Home

Na de wissels van Ronald Koeman raakte Oranje het initiatief volledig kwijt – en kon Japan nog de 2-2 maken  

Nederland-Japan Het Nederlands elftal leek op weg naar een fraaie overwinning op Japan. Tot de bondscoach in de drinkpauze van de tweede helft drie spelers wisselde waardoor de ploeg geen snelheid meer had.

Ronald Koeman en Nederland assistent-trainer Ruud van Nistelrooij tijdens de wedstrijd tegen Japan.

De Japanse bondscoach Hajime Moriyasu maakt vijf minuten na afloop netjes buigingen voor de vakken vol met landgenoten aan de korte zijde. Die hebben net opgewonden staan juichen, na de late gelijkmaker tegen het Nederlands elftal (2-2). De rest van het overdekte AT&T Stadium is dan al leeggelopen, onder wie de meeste Oranje-fans. „Als er iets onverwachts gebeurt, moeten we ervoor zorgen dat we niet van slag raken”, had Moriyasu vooraf gezegd.

Vanuit het perspectief van Oranje lijkt het duel volgens een ideaal scenario te verlopen, zondagmiddag in het kolossale stadion in Arlington, een voorstad van Dallas. Nederland tegen Japan is niet alleen een typisch Amerikaanse sportshow – met muziek, cheerleaders en enorme videoschermen – maar ook een bijzonder boeiend eerste WK-duel.

Het is een gevecht waarin Oranje lange tijd heerst, betere kansen creëert en kort voor tijd nog leidt. Het lijkt op weg naar een perfect begin van het toernooi tegen een outsider voor de wereldtitel – tot het in de slotfase toch nog mis gaat.

In de metropool in Noord-Texas wordt het tactisch plan lange tijd prima uitgevoerd. Bondscoach Ronald Koeman wil dat er snel diepte wordt gezocht na balverovering, want dán ligt er ruimte bij Japan doordat zij op papier maar met drie verdedigers spelen. Die omschakeling, met de snelheid van Crysencio Summerville, Donyell Malen en Cody Gakpo, moet de sleutel zijn in het aanvalsspel. Dan kan Japan verrast worden.

Baltempo soms traag

De realiteit is dat Japan veel defensiever speelt dan Koeman had verwacht, hoewel ze eerder dit jaar op vergelijkbare wijze van Engeland en Schotland wonnen. Zij geven het initiatief aan Nederland, zakken ver terug. Oranje probeert door geduldig combinatiespel en kantwisselingen een opening te vinden. Al na drie minuten wordt dat bijna beloond. Malen draait knap weg bij Shogo Taniguchi na een zorgvuldige opbouw en een goede inspeelpass van Gakpo. Maar het schot van Malen is recht op doelman Zion Suzuki, die simpel kan redden. Er volgen meer mogelijkheden, maar het baltempo bij Nederland is soms te traag om Japan daadwerkelijk pijn te doen.

Oranje controleert defensief, door de ene keer agressief hoog druk te zetten, en dan juist collectief laag terug te zakken. Pas kort voor rust krijgt Japan twee mogelijkheden. Als Gakpo links achterin een tegenstander even een paar meter ruimte geeft, kan Keito Nakamura gevaarlijk van afstand schieten. En kort erop krijgt Ayase Ueda een goede kans doordat Virgil van Dijk te veel ruimte weggeeft na een splijtende dieptepass. De spits van Feyenoord schiet hoog in het zijnet.   

De eerste helft is interessant als tactisch steekspel – maar de tweede helft levert spektakel op. Standaardsituaties zouden, vanwege het lengtevoordeel op Japan, een wapen moeten zijn van Oranje. Maar vijf minuten na rust mislukt een vrije trap van Tijjani Reijnders vanaf een beloftevolle plek. De bal wordt veel te laag ingebracht, Japan werkt weg. Van Dijk, de gevaarlijkste Nederlandse kopper, lijkt voor niets mee naar voren te zijn geslopen.

Spelmaker Frenkie de Jong pikt op, verplaatst naar collega-middenvelder Ryan Gravenberch die is uitgeweken naar de zijkant, om het veld breed te houden. Hij geeft perfect voor, op zijn Liverpool FC-maatje Van Dijk, die iets te veel ruimte krijgt van Tsuyoshi Watanabe. Van Dijk kopt vanaf een meter of tien van het doel, strak en diagonaal. Gehurkt kijkt hij de bal nog na als die langzaam via de binnenkant van de paal binnenrolt. Zijn eerste goal op een eindtoernooi.   

Verdedigend falen

Zo breekt Oranje de Japanse defensie via de lucht open. Maar het zakt snel te ver terug en faalt pijnlijk in verdedigend opzicht. Negen Nederlandse veldspelers staan in het strafschopgebied, als Japan (met zes spelers) vanaf de linkerflank het strafschopgebied aanvalt. Dumfries zet wel druk op Keito Nakamura, maar zit er niet bovenop: zijn tegenstander krijgt ruimte om te schieten, Dumfries blokt niet. Via de rechtervoet van centrale verdediger Jan Paul van Hecke zeilt de bal in de linkerhoek (1-1).

Het zijn dit soort slordigheden die Oranje – regelmatig geprezen vanwege de defensieve kracht – te vaak overkomt. Maar het is snel vergeten, halverwege de tweede helft. Het lijkt dan de wedstrijd van Gravenberch en Summerville te gaan worden – zo fraai is hun voorwerk bij wat dan voelt als de beslissing.  

Rotterdams voetbalpleintje

Met grote passen drijft Gravenberch de bal op, rechts voorin. Hij dreigt eerst naar binnen te gaan, in de drukte van de Japanse defensie. Maar hij geeft af op rechtsbuiten Summerville, die even ruimte heeft. In pas zijn derde interland, kapt Summerville bewaker Nakamura uit alsof hij op een zomeravond op een Rotterdams voetbalpleintje speelt – hij groeide niet ver van de Kuip op. Met links komt Summerville naar binnen, schiet rustig in de verre hoek vanaf twintig meter, niet eens zo hard: 2-1. Weer via binnenkant paal – nu de andere.

Het is na de drinkpauze, rond de 70ste minuut, dat Oranje de grip verliest. Dat valt samen met de wissels van Koeman. Met Malen, Summerville en in mindere mate ook Reijnders haalt hij er spelers af die met hun snelheid en diepgang voor veel dreiging kunnen zorgen. Juist nu Japan op een goal jaagt en risico’s moet nemen en dus ruimte zal weggeven.

Memphis Depay, Teun Koopmeiners en Quinten Timber komen in hun plaats – spelers die minder explosief zijn. Vijf minuten voor tijd wisselt Koeman ook nog de snelle, gevaarlijke Gakpo voor Brian Brobbey.

Oranje raakt het initiatief – zo zorgvuldig opgebouwd – volledig kwijt. Japan zet veel druk, heeft via de flanken al twee kansen gecreëerd. Junya Ito neemt in de 89ste minuut de hoekschop, de timing in de sprong van aanvoerder Van Dijk is verkeerd: hij kopt onder de bal door. Achter hem loert invaller Koki Ogawa, die 9 centimeter korter is maar wel raak kopt. Via het hoofd van Daichi Kamada vliegt de bal enigszins gelukkig binnen: hij krijgt de 2-2 op zijn naam.

„Ik heb daar geen spijt van”, zegt Koeman over de wissels in de drinkpauze. Hij hoopte met het inbrengen van Depay en Koopmeiners meer „vastigheid aan de bal” te krijgen. Hij moest erkennen dat dit „niet helemaal” was gelukt.

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next