Home

Het klimaat interesseert techbazen geen zier

Techbazen hebben geen enkele visie op duurzaamheid en klimaat. Ze klinken als leerlingen die het liefst de school in brand steken om onder een deadline uit te komen.

Met instemming van politici overal ter wereld zijn grote techbedrijven bezig met de grootste broodroof en toeëigening van intellectueel en creatief werk in de geschiedenis van het internet. AI-modellen voeden zich met wat journalisten, tekstschrijvers, hobbyisten, experts, wetenschappers, muzikanten, schilders, tekenaars, filmmakers en softwareontwikkelaars op het internet hebben gezet, schotelen die informatie vervolgens in gehusselde vorm aan hun gebruikers voor, en doen alsof ze het zelf hebben bedacht. Doordat een zoekmachine als Google tegenwoordig zijn eigen AI-samenvatting bovenaan zet, klikken gebruikers niet meer door naar de bronnen van de informatie zelf. En het wordt erger: Google gaat de zoekresultaten binnenkort nog minder belangrijk maken. Met ontransparante AI-modellen bepaalt Google meer en meer welke informatie zichtbaar wordt, en welke niet.

Toch wil ik het graag hebben over het energiegebruik van AI, met het risico te lijken op iemand die zich erover opwindt dat de tanks op het slagveld niet op groene waterstof rijden. In een hilarische maar ook ontluisterende video heeft mijn Britse collega-klimaatwetenschapper Adam Levy zich verdiept in wat ceo’s van grote techbedrijven zelf in de media te zeggen hebben over hun klimaatimpact. En daarmee legt hij bloot hoe flinterdun en onheus de klimaatambities van ’s werelds grootste techbedrijven zijn.

De eerste stuitende constatering is dat techbazen geen enkele visie hebben op duurzaamheid en klimaat. Met goedkope retorische trucs bagatelliseren ze in het ene interview het energiegebruik van AI. En in het volgende interview, voor een andere doelgroep, scheppen ze op over hoeveel energie ze in de toekomst nodig gaan hebben. Voorbeeld: Sam Altman (OpenAI) komt in het ene interview met het argument dat een zoekopdracht met AI minder CO2-uitstoot veroorzaakt dan een autoritje naar de bibliotheek om informatie op te zoeken. Een stropopredenering: eerst een situatie in het absurde trekken, om er vervolgens tegenin te gaan. Autoritten naar bibliotheken zijn nooit een wezenlijke bijdrage aan de opwarming van de aarde geweest. Dezelfde Sam Altman in een ander interview: „De vraag naar AI zal zó groot worden dat óf een groot deel van het aardoppervlak bedekt zal raken met datacenters, óf dat we datacenters in een schil rond de aarde zullen laten zweven.” Het zijn kinderlijke verzinsels, er is geen enkele realistische kijk op de impact van het bedrijf op de planeet.

En dat terwijl AI hard op weg is om een belangrijke energieafnemer te worden. Duurzaam is die energie niet: sinds begin 2025 is bijna 30 miljard dollar geïnvesteerd in gascentrales uitsluitend bedoeld voor Amerikaanse datacenters, meer dan wat er in het hele Midden-Oosten aan gascentrales bijkwam, of in heel Europa. Techbedrijven ontmaskeren zichzelf: in 2020 beloofden Amazon, Google, Meta en Microsoft nog netto-nul uitstoot in 2030. Maar toen kwam AI, en die veranderde de schaal der dingen. Zo veel vraag, zulke snelle ontwikkelingen, alleen fossiele brandstoffen kunnen daarop inspelen. En dus verdwenen alle klimaatbeloftes van de grote bedrijven geruisloos van het toneel. De CO2-uitstoot van Google is inmiddels 48 procent hoger dan in 2020. De groene praatjes van vijf jaar geleden waren er uitsluitend omdat op dat moment hernieuwbare energie het goedkoopst leek.

De tweede conclusie die je kunt trekken als je naar techbazen luistert, is dat ze heilig geloven dat AI alle toekomstige problemen gaat oplossen, inclusief de hele natuurkunde. Jeff Bezos, Bill Gates, Mark Zuckerberg, ze houden ons allemaal voor dat AI het klimaatprobleem gaat oplossen. Eric Schmidt (voormalig Google) maakt het het bontst van allemaal. In een interview: „We gaan de klimaatdoelen [van Parijs] toch niet halen, dus dan gok ik er liever op dat AI in de toekomst het klimaatprobleem gaat oplossen, dan dat we nu AI aan banden gaan leggen en daardoor nog steeds het klimaatprobleem hebben.” Dat is een redenering waar je zo veel fantasie voor nodig hebt dat het simpelweg misleidend is. Adam Levy vergelijkt het met een leerling die de deadline voor z’n huiswerkopdracht niet gaat halen, maar dan niet heel hard z’n best gaat doen om het alsnog zo snel mogelijk in te leveren, maar liever de school in brand steekt om onder de deadline uit te komen.

Schmidt, Bezos en alle anderen framen de klimaatcrisis als een probleem dat nieuwe technologie nodig heeft, die het vervolgens op miraculeuze wijze laat verdwijnen. Maar de klimaatcrisis is geen technologisch probleem. Het is het gevolg van politieke onwil om te stoppen met fossiele brandstoffen. In een recent rapport van het Internationaal Energie Agentschap wordt nog eens uitgelegd dat tweederde van het hele klimaatprobleem morgen kan worden opgelost met bestaande technieken. We hebben meer duurzame energie nodig, dat zeker. Maar wat we nog veel harder nodig hebben is dat het gebruik van fossiele brandstoffen stopt.

De derde en laatste conclusie moet zijn dat tech-ceo’s maar wat uit hun nek kletsen. We doen soms alsof ze het kompas voor innovatie en vooruitgang zijn, een baken voor de mensheid. Maar het zijn niets meer dan leugenachtige verkopers van hun eigen producten. Het zorgelijke is dat ontzettend veel mensen die AI-bedrijven heel serieus nemen, en in de hype alles geloven wat ze zeggen. Tot onze pensioenfondsen aan toe. Na het demasqué van AI, dat ooit zal komen, resten ons de scherven van een ontplofte bubbel, een fata morgana van een glinsterend luchtkasteel met koningen op grote tronen die in het niets verdwijnen.

Met medewerking van Dr. Adam Levy (@ClimateAdam).

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Wetenschap

Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin

Klimaatverandering

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next