Home

‘De term West-Azië is geen waarde-oordeel, het gaat over een nieuw te analyseren systeem’

Mohammed Soliman | Geopolitiek expert Al voor de oorlog tegen Iran begon, beschreef de Egyptisch-Amerikaanse analist Soliman hoe een hypothetische oorlog tegen Iran zou escaleren. Nu ziet hij zijn thesis over een nieuw geopolitiek speelveld onderbouwd: dit conflict voltrekt zich niet meer in het Midden-Oosten, maar in West-Azië.

Als gevolg van de Iraanse blokkade van de Straat van Hormuz ligt een vrachtschip eind maart voor anker in de haven van Muscat, de hoofdstad van Golfstaat Oman.

De Amerikaanse en Israëlische aanvallen op Iran leken eind februari nog de opmaat te zijn naar een regime change-oorlog, zoals Washington in de afgelopen decennia vaker voerde in de regio. Maar al snel waren veel meer ‘spelers’ betrokken bij dit conflict, of ze wilden of niet. De omliggende Golflanden werden getroffen door Iraanse vergeldingen, Pakistan wierp zich op als vredesonderhandelaar, Europese leiders maakten afspraken met Arabische collega’s over de bescherming van de Straat van Hormuz.

Voor analist Mohammed Soliman onderbouwt dat zijn thesis over een nieuw geopolitiek ‘speelveld’: dit conflict voltrekt zich niet meer in het Midden-Oosten, maar in West-Azië. Waar technologische, economische en strategische samenwerkingen elkaar in de afgelopen jaren hebben versterkt.

Zijn boek over de integratie van de regio werd één week voor de start van operatie Epic Fury gepubliceerd. Sindsdien reist hij met zijn boek de wereld over. Hoe helpt anders kijken naar de wereldkaart, het begrip van geopolitieke ontwikkelingen?

Analist Mohammed Soliman. Zijn boek West Asia: A New American Grand Strategy in the Middle East verscheen begin 2026.

De in Egypte geboren Amerikaan Soliman leidt in Washington een eigen kantoor voor beleidsadvies en is verbonden aan de denktank East Institute. Hij begint het gesprek via videoverbinding met een soort disclaimer: „Ik ben opgeleid als ingenieur. Ik bekijk de wereld aan de hand van systemen, structuren. Ik heb geen politicologie gestudeerd maar kijk naar materiële zaken die de politieke verhoudingen beïnvloeden: denk aan havens, handel, luchthavens. Zo begon ook het onderzoek voor mijn boek.”

Waarom gebruikt u de term ‘West-Azië’?

„Ik gebruik de term West-Azië niet als een soort rebranding op basis van een waarde-oordeel [daarmee verwijzend naar dekolonisatie of anti-kolonialisme], het gaat over een nieuw te analyseren systeem. Ik beschrijf hoe in de afgelopen jaren een netwerk van landen en belangen is ontstaan. Dat gebied strekt zich uit van de Indische Oceaan tot de Middellandse Zee: denk aan Turkije en Egypte, de Arabische wereld, Israël en de Zuid-Aziatische landen. Die zijn allemaal veel meer aan elkaar geklonken dan men in Washington en Londen doorheeft.”

Volgens Soliman is het cruciaal die regio niet te zien „als een soort tussenstation”. Zeker de Golfstaten vormen volgens hem „een knooppunt van kapitaal en economische belangen, die op hun beurt geopolitieke besluiten stuwen”. Die integratie is op allerlei niveaus te zien: arbeidsmigranten trekken vanuit Nepal of India dwars door West-Azië om te werken als huishoudelijk werker of als technicus in nieuwe bedrijven. Europeanen en Amerikanen op zakenreis naar Japan of China, moeten doorgaans overstappen op luchthavens in Dubai of Abu Dhabi. Tussen Indonesië, Zuid-Korea en de Filippijnen en de Golflanden groeit de industriële samenwerking. In de Golfstaten komen steeds meer datacenters en tech-start-ups voor projecten en digitale infrastructuur van onder meer Griekenland, Frankrijk en India.

„Zo ontstaat een systeem van op elkaar ingespeelde landen, via allerlei verschillende connecties”, aldus Soliman. Daarbij is volgens hem vooral de laatste stap veelal over het hoofd gezien: „Het veiligheidsaspect. Er is steeds meer defensie-samenwerking tussen landen die deze regio omspannen: Japan en Italië werken samen aan de bouw van een nieuw gevechtsvliegtuig, en Turkije wil voor een nieuwe jet Egypte en Pakistan betrekken. Pakistan sloot vorig jaar een defensiepact met Saoedi-Arabië.”

Soliman legt zulke dwarslijntjes uit als onderdeel van een nieuwe geopolitieke orde in de regio, waarvan de contouren steeds duidelijker worden. „Het is zelfs geen toeval dat Iran tijdens zijn vergeldingsaanvallen de datacenters in Bahrein en de Verenigde Arabische Emiraten aanviel: buiten de directe economische schade die dat veroorzaakte, kun je dat ook zien als Irans erkenning van het belang van die nieuwe infrastructuur. In de toekomst zullen de getroffen landen nauwere gezamenlijke defensie nastreven, om die gedeelde infrastructuur in de toekomst beter te beschermen. Het huidige conflict bewijst eigenlijk de noodzaak van de groeiende West-Azië-samenwerking.”

Bij de ontwikkelingen noemt u ook India en Pakistan, die vorig jaar nog een kortstondige oorlog uitvochten. Er heersen op z’n minst tegenstrijdige belangen binnen de regio die u schetst. Hoe hecht zijn de genoemde samenwerkingen?

„De veiligheidsstructuur die nu ontstaat is geen bondgenootschap. De groeiende handel tussen Saoedi-Arabië en India lijkt inderdaad moeilijk te rijmen met een Saoedisch-Pakistaans defensiepact. Maar ik denk niet dat die ontwikkelingen absoluut tegenstrijdig zijn: de landen binnen West-Azië begrijpen heel goed dat ze het niet overal over eens zijn. Ze gaan coalities aan waar dat uitkomt – er is geen vastomlijnd bondgenootschap dat alle economische, technologische en militaire belangen gelijktrekt.”

Juist zulke overlappende coalities maken de landen ook flexibel in tijden van crisis, denkt Soliman. Zo wijst hij op de Hormuz-coalitie van ruim dertig landen die samen de vrije doorgang door de handelsstraat willen garanderen. „Zie hoe veel landen zich willen aansluiten bij een coalitie die een common good (gedeeld belang) beschermt. Natuurlijk zijn daarbij de getroffen landen in West-Azië betrokken, maar ook anderen zoals de Europese landen, die veel economische belangen hebben.” De coalitievorming is een belangrijke les uit de huidige crisis, denkt Soliman.

De integratie is volgens hem ook van belang voor het Amerikaanse buitenlandbeleid, dat de regio anders zal moeten benaderen. Bijvoorbeeld door zelf strategische samenwerkingen af te sluiten op zee en in luchtafweer en zo bij te dragen aan de veiligheidsstructuur. Dan zou Washington niet meer hoeven te denken aan interventies die het in de afgelopen decennia probeerde uit te voeren in het Midden-Oosten – waar Donald Trump juist van weg wilde blijven. De Amerikaanse president sloeg voorafgaand aan zijn aanvallen op Iran de waarschuwingen van leiders in de Golflanden in de wind.

Omdat hij in zijn boek al beschrijft hoe een hypothetische oorlog tegen Iran zou escaleren, is Soliman nu een veelgevraagde gast om zijn blik op West-Azië uit te leggen. „Wat ik wil benadrukken: ook na deze oorlog zullen de zorgen over Iran bestaan, want ik zie regime change niet gebeuren. Het is belangrijk dat Amerikaanse beleidsmakers juist nu inzien dat West-Azië de zorgen over Iran deelt. Als de VS voortaan samenwerken met de Golflanden om Iran in te perken, zal dat ontzettend veel middelen in het buitenlandbeleid schelen.”

Door naast coalities voor verdediging ook economische samenwerkingen op te zetten, kan Washington zich meer richten op de geopolitieke competitie met China, denkt de analist. „We weten dat de wereld verschuift; we gaan naar een multipolaire wereld, de VS zullen de positie als absolute supermacht verliezen.” Het conservatieve blad The National Interest omschreef hem eerder al als „degene die Washington influistert over het Midden-Oosten”.

Heeft u ook nog ideeën voor hoe Europa zich tegenover West-Azië moet verhouden?

„Er zijn Europese landen die zich nu al mengen in het West-Azië-systeem: zelf hebben ze niet de capaciteiten voor datacenters en nieuwe techbedrijven waaraan de Golflanden wel al werken. Of ze hebben een geografische ligging die het logisch maakt dat ze zich aansluiten bij de handelsstromen en productieketens.”

Dat klinkt alsof u meer mogelijkheden ziet voor samenwerkingen met ‘losse’ landen dan de Europese Unie?

„Ook voor Europese leiders geldt dat ze niet meer op blokken en bondgenootschappen kunnen rekenen. Ze moeten coalities aangaan, ook buiten Europa, om hun strategische en economische slagkracht te waarborgen. Ook de EU kan dat doen – die twee benaderingen sluiten elkaar niet uit. Zolang de coalities maar flexibel zijn.”

En als Washington, Brussel en andere westerse hoofdsteden deze methode volgen, wordt dan nu de laatste oorlog in het Midden-Oosten uitgevochten?

„Ik vrees dat oorlogen niet uit te bannen zijn, ook niet in deze regio. Maar als je goed kijkt naar de kaart en de verbanden die ik schets, realiseer je je ook dat er weinig systematische analyse van West-Azië bestaat. Er is weinig kennis van de geopolitieke belangen onderling, en er zijn weinig pogingen ondernomen om strategische overeenkomsten te vinden. Hoe meer beleidsmakers daaraan werken, des te beter ze in staat zullen zijn om de machtsbalansen te bewaken.”

Geopolitiek

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next