mijn schoondochter Anna beloofd op haar 83-jarige moeder te letten.
‘Valentina woont in de wijk Obolon en is afgelopen winter bijna doodgevroren, toen de Russen met hun bommen telkens opnieuw onze energiecentrales vernielden.
‘Het was ergens begin februari, toen Anna haar in bed vond, gezonken in een diepe slaap, in haar steenkoude en donkere appartementje, met haar kleren aan, onder drie dekens. De verwarming werkte al zeker een week niet.
‘Valentina’s hartslag was traag en ze had nauwelijks kracht om op te staan. Anna heeft haar uit bed getild en haar meegenomen naar een verwarmd tentenkamp verderop in de wijk. Daar kreeg Valentina, die met forse onderkoelingsverschijnselen kampte, direct medische hulp. Vervolgens werd ze naar een ziekenhuis gebracht.
‘De rest van de winter, en een groot gedeelte van het voorjaar, bracht Valentina door bij een nicht op het platteland, ergens tussen Kyiv en Zjitomier in. Ze kwam op krachten in een huisje met een houtkachel, in een dorpje omringd door dennen- en sparrenbossen. De nicht maakte elke dag soep en smeerde donkere boterhammen met mayonaise, augurk en ham voor haar. Ze heeft zich al die tijd om Valentina bekommerd.
‘Maar nu is Anna’s moeder weer in haar eigen huis. Met niet de kou als gevaar, maar juist de zinderende hitte die op Kyiv af lijkt te komen. En natuurlijk zijn er dan nog de veelal nachtelijke luchtaanvallen. Valentina is doof. Dus die zal niet uit zichzelf naar de schuilkelder gaan.
‘Ik ga nu twee keer per week bij haar langs. Anna heeft haar moeder steeds gevraagd naar Italië te komen, zodat zij haar kan verzorgen. Maar Valentina blijft weigeren. Ik vraag me weleens af of Anna haar moeder niet gewoon kan dwingen. Sommige mensen zijn een gevaar voor zichzelf. Zeker nu er niemand is die elke dag op kan letten of Valentina wel genoeg drinkt.’
Meer afleveringen van De Schuilkelder vindt u in dit dossier over de oorlog in Oekraïne.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant