Home

‘Als je maar lang genoeg hoort dat er een crisis is, dan loopt het vanzelf wel uit de hand’

Asielrellen Migratie is in Nederland uitgegroeid tot een obsessie, zegt bestuurskundige Peter Scholten. Hij vindt dat landelijke politici te ver af staan van de asielproblemen om daar een eerlijk verhaal over te vertellen.

Demonstranten tijdens een protest bij een asielnoodopvanglocatie in Loosdrecht.

Gewelddadige demonstraties bij tijdelijke asielnoodopvanglocaties, zoals in Loosdrecht en Apeldoorn, zijn misschien niet eens de gevaarlijkste consequentie van de ontspoorde discussie over migratie. „Het is vooral de ondermijning van het vertrouwen in democratische instituties”, zegt bestuurskundige Peter Scholten van de Erasmus Universiteit. „Migratie is de speelbal geworden waarop mensen vertrouwen in de democratie kunnen verliezen.”

Peter Scholten is hoogleraar in het bestuur van migratie en diversiteit aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij is tevens auteur van De Migratieobsessie: hoe één thema het debat blijft bepalen (2025).

Scholten publiceerde vorig jaar september, toevallig kort voor de extreemrechtse Malieveldrellen, het boek De Migratieobsessie. Hij stelt daarin dat het debat over migratie allang niet meer drijft op feiten en cijfers, maar op emoties. Onrust en ongenoegen over migratie, schrijft hij, gaan eigenlijk over een snel veranderende samenleving die steeds verder globaliseert. Het probleem blijft volgens hem dat politici burgers nauwelijks durven te vertellen dat de problemen amper door asielzoekers worden veroorzaakt.

Lokale bestuurders doen dat wel.

„Ja, zij laten zien dat het wél kan. Burgemeesters als Mark Boumans (Doetinchem, VVD), Jack Mikkers (Den Bosch, VVD) en Sharon Dijksma (Utrecht, PRO) zitten met hun neus boven op de problematiek. Hoe dichter je bij een probleem zit, hoe rationeler en realistischer je beleidsbenadering is. Voor nationale politici is dat anders.”

Wat bedoelt u eigenlijk met ‘migratieobsessie’?

„Dat is de dwangmatige neiging om migratie voortdurend te problematiseren. Bij elk maatschappelijk probleem wordt vooral asielmigratie erbij getrokken. De migratieobsessie is een probleem van de samenleving. Je kunt het niet één iemand verwijten: als Geert Wilders morgen met pensioen gaat, blijft de obsessie bestaan.

„Die obsessie kent vooral nationale mechanismen, terwijl het migratiebeleid hoofdzakelijk een Europese aangelegenheid is. De rol van de nationale politiek is eigenlijk heel klein. Het heeft me lang verrast dat we over migratie praten op een niveau waar het beleid eigenlijk niet gemaakt wordt.

„Maar juist omdat men op nationaal niveau best machteloos is over veel aspecten van migratie, zeker asiel, is het makkelijker om daar wat over te roepen. Slecht asielbeleid wordt op lokaal niveau duidelijk. Dat zie je nu terugkomen in die spagaat met burgemeesters, zij krijgen de problemen op hun bordje.”

De landelijke politiek belooft al jaren ‘grip op migratie’. Maar het wordt steeds duidelijker, zegt Scholten, dat men in de gréép van migratie zit. „Migratie wordt als symptoom bestreden, naar onderliggende oorzaken wordt nauwelijks gekeken. Dat is een kenmerk van de obsessie: migratie als symptoom waar paniek over ontstaat. Terwijl onvrede over migratie bijna altijd over de economie gaat.”

Scholten doelt op zondebokpolitiek, waarbij het gebrek aan huizen, banen en goede, betaalbare zorg wordt geweten aan de komst van vreemdelingen. Hij ziet een interessante paradox in een internationaal georiënteerd land als Nederland. „Juist in samenlevingen die vergaand globaliseren is de steun voor antiglobalisering het sterkst. Onze economie is zeer sterk geglobaliseerd, we moedigen onze bedrijven aan om overal naartoe te gaan. Maar blijkbaar heeft niet iedereen het gevoel daar voordeel uit te halen.”

Misschien omdat mensen geen gevoel van zeggenschap ervaren?

„De migratieobsessie is in elk geval een heel duidelijke manifestatie van het projecteren van een veel breder gevoel van ongenoegen en onzekerheid over globalisering: over snelle verandering van de economie, de samenleving, het straatbeeld, muziek, eten en cultuur.

„Het is te simpel om te zeggen dat alleen laagopgeleide Nederlanders met dit ongenoegen zitten. Die gevoelens worden juist aangewakkerd door conservatieve hoogopgeleiden. Ik geloof niet dat het alleen een klassenvraagstuk is, het heeft óók met waarden te maken en welke media je volgt. In welke tunnel stap je?”

Wie bedoelt u met conservatieve hoogopgeleiden?

„Dat begint met politici, maar ook mediakanalen. Zwitsers onderzoek heeft laten zien dat politieke en journalistieke aandacht voor migratie het publieke sentiment erover voedt. Ik weet dat het voor politici en media moeilijk te verteren is, ze zouden graag willen zeggen dat ze op gevoelens van de bevolking reageren. Maar het is andersom: zij creëren het sentiment en gebruiken dat voor hun machtsbasis.”

U had het net over de economie, maar de focus op asiel kan toch ook cultureel gemotiveerd zijn?

„Maar dan moeten politici dat gewoon zo zeggen. Dat ze bepaalde groepen niet willen vanwege hun kleur of achtergrond. En dat is natuurlijk een vorm van racisme.”

Vreemdelingenhaat wordt vaak verborgen door allerlei vormen van migratie (asiel, arbeid, studie en gezin) op één hoop te gooien. „Dat vind ik toch een vorm van kiezersmisleiding”, zegt Scholten. Hij heeft het dan over een partij als de VVD, die zichzelf als anti-migratiepartij profileert, maar die uit economische overwegingen niet wil praten over de inperking van arbeidsmigratie.

In 2025 deden iets meer dan 24.000 mensen een eerste asielaanvraag in Nederland, tegenover ruim 80.000 Europese arbeidsmigranten die naar Nederland kwamen. Scholten: „Het is heel slim om de focus op asiel te houden, zodat mensen niet kunnen praten over arbeidsmigratie. Maar het is geen eerlijk verhaal. Als het probleem eigenlijk de huizenmarkt is, is het volstrekt onlogisch om op asiel te focussen.”

Wat de migratieobsessie verder kenmerkt, vervolgt Scholten, is dat politici er niet meer omheen kunnen. Wie asiel niet als probleem benoemt, wordt erop aangesproken. „Dat heeft Rob Jetten ook ondervonden. Hij kon de verkiezingen niet winnen zonder toch maar even te zeggen dat de asielinstroom een probleem is. Ik geloof niet dat hij dit echt denkt, maar toch zegt hij het. Zo sterk is die obsessie.”

Maar mensen kunnen zich toch echt zorgen maken over de komst van asielzoekers?

„Als wetenschapper hoor ik vaker dat ik de zorgen van mensen wegredeneer. Dat snap ik nu beter, want een obsessie is resistent tegen feiten en cijfers. Als je maar lang genoeg hoort dat er een crisis is, dan loopt het uit de hand. De protesten zijn een direct gevolg van het zeker vijfentwintig jaar zorgvuldig kweken van angst rond migratie. Je zou kunnen zeggen dat de mensen die demonstreren tegen migratie óók slachtoffers zijn van de migratieobsessie. Mensen hebben niets aan verhalen die niet kloppen. Dan heb ik níet over de relschoppers, want dat is gewoon racisme en terreur. Maar demonstranten is wijsgemaakt dat ze geen huis kunnen krijgen door asielzoekers, en dat hun dochters verkracht zullen worden door asielzoekers. Hun echte problemen krijgen in de tussentijd geen aandacht.”

Hoe kunnen we dit verhaal corrigeren?

„Je mag van een premier verwachten dat hij het lef heeft om iets te zeggen wat anderen, ook middenpartijen, niet durven. De nieuwe politieke correctheid is om het eerlijke verhaal niet te benoemen. Na Loosdrecht zag ik Henri Bontenbal in de media politiek leiderschap tonen. Hij erkende de zorgen, maar zei óók dat er sprake is van racisme.”

Migratie en vluchtelingen

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next