Tv-recensie In een nieuwe aflevering van ‘Daten in het dorp: op Texel’ waren eenentwintig vrijgezelle dames aangemeerd om de jacht te openen op vier mannelijke eilandbewoners.
Mike met z’n meiden en dieren, in ‘Daten in het dorp: op Texel’.
Lichten uitgedaan? Check. Waterbak van de kat ververst? Check. Deur op slot gedraaid? Check. Toch knaagde er iets; ik kwam er pas in de tram naar mijn eerste afspraak van de dag achter wat het was. Op mijn telefoon keek ik alvast een stukje Goedemorgen Nederland (WNL), waarin presentator Sam Hagens de kop van het voorpagina-artikel van het AD zat voor te lezen. „Code Oranje!”, zei Sam Hagens. „Vrouwen krijgen nog minder baby’s.” Op de vroege maandagmorgen sloeg ik me schuldbewust voor mijn verstrooide vrouwenhoofd. Ja, dat was het: ik was weer glad vergeten een baby te maken. Mea culpa, I guess.
Voorzitter van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving Jet Bussemaker was niet verbaasd. Deze trend is al langer zichtbaar, legde ze uit. Terwijl ze het woord nam verscheen op de achtergrond een foto van twee kleine, roze, vredig slapende baby’s, opdat de kijker zeker wist waar het over ging (baby’s). Bussemaker vond de oplossing die werd aangedragen in het artikel, een ministerie voor gezinnen, wat simplistisch. „Het is een heel ingewikkelde ontwikkeling”, zei ze; „die heeft ook met woningbouw te maken en met hoe we in Nederland bijvoorbeeld al heel lang naar opvang van kinderen kijken.” Belemmeringen om tijdig aan kinderen te beginnen moesten worden weggenomen, daar was men het in de studio snel over eens.
Wat deze kijkster enigszins verbaasde was hoe er voorbij werd gegaan aan de keuze van het AD om de hele babymakelij aan vrouwen toe te schrijven. Mijn gedachten gingen uit naar weinig romantische avonden die ik doorbracht in het gezelschap van mannen die bijna vier decennia op de teller hadden staan en wier haarlijn je moest zoeken met een verrekijker, en die dan toch nog met verbijsterende nonchalance zeiden: „Óóit wil ik misschien wel kinderen, maar daar moet ik nú écht nog niet aan dénken!” Dus ja, het is zeker handig om een huis en een opvang voor je hypothetische baby te hebben, maar met alleen een rammelend stel eierstokken (er even van uitgaand dat die ook nog eens werkzaam zijn) kom je niet erg ver. Onderdeel van het probleem is dat je ook nog ergens, excusez le mot, zaad vandaan moet halen.
Over naar Texel. Daar waren intussen eenentwintig vrijgezelle dames aangemeerd om de jacht te openen op vier mannelijke eilandbewoners. Je had Mark (38), die niet alleen een glazenwassersbedrijf en twee vakantieparken beheerde, maar ook nog eens een verleden had als semiprofessioneel darter. Je had Mike (33), die werkte bij een grondwerkbedrijf en daarnaast graag aanschoof bij Radio Texel, waar hij zichzelf Mike Jagger mocht noemen. Je had Paul (30), die geen geboren Texelaar was maar er toch never nooit meer weg wilde nu hij er zijn plek had gevonden als surfinstructeur. En dan had je nog Jacco (29), de benjamin van de groep, die als telg van een ondernemersfamilie al op zijn twintigste een restaurant overnam. Verdeel daar eenentwintig dorstige vastelanders over en je krijgt het programma Daten in het dorp: op Texel (BNNVARA).
Maandagavond werd aflevering nummer zes uitgezonden, waarin de onvrede binnen Mikes vrouwenschare steeds groter werd omdat meneer Jagger niet heel goed bleek in keuzes maken. Terwijl de groepjes van de andere mannen slonken, werd die van Mike juist groter: online marketeer Daphne (26) was eigenlijk aan het daten met Paul, maar voegde zich toch liever bij mr. Jagger. Hij zeulde vijf dames met zich mee naar een zeehondenopvang, want „meiden en dieren, dat is altijd goed”. In de praktijk had hij enkel oog voor zorgmedewerker Kim (29). De overige vier vrouwen hobbelden getergd achter ze aan. Die gingen geen Texelse baby’s maken.