Home

Een kleine verandering kan grote gevolgen hebben. Maar wat is precies het omslagpunt?

Malcolm Gladwell De Brits-Canadese journalist Malcolm Gladwell werd jaren geleden beroemd met de term ’tipping point’, al bedacht hij die niet zelf. Nu belicht hij dit fenomeen opnieuw in een boek waarin het minder gaat over succesverhalen en meer over ‘asociale epidemieën’.

De Thwaites-gletsjer op Antarctica.

De Thwaites-gletsjer op West-Antarctica dreigt de drijvende ijsplaat te verliezen die de smeltende reus aan de voorkant nu nog afremt. Als de ijsplaat breekt, zal het de gletsjer nog instabieler maken, wat weer catastrofale gevolgen kan hebben voor de hele ijskap van West-Antarctica. En voor de zeespiegelstijging wereldwijd. De Thwaites-gletsjer heet ook wel de Doomsday-gletsjer.

Malcolm Gladwell: We moeten het weer over de tippingpoint hebben (Revenge of the Tipping Point) Vert. Inge Pieters. Pluim, 400 blz. € 27,99

Het kan elk moment gebeuren: het tipping point ligt bij een graad of anderhalf gemiddelde aardopwarming, denken wetenschappers. Of lag; die anderhalve graad zijn we al een jaar voorbij.

Tipping points – een kleine verandering die een systeem uit balans brengt, wat weer tot een grote verandering leidt – zijn overal. Hypes in mode, technologie of op de beurs. Een doorbraak van een politieke beweging. Een strandende relatie. Een onopmerkelijke ziektegolf die een epidemie wordt als het aantal besmettingen een bepaalde grens bereikt.

Of het dialoogje uit Ernest Hemingways The Sun Also Rises (1925), waarin een man de vraag krijgt hoe hij failliet is geraakt en antwoordt: „Two ways. Gradually, then suddenly.”

Van marginaal naar massaal

De term is in 1957 gemunt door de Amerikaanse socioloog Morton Grodzins in zijn onderzoek naar zogeheten ‘white flight’: als het aantal zwarte families in een witte wijk een ‘drempelwaarde’ bereikte, verhuisden witte gezinnen plotseling massaal.

Maar het fenomeen werd pas echt bekend rond de eeuwwisseling dankzij het gelijknamige boek van de Brits-Canadese journalist Malcolm Gladwell. ‘Tippingpoint’ beleefde als het ware zelf een tippingpoint. Gladwell onderzocht hoe ideeën, trends en gedrag plotseling kunnen omslaan van marginaal naar massaal. In de ziektebeeldspraak: ze gaan ‘viraal’ en veroorzaken een ‘sociale epidemie’.

„Mensen zijn van nature gradualisten”, schreef Gladwell toen. Ze denken lineair en kunnen exponentiële groei niet goed bevatten. Stel dat je een A4’tje vijftig keer zou dubbelvouwen – het kan hooguit acht keer – is je papier dikker dan de afstand van de aarde tot de zon. Probeer maar.

In The Tipping Point beschreef hij onder (veel) meer waarom misdaadcijfers in New York plotseling daalden, hoe het supersaaie schoenenmerk Hush Puppies alsnog een hit werd en hoe Lexus, nieuwkomer op de automarkt, uit een technische tegenvaller een imago-boost haalde.

Gladwell destilleerde er drie ‘regels’ uit. Een kleine hoeveelheid bijzondere mensen – charismatische pioniers, netwerkers en slimme verkopers – zorgen voor een krachtig startschot (The law of the few). Een onweerstaanbaar verhaal – hij noemt Sesamstraat – maakt populair (The stickyness factor). En de rol van de omgeving; leeftijdgenoten of groepsgenoten hebben bijvoorbeeld meer invloed op kinderen dan ouders, zegt hij (The power of context).

Er is van alles op afgedongen, maar het waren aanstekelijke case-studies met uitstekende vragen: hoe zit dit, is dit niet tegenintuïtief, is de verklaring wel de echte verklaring?

Social engineering

In The Tipping Point zoek je de naam van de baanbrekende Grodzins overigens tevergeefs. In het vervolg, Revenge of the Tipping Point (2024), net in Nederlandse vertaling verschenen onder de titel We moeten het weer over de tippingpoint hebben, duikt hij alsnog op, als een verlate goedmaker in een hoofdstuk over social engineering.

Het is niet de terugblik op zijn eerste boek geworden die Gladwell eerst voor ogen had om te zien wat er na een kwart eeuw op de zeef was blijven liggen. Zijn eerste boek paste in de „hoopvolle tijd van een nieuw millennium”, zegt hij. Nu leek de wereld „te anders”. In dit boek geen marketing-succesverhalen, maar veel over wat je Amerikaanse ‘asociale epidemieën’ kunt noemen: de opiatencrisis, pieken in bankroven, en zelfmoorden. Ze blijken vaak niet egaal over het land verdeeld, maar vooral lokaal of regionaal.

Hoe dat kan heeft met Gladwells ‘derde wet’ te maken, de invloed van de omgeving, waarvoor hij nu het woord overstory gebruikt. Zoals de mentaliteit van Californische vrije school-ouders en hun kinderen die juist daar leidt tot vaccinatiescepsis en alleen op die scholen. Groepsdruk keert in allerlei vormen terug, zelfs in het ogenschijnlijke ontbreken ervan, zoals in het gemak waarmee malafide zorgaanbieders in Florida het ziekenfonds oplichten.

Sterk is het deel over omslagpunten in groepen, zoals schoolklassen en de verhouding tussen mannen en een meestal kleiner aantal vrouwen in raden van bestuur. Zijn vraag: hoe groot moet een minderheid precies zijn waarbij deze niet langer als minderheid wordt gezien? Het blijkt keer op keer te liggen tussen de 25 en 33 procent.

In gemengde klassen valt het verschil in prestaties opeens weg bij die verhouding. „Als een vrouw alleen is [in een bestuur] valt ze op als vrouw, maar wordt ze onzichtbaar als persoon”, schrijft hij. Maar als vrouwen in adviesraden het ‘magische derde deel’ vormen, „verandert de sfeer radicaal”. „Dan voel ik me gewoon een van de stemmen in het gesprek”, citeert hij een van hen.

Weten waar het kantelpunt ligt, maakt social engineering volgens Gladwell „onweerstaanbaar”. Zoals mannen afwijzen voor een bestuursfunctie totdat het kantelpunt is bereikt. Of alle kinderen uit minderheidsgroepen in één klas zetten. Maar verkoop dat maar eens.

Positieve discriminatie

Het is eerder geprobeerd. Om Grodzins ‘witte vlucht’ te stuiten, werd in de jaren vijftig een experimenteel wijkje opgetuigd in Palo Alto, Californië, met een uitgekiende mix van zwarte, witte en Aziatische gezinnen; achteraf het startschot van de affirmative action (positieve discriminatie). Maar om die mix te behouden, mochten gezinnen hun huis alleen verkopen aan gezinnen van hun ‘eigen kleur’, ook als er een betere partij was. „Om de multiculturele harmonie te behoeden moesten ze juist die mensen dwarsbomen die ze probeerden te helpen.” Het experiment eindigde in tranen. Tipping points leiden nooit tot simpele oplossingen, moet Gladwell vaststellen.

De opiatencrisis speelt een grote rol in het boek, dat opent en sluit met gerechtelijke verhoren van de familie Sackler en hun Purdue Pharma. Daar is al heel veel over geschreven, en je hebt het idee van een ‘overstory’ niet echt niet nodig voor de agressieve en misleidende marketing van de verslavende pijnstiller OxyContin. In de paar staten die zich bleven houden aan strenge regels voor het uitschrijven van zo’n recept bleek die crisis ook veel kleiner. Duh!

Als Gladwell het heeft over „het doorbreken van overstories op nationale schaal” wordt het zelfs potsierlijk. Zo beweert hij dat het werkelijke besef van de Jodenvernietiging „in de wereld” pas doordrong na, nee door de Amerikaanse vierdelige documentaire Holocaust uit 1978. Want „historici negeerden het onderwerp [en] overlevenden wilden er niet over praten”. Dit na, om maar wat te noemen, het Eichmanproces (1961), Hannah Arendts theorie over ‘de banaliteit van het kwaad’ die in 1963 in de VS in de Joodse gemeenschap keihard landde, en het driedelige The Destruction of the European Jews van de Amerikaanse historicus Raul Hilberg (1961).

Vormdwang

Met de The Tipping Point was Gladwell destijds een van de pioniers die een nieuwsgierige blik en een wervende stijl losliet op ogenschijnlijk alledaagse verschijnselen. Zijn frisse wetenschapsjournalistiek sloeg een brug tussen experts en de geïnteresseerde leek – die een massapubliek bleek, ook voor de andere bestsellers die erop volgden, zoals Outliers en What the Dog Saw. Bij alle interessants dat dit nieuwe boek heeft te bieden, ontkom je niet aan de indruk dat het kantelpunt-frame na 25 jaar een beetje aan vormdwang lijdt.

Toch heeft Gladwell zichzelf wel degelijk opnieuw uitgevonden, maar dan met de podcast als podium. In Revisionist History – nu in het vijftiende seizoen – ontrafelt hij mysteries waar er op het eerste gezicht geen is. De jongste aflevering gaat over de vraag waarom in niet al te hoge Amerikaanse gebouwen vaak geen lift zit. Gladwell: „Sommigen van jullie zullen nu wel zeggen: denk je echt dat ik een half uur naar jou ga luisteren over liften? En mijn antwoord is: Oh, yes, you are.” En dan hang je aan zijn lippen.

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next