Jaartelling Van veel dingen vragen we ons niet meer af waar hun oorsprong ligt. In deze rubriek wordt gezocht naar het begin der dingen. Dit keer: jaartellingen.
Na de Franse Revolutie werd de republikeinse kalender ingesteld (van 1792 tot 1806).
‘Er was eens’, het is de superieur vage drieslag waar sprookjes mee beginnen. Wanneer dat eens precies was hoeft daarna niet meer benoemd te worden, het was eens, ooit, lang geleden, toen. Respect. Toch wil ik weten wanneer ‘er was eens’ concurrentie kreeg. Eens moet er iemand zijn geweest die er geen genoegen mee nam, die niet alleen wilde weten hoe het afliep maar ook hoe het begon. Was dat dan de eerste historicus of is die eerste historicus een bureaucraat, net als de eerste schrijver? En wanneer was dat dan?
In Mesopotamië ontstond tussen vijf en vier millennia geleden de gewoonte jaren een naam te geven, waarin de heersers vaak een rol speelden. Een jaar heette bijvoorbeeld het jaar waarin twee leeuwen werden gevangen, het jaar waarin de stadsmuur werd gebouwd, of het jaar waarin sprinkhanen de oogst opaten, het jaar waarin stad X werd verslagen, het jaar waarin tempel X werd gebouwd of standbeeld Y werd opgericht. Een jaar waarin niet veel gebeurde kon ‘het jaar nadat standbeeld Y was opgericht’ heten. Maar een jaar kon ook ‘jaar waarin het koninklijke meetlint voor de velden, dat in Girsu wordt bewaard, tevoorschijn werd gehaald’ heten, of ‘jaar waarin het kanaal ‘Baba zorgt voor blijvende overvloed’ werd gegraven’.
Helaas voor de poëzie kwam er naast de jaarnamen een ander systeem, de jaarvernoemingen. Of moeten we daar juist blij mee zijn? Stel je eens voor wat Trump voor jaarnamen zou laten bedenken … De jaren werden vernoemd naar een hoogwaardigheidsbekleder, de limmu, die dan ook de viering van het nieuwe jaar moest organiseren. Het jaar kreeg nu de naam van een persoon, een gewoonte die in andere rijken meestal aan een vorst was voorbehouden. Chinese keizers, Egyptische farao’s et cetera.
In de Oudheid bestond er een veelheid aan plaatselijke tijdrekeningen. Hoe verhield het jaar van vorst X zich tot het jaar van consul Y? Historicus Diodorus Siculus bracht er vaak een paar samen, bijvoorbeeld om vier eeuwen later de invasie van de Perzische koning Xerxes in Griekenland te ankeren: ‘Toen Kalliades archont was in Athene, de Romeinen Spurius Cassius en Proculus Verginius Tricostus tot consul benoemden, en de vijfenzeventigste Olympiade werd gehouden door de Eleërs, de Olympiade waarin Astylus de Syracusaan de stadionloop won.’ Dan is 480 v. Chr. korter.
De Romeinen begonnen behalve met consuls ook met een beginjaar de tijd te schragen. Ze telden vanaf de stichting van de stad Rome, ab urbe condita, nu 2.779 jaar geleden. Maar die telling kwam pas na de geboorte van Christus in zwang. Het idee om die geboorte als beginpunt te nemen is nog weer jonger, hij werd in de zesde eeuw bedacht door de monnik Dionysius Exiguus maar werd pas eeuwen later gemeengoed. De Joodse jaartelling gaat verder terug in de tijd, tot het ontstaan van de wereld, en werd net als het christelijke systeem pas veel later algemeen gebruikt. In de islam wordt geteld vanaf de migratie van de profeet Mohammed van Mekka naar Medina in 622. Het ontstaan van de wereld, de geboorte van een god en de reis van een profeet, Anno Mundi, Anno Domini en Anno Hegirae: het is nu 5786 én 2026 én 1447. Zou het anders voelen om in een andere tijdrekening te leven? Hoe anders zie je de wereld dan? Vrijwel iedereen heeft nu – in Nederland sinds 1811, met de invoering van de burgerlijke stand – al zijn eigen hoogstpersoonlijke jaartelling. Voor en na Bianca (ja, vul hier je eigen naam maar in) … En tellen we straks misschien met v. en n.WWW?
Illustratie van speelkaarten uit de tijd van de Franse Revolutie, met daarop de republikeinse kalender, het metrieke stelsel, geografische grenzen in Frankrijk en de Verklaring van de Rechten van de Mens (1790-1792).
Van de religieuze jaartellingen – er zijn er nog veel meer – is dankzij het kolonialisme die van Christus wereldwijd de meest gebruikte, ook al is er in deze eeuw wel een aanpassing bedacht: de jaartelling behouden maar de naam veranderen, ontkerstenen zo men wil. In het Engels is dat CE (common era) en BCE (before common era). In het voorwoord bij zijn geschiedenis van het christendom schrijft Diarmaid MacCulloch: „I employ the Common Era usage in dating, since it avoids value judgements about the status of Christianity relative to other systems of faith.” In het Nederlands worden soms g.j. (gangbare of gewone jaartelling) en v.g.j (voor gangbare jaartelling) gebruikt, een minder dicht bij het origineel liggende afkorting die misschien ook daarom niet veel opgang heeft gemaakt. In geschiedenisboeken worden CE en BCE rustig met v.Chr. en n.Chr. vertaald.
Latere politieke vernieuwingen hebben het niet gehaald; de Franse revolutionaire kalender bracht het tot jaar 14 (van 1792 tot 1806) en werd heringevoerd tijdens de Commune van Parijs in 1871. Voor 18 dagen. De Italiaanse fascistische kalender kwam tot jaar XXI (van 1922 tot 1943), in de republiek van Salo tot XXIII. Een nazistische jaartelling is er niet geweest, al had Hitler het graag over een duizendjarig rijk. In Noord-Korea gebruikten ze van 1997 tot 2024 de Juche-telling, die begon in 1912 met de geboorte van Kim Il-sung. In Taiwan is 1912 ook een beginjaar; toen werd de Republiek China (ROC) gesticht. Soms worden twee systemen tegelijk gebruikt. De Amerikaanse president eindigt proclamaties bijvoorbeeld met ‘in the year of our Lord 2026, and of the Independence of the United States of America the 250th’.
Een nieuwe jaartelling voorspelt vaak weinig goeds. George Orwell schetst in 1984 nog een afschuwwekkender vooruitzicht. In de dictatuur uit zijn roman kun je niet eens meer weten welk jaar het is. Er was ee.