Film Volgens regisseur Valérie Donzelli gaat haar film ‘À pied d’oeuvre’ over de offers die een schrijver brengt voor zijn kunst, en over de anarchie van de klusjeseconomie waarin hij terechtkomt. ‘Die platforms doen mensen ten onrechte geloven dat ze vrij zijn.’
Bastien Bouillon als bijklussende schrijver in de film ‘À pied d’oeuvre’.
À pied d’oeuvre
Van: Valérie Donzelli.
Met: Bastien Bouillon.
Lengte: 92 minuten.
Te zien in de bioscoop.
In de film À pied d’oeuvre lijdt de bijna pathologisch goedgemutste Paul Marquet voor zijn kunst. De schrijver en klusjesman schreef eerder twee degelijke boeken die met lovende kritieken op de achterflap liggen te verstoffen in de betere boekhandel. Nu verwacht de uitgeverij zijn Grote Roman. Terwijl zowel zijn voorschot als ideeën opraken, moet Marquet echte offers brengen voor zijn kunst. Hij geeft zijn woning op, neemt een gemakskapsel, jat van zijn ouders, én vecht voor baantjes op klusjesplatform Jobber, ook wel bekend als Karl Marx’ grootste nachtmerrie.
Komt uit dat lijden warempel een goed boek? À pied d’oeuvre, een scherp geobserveerde film over flexwerk en kunstenaarschap, lijkt zich af en toe te verlekkeren aan het romantische idee van de starving artist. Regisseur Valérie Donzelli gelooft echter niet dat je voor kunst moet lijden, zegt ze in een Parijse hotelkamer in januari – wél dat lijden nu eenmaal het lot van de kunstenaar is.
„Kunst komt van de noodzaak om te creëren”, zegt Donzelli. „Kijk naar Picasso, hij maakte prachtige kunstwerken toen hij succesvol, erkend en welvarend was. Maar armoede volgt uit de maatschappelijke status van de kunstenaar. Schrijvers krijgen niet genoeg betaald omdat men vindt dat ze geluk hebben dat ze mogen doen wat ze doen. Dat werkt niet: een kunstenaar moet dwalen, denken en rondlopen tot hij ondergedompeld is in twijfel en niet meer weet wat hij moet doen. Dan is er een flikkering.”
Donzelli en coscenarist Gilles Marchand wonnen op het Filmfestival van Venetië de scenarioprijs voor hun script, dat ze baseerden op de gelijknamige memoires van schrijver Franck Courtès. Net zoals in het boek, gaat het grootste deel van de film over hondenbaantjes met hongerlonen. Schrijfvriendelijke banen als nachtwaker bestaan niet meer. Voor de krabbelaar is er alleen nog maar ‘het platform’ – het online uitzendbureau Jobber. Zo zit Marquet vijf uur op zijn knieën gras te knippen met een heggenschaar. Voor 20 euro. Tussen tuinwerk en Ikea-kasten in schrijft hij.
Regisseur Valérie Donzelli op het filmfestival van Cannes, mei 2026. Zij en coscenarist Gilles Marchand wonnen op het Filmfestival van Venetië met ‘À pied d’oeuvre’ de scenarioprijs.
Die klusjeseconomie is gestoord, zegt Donzelli. „Het is totale anarchie. Arbeiders moeten met elkaar concurreren voor klussen en daarom constant hun vraagprijs verlagen om competitief te blijven. Ze moeten zelfs betalen om voor het platform te werken. Het is de wereld op z’n kop. Er is geen arbeidersbescherming.”
Wat is dan de aantrekkingskracht? In de film worden de platforms omschreven als „het perfecte mengsel tussen vrijheid en de deprivatie van vrijheid”. Donzelli: „Ze doen mensen geloven dat ze vrij zijn omdat ze niet voor een baas werken en hun eigen uren kiezen. Maar in de werkelijkheid moeten ze vierentwintig uur per dag klaarstaan en worden ze constant beoordeeld door stemmers op het platform.”
Ook in de filmindustrie komt Donzelli dit tegen. „Dit hyperkapitalisme zal de filmindustrie beschadigen. Kijk naar het type films dat Netflix maakt: algoritmewerk, bedoeld om het beest te voeden dat altijd hongerig blijft. Het is het fastfood van de filmwereld.”
Scène uit ‘À pied d’oeuvre’.
Het komt allemaal door de VS, stelt zij: „We lijden al onder de VS sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog. We zitten onder hun invloed, blijven ze kopiëren, terwijl we een hele andere cultuur, smaak en behoefte hebben in Europa. Kijk maar naar de auto’s. De laatste keer dat ik in een taxi zat was het een gigantische Tesla. We wonen niet in de woestijn: je hebt geen fourwheeldrive rangerover nodig in Parijs!”
In dit gesprek lijkt Donzelli klaar om óf de revolutie te verkondigen, óf om een zelfmoordpact te sluiten. Maar haar film doet geen van beide. À pied d’oeuvre is hoopvol van toon. Hoofdpersoon Marquet, gespeeld door Bastien Bouillon, is bijna lachwekkend blijmoedig, omdat hij doet wat hij wil doen. „Hij ziet zichzelf niet als arm, omdat het zijn keus is”, zegt Donzelli.
In À pied d’oeuvre zit hoop, net als in het echte leven van schrijver Franck Courtès, waarop de film is gebaseerd. Hij hoeft geen hondenbaantjes meer aan te nemen, mede dankzij deze verfilming van zijn memoires, zegt Donzelli. „Ik kan geen film maken die helemaal gesloten is, met een duistere visie. Voor mij is het belangrijk om naar het licht te gaan. Omdat dat mijn gemoed is, mijn karakter: ik geloof in het leven.”