Planetaire grenzen Economen en arbeidsmarktdeskundigen reageren op het idee van de Franse econoom Piketty om drastisch korter te gaan werken. Dat zou de planeet ten goede komen en ongelijkheid verminderen. Wat de ene expert een „haalbare visie” vindt, noemt de ander een „eco-socialistisch plan” dat „integraal in de prullenbak mag verdwijnen”.
De fabriek van vliegtuigbouwer Fokker in Amsterdam (1935). De werkweek is de afgelopen honderd jaar veel korter geworden, van ongeveer 70 uur naar zo’n 40 uur.
Een werkweek van 25 uur per week, met 12 weken vakantie per jaar. Volgens de Franse econoom Thomas Piketty is dat één van de beste manieren om een economie te creëren die zowel binnen de grenzen van de planeet blijft, als de ongelijkheid tussen landen drastisch verkleint. Dat plan presenteerde hij met andere onderzoekers, en NRC interviewde hem daarover. Volgens hem is korter werken een manier om de CO2-uitstoot te beperken en zo binnen de grens van 2 graden opwarming te blijven. Is zo’n 25-urige werkweek een goed idee? En is het haalbaar? NRC vroeg het diverse experts.
„Het idee van een 25-urige werkweek om binnen de planetaire grenzen te blijven, is aantrekkelijk in al zijn eenvoud. Maar die eenvoud kan ook een vorm van privilege zijn. Het voorstel gaat er namelijk vanuit dat werk vooral een individuele keuze is. Voor een groot deel van de wereldbevolking is dat niet zo. Een alleenstaande moeder in Nairobi, een verpleegkundige in Manila, een bijlesdocent in Seoel of een zorgmedewerker op het Nederlandse platteland hebben vaak niet meer banen omdat ze zo houden van een overwerkcultuur, maar omdat ze simpelweg moeten overleven. Velen van hen onderhouden een uitgebreide familie, lossen schulden af of vangen het tekortschieten van sociale vangnetten op. Hun arbeid houdt hele zorgnetwerken overeind.
„De klimaatcrisis is urgent, maar door de arbeidstijd te verkorten, dreigen we een systemisch probleem te behandelen alsof het om een roostertechnische uitdaging gaat. Het weerspiegelt een nogal lineaire logica: minder werken, minder consumeren, minder uitstoten. Toch vraagt duurzaamheid een bredere blik. De moeilijkere vragen gaan over hoe waarde wordt verdeeld, waarom cruciale beroepen onderbetaald blijven, hoe we een cultuur van repareren in plaats van wegwerpen opbouwen, en hoe samenlevingen welzijn kunnen loskoppelen van eindeloze consumptie.
„De uitdaging is niet simpelweg minder te werken. Het gaat erom economieën zo in te richten dat mensen goed kunnen leven terwijl ze minder consumeren, zonder de kosten van de ecologische transitie af te wentelen op degenen met de minste keuzemogelijkheden. Klimaatoplossingen die alleen werken voor de welgestelden, zijn uiteindelijk noch duurzaam, noch rechtvaardig.”
Payal Arora is hoogleraar Inclusive AI Cultures aan de Universiteit Utrecht
„Thomas Piketty ziet een kortere werkweek als een manier om klimaatschade te beperken. Een bijzonder interessante gedachte. Er zijn namelijk studies bekend dat korter werken leidt tot een verbeterd welzijn, en de productiviteit hoeft er zeker niet onder te lijden. Zijn perspectief heeft echter twee beperkingen. Allereerst is dit voor de Nederlandse situatie veel minder van toepassing, omdat ongeveer de helft van de werkende beroepsbevolking al in deeltijd werkt.
„Daarnaast denk ik dat Piketty een belangrijk aspect van betaald werk over het hoofd ziet: de sociale functie. We wíllen domweg graag werken, ook de jongste generatie werkenden hecht daar erg veel waarde aan, blijkt uit onderzoeken. Betaald werk geeft mensen een doel, status en zingeving in het leven. Mensen voelen zich zonder betaald werk of in kleine deeltijdbanen eerder uitgesloten. Bekend is ook dat informele arbeid doen, zoals vrijwilligerswerk, dat gemis onvoldoende compenseert. Ik denk daarom dat verder verkorten van de werkweek kan leiden tot een onbedoelde zingevingscrisis.”
Fabian Dekker is arbeidssocioloog aan de Erasmus Universiteit en kroonlid van de Sociaal-Economische Raad
„Piketty suggereert dat de economische wetenschap ons in staat stelt uit te rekenen hoe de wereldeconomie eruit moet zien om aan zijn persoonlijke eisen van rechtvaardigheid te voldoen. En met welk beleid we van de huidige wereld naar de gewenste gaan. Maar dat kan de economische wetenschap niet. Het is een voorbeeld van wat Hayek de „pretentie van kennis” noemde. Beleid op basis hiervan komt neer op centrale planning van de ontwikkeling van de wereldeconomie. Het zal niet de gewenste uitkomsten opleveren, maar grote schade aanrichten aan vrijheid, democratie, rechtsstaat, welvaart en veiligheid. Zijn eco-socialistische „plan” verdient het om integraal in de prullenbak te verdwijnen.
„Zitten er geen goede elementen in zijn plan? Nee, het is onzinnig om bepaalde elementen uit zijn plan te halen, bijvoorbeeld invoeren van een 25-urige werkweek. De samenleving is een complex geheel, waar alles met elkaar samenhangt. Een 25-urige werkweek alleen zal de wereld niet rechtvaardig maken, maar wel de economische vrijheid beperken en de welvaart doen afnemen, omdat het op dwang berust.”
Lex Hoogduin is emeritus hoogleraar economie en voorzitter van het Mises Instituut
„Van het eind van de negentiende eeuw tot de jaren tachtig van de vorige eeuw werd de welvaartsstijging steeds voor een flink deel omgezet in meer vrije tijd. Hierdoor zijn we tussen 1870 en 1985 niet alleen veel rijker geworden, maar ook veel korter gaan werken: de voltijds werkweek is bijna gehalveerd, van zo’n zeventig naar iets minder dan veertig uur. De laatste veertig jaar is dit proces echter gestopt en is de voltijds arbeidsduur nauwelijks meer veranderd. Thomas Piketty stelt voor de historische trend van korter werken nu weer door te trekken tot het eind van deze eeuw, zodat we dan een werkweek van 25 uur zullen hebben. Daar valt veel voor te zeggen.
„Vrije tijd draagt ook bij aan onze welvaart. En minder werken, zo laat Piketty overtuigend zien, is een noodzakelijke voorwaarde om de overgang naar een duurzame economie te realiseren. De vraag is echter hoe we die 25 uur gaan realiseren. In het verleden is daar veel strijd van vakbonden voor nodig geweest, omdat bedrijven korter werken vaak als economisch desastreus zagen. Daarin zijn ze door de geschiedenis overigens volledig in het ongelijk gesteld.
„Gezien de krappe arbeidsmarkt pleiten werkgevers toch weer voor langer werken. Vanuit de vakbeweging zijn echter opnieuw pleidooien te horen voor verkorting van de werkweek. De analyse van Piketty c.s. geeft hun hiervoor een sterk wapen in handen, want die laat zien dat korter werken ook noodzakelijk is om deze eeuw een duurzame en meer egalitaire economie te realiseren.”
Paul de Beer is emeritus hoogleraar arbeidsverhoudingen
„Piketty is grondig in zijn analyse en ambitieus in zijn doel. Als economisch historicus laat hij zien dat zijn visie haalbaar is. We kunnen snel CO2 afbouwen, juist omdat we het in zo’n korte periode hebben opgebouwd. Het is mogelijk door duurzame energie op te schalen en te stoppen met CO2-verspillende consumptie. Bovendien: zonder klimaatrechtvaardigheid is er onder de bevolking geen draagvlak voor verduurzaming.
„En die 25-urige werkweek: op een tijdschaal van een eeuw zijn we daar al naar op weg. Nu al zijn er bedrijven met een 32-urige werkweek. Wel zullen we meer onbetaalde zorgarbeid gaan verrichten, die dan hopelijk eindelijk gendergelijk verdeeld wordt.
„De technologische ontwikkelingen moeten minder werken wel faciliteren – daar zit de grootste uitdaging. Want Big Tech heeft weinig interesse getoond in de aanpak van klimaatverandering – denk aan datacenters en een escape naar andere planeten – en ongelijkheid – denk aan de bijdrage aan polarisering en ondermijning van de democratie met AI. Het hangt dus sterk af van de mate waarin de overheid en collectief ondernemerschap de markt terug weten te pakken van de private monopolisten die deze naar hun hand hebben gezet.”
Irene van Staveren is hoogleraar ontwikkelingseconomie aan de Erasmus Universiteit
„De transities naar een duurzame, circulaire en gedekoloniseerde economie leiden juist tot méér werk in plaats van minder. Ten eerste is verduurzaming van de economie arbeidsintensief: er zijn veel handen nodig voor aanleg en onderhoud van hernieuwbare energie, natuurinclusieve landbouw, reparatie en hergebruik.
„Ten tweede rust onze welvaart voor een groot deel op zwaar onderbetaalde arbeid in het mondiale Zuiden. Arbeiders daar doen volgens berekeningen van de econoom Jason Hickel 90 procent van het werk, voor slechts 21 procent van de beloning. Als je welvaart wilt verdelen, hoeft dat niet via een enkel fonds en een enkele munt zoals Piketty voorstelt. Warschuwing: die leiden mogelijk juist tot een nieuwe machtsconcentratie. Je kunt beter stoppen met uitbuiten en wereldwijd hetzelfde loon gaan betalen voor vergelijkbaar werk. Veel van het werk in het Zuiden komt dan vanzelf terug naar onze regio, terwijl onze welvaart en overconsumptie zullen afvlakken.
„Piketty’s voorstel maakt de arbeidsbevolking deels overbodig. Dat vind ik ronduit gevaarlijk. Als big business en de staat de bevolking niet meer nodig hebben, verbreek je het sociaal contract en verliezen burgers hun invloed op de macht. Dat maakt herverdeling van macht en welvaart nog moeilijker dan die al is.”
Babette Porcelijn is onderzoeker duurzame economie en auteur van het boek De trias economica (2026)
„Mensen zijn geneigd ideeën voor de toekomst te beoordelen vanuit het heden. We hebben nu arbeidsmarktkrapte vanwege onder andere de vergrijzing, dus is werktijdverkorting een slecht idee, denken velen. Het Global Justice Report [GJR] van Piketty c.s. daagt ons uit verder te denken.
„Ten eerste: het GJR pleit voor graduele werktijdverkorting tot 25 uur per week in 2100. De piek van de vergrijzing ligt in 2040, dus ver daarvóór. Die arbeidsmarktkrapte is dus geen houdbaar argument tegen het plan van Piketty.
„Ten tweede: het GJR laat zien dat het mogelijk is om én substantieel meer te investeren in zorg en onderwijs, én de werkweek substantieel te verkorten. Door de extra vrije tijd die werktijdverkorting oplevert, kunnen mensen elkaar bovendien meer informele zorg bieden. Kortom, er is geen tegenstelling tussen werktijdverkorting en toegankelijke zorg voor iedereen.
„Ten derde: mensen kiezen vrijwillig voor een kortere werkweek. Het GJR laat zien dat mensen in de afgelopen tweehonderd jaar ongeveer een derde van hun inkomensgroei hebben omgezet in meer vrije tijd in plaats van meer consumptie. De evolutie naar een 25-urige werkweek is simpelweg een voortzetting van die trend. Interessant: als economen vrije tijd in euro’s zouden uitdrukken en tot het bbp zouden rekenen – het is vreemd dat ze dat niet doen – dan zou volgens het GJR het bbp in 2100 verdubbelen.
„Ten vierde: het is niet verwonderlijk dat mensen meer vrije tijd willen, want meer vrije tijd maakt mensen meer verbonden, gelukkiger en gezonder. Het leidt bovendien tot meer vrijwilligerswerk en daarmee tot versterking van de samenleving en de democratie.
„Ten vijfde: op dit moment maakt consumptiegroei volgens wetenschappers telkens zo’n 55 procent van alle milieuwinst ongedaan, de zogeheten Jevons-paradox. Door stapsgewijs de werkweek te verkorten, vlakt de groei van de arbeidsinkomens af – en daarmee de consumptiegroei. Dat is een uiterst effectieve manier om de Jevons-paradox te doorbreken. Daardoor kunnen we onze economie twee keer sneller vergroenen dan met het huidige beleid, blijkt uit het GJR en andere bronnen. Dat maakt in 2100 een wereld van verschil, namelijk: óf een onleefbare óf een leefbare planeet.”
Paul Schenderling is econoom en directeur van postgroei-instituut Sufficiency