Home

Iédereen wordt beter van Piketty’s plan – laten we het zo snel mogelijk uitvoeren

Ongelijkheid Radicale hervormingsideeën van stereconoom Thomas Piketty krijgen de kritiek dat ze onhaalbaar zouden zijn. Maar dat is slechts een kwestie van gebrek aan verbeelding, vindt Hans Stegeman.

Arbeiders stapelen dozen met verse kruiden op in een koelcel in Kitengela, Kenia, in mei dit jaar.

De vos die niet bij de druiven kan, verklaart ze zuur. Zo beschreef filosoof Jon Elster in 1983 hoe mensen hun voorkeuren aanpassen aan wat de omgeving als haalbaar presenteert. Adaptive preferences, noemde Elster het verschijnsel.

Hans Stegeman is hoofdeconoom bij Triodos.

Het Global Justice Report van het onderzoeksinstituut World Inequality Lab, onlangs gepubliceerd door de Franse topeconoom Thomas Piketty en een aantal co-auteurs, laat zien hoe sterk dat mechanisme werkt. Het rapport schetst een mondiaal investeringsfonds ter grootte van ongeveer 10 procent van het wereldinkomen, gefinancierd via belastingen op de rijkste 1 procent wereldburgers, bedoeld voor klimaatinvesteringen, onderwijs en gezondheidszorg. Kwantitatief uitgewerkt tot 2100, gebouwd op twee eeuwen historische data, met een uitkomst zo onwaarschijnlijk dat je hem twee keer moet lezen.

89 procent van de wereldbevolking verdubbelt zijn inkomen, de planeet warmt op tot 1,8 in plaats van 4 graden, en mensen werken halverwege de eeuw de helft minder dan nu. Als je ook vrije tijd en een bewoonbare aarde meerekent, zal meer dan 99 procent van alle mensen er beter van worden. Kan het nog overtuigender?

Optimistische toekomstscenario’s

En toch is dit plan nauwelijks serieus besproken. De kritiek gaat zelden over de berekeningen, maar vrijwel altijd over de vermeende onhaalbaarheid van de onderliggende politiek. Opmerkelijk, want hiervoor hoeft geen nieuwe technologie te worden uitgevonden. Daarin onderscheidt dit rapport zich van veel optimistische toekomstscenario’s die wel op draagvlak kunnen rekenen. In die scenario’s laat innovatie de machtsverhoudingen ongemoeid om vervolgens toch alles op te lossen.

Ook de benodigde belastingstructuren bestaan al in rudimentaire vorm. De internationale instellingen die nodig zijn voor de uitvoering zijn institutioneel niet ingewikkelder dan wat na 1945 in enkele jaren werd opgebouwd. Een wereldfonds, een internationaal systeem voor onderlinge betalingen, mondiale vermogensbelasting: minder uitzonderlijk dan de Wereldbank, de Verenigde Naties en het IMF destijds waren.

Maar decennia van neoliberaal denken hebben ‘realistisch’ geherdefinieerd: markten als uitgangspunt, groei als doel, ongelijkheid als onvermijdelijk bijproduct. Vermogensbelasting op miljardairs? Onuitvoerbaar en niet doelmatig. Een mondiaal ‘rechtvaardigheidsfonds’ van 10 procent van het wereldinkomen? Naïef. Dat na 1945 een enorme hoeveelheid publieke middelen werd ingezet voor de opbouw van welvaartsstaten en internationale instellingen, past niet in dat frame.

De mondiale miljardairsklasse, een fractie van de rijkste 1 procent, ziet haar aandeel in het wereldvermogen dalen van ruim 6 procent naar vrijwel nul. Zij heeft er alle belang bij de druiven zuur te blijven verklaren, en heeft ook de middelen daartoe.

Op dit moment hebben Europa, Noord-Amerika en Oceanië vier keer zoveel stemgewicht bij het IMF en de Wereldbank als hun bevolkingsaandeel rechtvaardigt, terwijl het bij Sub-Sahara Afrika en Zuid-Azië precies omgekeerd is. Dat aanpassen is niets anders dan het moderniseren van mondiale beslissingsmacht.

Maar die huidige ongelijke structuur produceert ook haar eigen werkelijkheid. Via media, denktanks, lobbyorganisaties en het subtiele gewicht van wat als serieus geldt, wordt steeds opnieuw bepaald welke ideeën realistisch heten en welke in de categorie wensdenken belanden. De adaptive preferences zijn niet spontaan ontstaan. Ze zijn, in filosoof Elsters termen, gevormd door een omgeving die zelf door macht is ingericht. En die wordt nog steeds, voor onze ogen, zorgvuldig gecultiveerd.

Neerwaartse spiraal

Dat geldt ook voor de middenklasse in rijke landen als Nederland. Volgens het rapport verdubbelt 45 procent van de Noord-Amerikanen en 28 procent van de Europeanen hun inkomen. Je zou daarom verwachten dat zij serieus over dit plan zullen willen discussiëren.

Dat gebrek aan verbeelding is wat de urgentie van het rapport bepaalt, meer dan de technische uitwerking. Elke vertraagde hervorming is een extra tiende graad opwarming. Elk decennium van institutionele stilstand is een generatie die opgroeit in de overtuiging dat vooruitgang onmogelijk is.

En ondertussen neemt de vermogensconcentratie verder toe, wat de macht vergroot om die overtuiging te onderhouden. Dat maakt de tijdsfactor zo wezenlijk. Hoe langer de herverdeling uitblijft, hoe groter de machtsconcentratie. Het is een neerwaartse spiraal, en we zitten er middenin. Een plan dat nu als naïef wordt weggezet, is over twintig jaar niet vanzelf geloofwaardiger, tenzij de 90 procent die er baat bij heeft, dat zelf afdwingt.

Klimaatverandering

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next