Michael Dunlop heeft dinsdagmiddag de eerste Supersport TT race gewonnen van de 2026 Isle of Man TT. De Noord-Ier was verreweg het sterkst op zijn Ducati Panigale V2 voor Dean Harrison op de Honda CBR600RR en Peter Hickman op de Triumph Street Triple 765RS.
Na een rustdag op maandag stonden er maandag maar liefst drie TT-races op het programma. De Supersport en Sportbike klasse zouden hun eerste race van deze TT rijden terwijl de Superstock race – aanvankelijk gepland op zaterdag – nu ingehaald moest worden.
De dag begon echter met veel regen en laaghangende mist op de Mountain waardoor het programma flinke vertraging opliep. Dit betekende al gauw dat de Sportbike race naar de avond verplaatst zou worden en de Superstock race wederom uitgesteld zou worden. Inmiddels is het weer gaan regenen op het Isle of Man en zal er op dinsdagavond dus ook niet geracet worden.
De Supersportrace ging uiteindelijk om 15:00 uur lokale tijd, 16:00 uur Nederlandse tijd van start (vier uur later dan oorspronkelijk gepland) over een gereduceerde afstand van drie ronden. Rond die tijd waren de omstandigheden op de ruim zestig kilometer lange Snaefell Mountain Course dan ook goed, al waren er her en der nog natte plekken, en dan met name onder de bomen.
Mike Browne vertrok met het startnummer 1 als eerste op zijn Yamaha YZF-R6 maar bij het eerste meetpunt ter hoogte van Glen Helen had Dean Harrison al de leiding genomen met een voorsprong van 1,6 seconde ten opzichte van Michael Dunlop. Browne lag derde, nog eens 4,2 seconden daarachter.
Paul Jordan had de vierde positie in handen op slechts 0,3 seconde van Browne met achter hem Peter Hickman en Dominic Herbertson, beiden op een Triumph. Josh Brookes die in de kwalificatie nog de vierde tijd noteerde op zijn Suzuki GSX-R750, lag op dit moment slechts tiende.
Bij het tweede meetpunt in Ballaugh had Harrison zijn voorsprong vergroot naar 2,1 seconden. Browne bleef derde, maar was inmiddels 7,9 seconden teruggevallen op Dunlop. Dunlop was echter sneller op weg naar Ramsey en verkleinde zijn achterstand op Harrison tot slechts 1,1 seconde. Jordan passeerde ondertussen Browne voor de derde plaats, mede geholpen door de slipstream van de snel rijdende Harrison.
Bij de Bungalow bleef het verschil tussen de twee leiders vrijwel gelijk. Toen zij aan het einde van de eerste ronde de pits in kwamen voor hun verplichte stop, gaf een eerste ronde van 126,602 mph gemiddeld Dunlop de leiding. Harrison had met 126,587 mph vrijwel dezelfde snelheid gereden en keek tegen een achterstand van slechts 0,127 seconde aan.
Jordan (125,159 mph) lag derde, bijna zes seconden voor Hickman (124,479 mph), terwijl Herbertson (123,942 mph) en Brookes de top zes completeerden. Browne zakte terug naar de twaalfde plaats nadat hij een tijdstraf van 30 seconden had gekregen wegens het overschrijden van de snelheidslimiet in pit lane van 60 km/u. Ook de Manx-coureur Conor Cummins kreeg een straf voor dezelfde overtreding.
Bij Glen Helen in de tweede ronde was Dunlops voorsprong op Harrison gegroeid tot 2,3 seconden. Jordan bleef derde, maar Herbertson was inmiddels opgeklommen naar de vierde plaats nadat Hickman tijd had verloren in de pits doordat zijn tankdop niet open wilde.
Bij de tweede passage over Ballaugh Bridge was Dunlops voorsprong bijna verdubbeld tot vier seconden. Tegen de tijd dat de rijders Ramsey bereikten, had hij zijn marge verder vergroot tot 7,2 seconden terwijl hij opnieuw aan de klim over de Mountain begon. Hickman had ondertussen de vierde plaats heroverd doordat hij tijd terugwon op Jordan.
Dunlop bleef in elke sector tijd winnen. Toen hij aan de derde en laatste ronde begon, bedroeg zijn voorsprong op Harrison al 12,5 seconden en leek hij de uitdaging van de Honda-coureur definitief te hebben afgeslagen. Jordan lag nog steeds derde, maar Hickman kwam snel dichterbij en zat nog slechts 1,8 seconde achter hem bij het begin van zijn laatste 37,73 mijl. Herbertson lag vijfde, 13,4 seconden achter Hickman maar 7,3 seconden voor Brookes.
Bij de derde passage door Glen Helen was het verschil tussen de eerste twee opgelopen tot 16,1 seconden. Gezien zijn opmars was het geen verrassing dat Hickman inmiddels naar de derde plaats was opgeklommen. Hij lag nu 2,3 seconden voor Jordan. Herbertson en Brookes behielden respectievelijk de vijfde en zesde positie, terwijl Jamie Coward steeds dichterbij Josh Brookes kwam en de Australiër tot op vier seconden naderde.
Dunlop keek gedurende de rest van de ronde niet meer achterom. Met de snelste raceronde van 127,672 mph verzekerde hij zich van de overwinning met 24,47 seconden voorsprong op Harrison (126,258 mph). Hickman (127,215 mph) pakte de derde plaats. Daarmee stonden dezelfde drie rijders als in de Superbike-race van zondag op het podium, zij het in een andere volgorde.
Jordan eindigde als vierde en evenaarde daarmee zijn resultaat uit de tweede Supersport-race van twaalf maanden eerder. Brookes wist uiteindelijk de vijfde plaats te veroveren. De Australiër reed in de laatste ronde achter Hickman aan en passeerde daarbij Herbertson.
Coward werd zevende, terwijl Shaun Anderson, Ian Hutchinson en Browne de top tien completeerden. Zonder zijn tijdstraf zou Browne als vijfde zijn geëindigd. Sterke prestaties waren er daarnaast van onder anderen Mitch Rees (13e), Joe Yeardsley (16e), Michael Russell (17e), Jamie Cringle (18e), Barry Furber (19e) en de Fransman Pierre Yves Bian (20e). Laatstgenoemde reed daarbij zijn persoonlijk snelste ronde ooit op de Mountain Course met een gemiddelde snelheid van 121,927 mph.
Amalric Blanc, rijdend voor het Nederlandse Never be Clever Racing, eindigde deze eerste Supersport race als 39e. Zijn beste ronde was er één van 115,107 mph gemiddeld.
Voor Dunlop betekende dit zijn 34e TT-overwinning en zijn negende opeenvolgende zege in de Supersport-klasse. Hij reed bovendien de snelste ronde van de race met een gemiddelde snelheid van 127,672 mph (205,5 km/u). De Noord-Ierse coureur behaalde daarnaast zijn 53e TT-podiumplaats.