Home

Bijna elk jaar vullen ‘zijn’ slechtvalken het politienest met vier tot zes eieren

Gert Veurink | politiebaas Oost-Nederland De politie gaat meer doen aan de aanpak van milieucriminaliteit, zegt hoofdcommissaris Gert Veurink, die een nestkast voor slechtvalken liet plaatsen op het hoofdbureau. „Milieurechercheurs worden vaak snel van hun werk gehaald om te helpen bij het oplossen van een moord- of drugszaak.”

Gert Veurink met een slechtvalk.

Langzaam en vooral heel zachtjes opent de baas van de politie Oost-Nederland, Gert Veurink, een raam op de negende en hoogste verdieping van het hoofdbureau in Apeldoorn. „Als je je hoofd naar buiten steekt, moet je snel naar rechts kijken”, gebiedt de hoofdcommissaris. De vogelpracht zal zich direct openbaren, belooft hij.

Een slechtvalk scheurt langs het pand. De vogel is het snelste dier op aarde en kan tijdens de duikvluchten waarmee hij prooien aanvalt (vaak duiven) snelheden van ruim driehonderd kilometer per uur bereiken. Na het openen van het raam heeft het vrouwtje geschrokken het nest verlaten, een metalen kast die aan het gebouw is vastgemaakt. Drie witte pluizenbollen, die begin mei uit het ei kropen, bleven ouderloos achter en turen nu door de open zijwand argwanend naar de bezoeker.

Veurink (51 jaar) – baas van de zevenduizend medewerkers in de grootste politieregio van het land – is gepassioneerd vogelaar. In zijn werkkamer, op dezelfde etage als het valkennest, heeft hij 25 zelfgemaakte foto’s hangen van kolibries.

Hij is ook toegewijd odonatoloog, een kenner van libellen. Op 11 mei 2011 wist Veurink met een bevriende boswachter in natuurgebied De Weerribben in Steenwijkerland een populatie van de in Nederland verloren gewaande sierlijke witsnuitlibel te herontdekken. Niet geheel toevallig dus dat hij landelijk portefeuillehouder milieu is in de groep van twaalf eenheidschefs die de politie telt.

‘Serieus verbeteren’

In het begin vonden collega’s hem vanwege die uitbundige natuurliefde een nogal vreemde vogel, merkte Veurink, die in 2019 een baan als officier van justitie inruilde voor een carrière bij de politie. Op zijn eerste werkdag in Apeldoorn raakte hij afgeleid door langsrazende slechtvalken.

Veurink regelde bij de facilitaire dienst de aanschaf en installatie van een nestkast op het hoofdbureau van politie. De slechtvalk was eind vorige eeuw als broedvogel bijna uitgestorven in Nederland. Door het plaatsen van kasten op hoge gebouwen en schoorstenen, is deze valk in eigen land weer vaker te bewonderen.

Ook de hulpactie van Veurink wierp meteen vruchten af. Bijna elk jaar vullen ‘zijn’ slechtvalken het politienest met vier tot zes eieren. Tijdens het kraambezoek vertelt Veurink dat hij aanvankelijk bij de politie aarzelde om uit de kast te komen als vogelman, maar inmiddels is hij „de schaamte voorbij”. Steeds vaker staan collega’s vol ontzag te kijken naar de vogels. „Dat is heel goed, want je gaat alleen iets beschermen als je ervan houdt. Het leeft enorm dat slechtvalken hier broeden.”

Politie en Openbaar Ministerie hebben afgelopen jaar met andere opsporingsdiensten bekeken hoe de aanpak van milieucriminaliteit „serieus kan worden verbeterd”, vertelt Veurink. Op 24 juni presenteert de politie een plan van aanpak over „hoe we onze milieucapaciteit beter gaan borgen. Er moet een hek komen rond de milieupolitie om te voorkomen dat vrijgestelde milieurechercheurs toch steeds voor allerlei andere onderzoeken worden ingezet”.

Jonge slechtvalken.

Milieucriminaliteit

In een conceptversie van het nieuwe plan staat dat een veilig leefmilieu een grondrecht is en een belangrijke voorwaarde voor het functioneren van onze samenleving en de politie. „Toenemende bedreigingen voor de leefomgeving, zoals een veranderend klimaat, leveren grote veiligheidsrisico’s op en leiden tot maatschappelijke onrust.”

In totaal heeft de politie (65.000 mensen) zo’n vierhonderd rechercheplekken door het hele land voor de aanpak van milieucriminaliteit en driehonderd voor milieu-agenten in de basisteams. „In de praktijk worden die mensen vaak snel van hun werk gehaald om te helpen bij het oplossen van een moord- of drugszaak. Het plan is om de Landelijke Eenheid de volledige zeggenschap en centrale coördinatie te geven over de aansturing”, zegt Veurink.

Veurink pleit ook voor maatregelen om iets te doen aan het overschot aan vacatures. „Feitelijk zijn er van de vierhonderd rechercheplekken, maar zo’n driehonderd bezet en missen we nog honderdvijftig milieu-agenten in de basisteams. Heel lang vonden veel collega’s milieu niet zo’n interessant onderwerp.” Een rechercheur gaat liever op jacht naar een drugshandelaar als Bolle Jos dan dat hij een onderzoek doet naar afvaldumping, mestfraude of illegale visserij.

„Veel agenten vinden milieu te soft en het werk vereist ook veel specialistische kennis. Milieurecherche vraagt veel zitvlees en diepgang. Gelukkig zien we dat de jongere generatie collega’s milieu veel belangrijker vinden dan vroeger. Er komen nu juist mensen bij de politie werken omdat ze het milieu willen beschermen.”

Natuur en milieu

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next