Gaza Studenten en onderzoekers uit Gaza die zijn toegelaten aan Nederlandse instellingen kunnen Gaza niet uit zonder hulp van het ministerie van Buitenlandse Zaken. De instellingen vragen het ministerie „met klem” om de studenten en wetenschappers voor evacuatie aan te dragen.
Palestijnen bij het puin na een Israëlische aanval in Gaza op 20 mei 2026.
Zes Nederlandse universiteiten, de Haagse Hogeschool en onderzoeksinstituut NIAS roepen de Nederlandse regering woensdag op om zich in te zetten voor de evacuatie van studenten en wetenschappers uit Gaza die zijn toegelaten aan Nederlandse universiteiten. Dat doen ze in een brief aan minister van Buitenlandse Zaken Tom Berendsen (CDA), die NRC inzag.
Het gaat naast de Haagse Hogeschool en het NIAS om de Radboud Universiteit Nijmegen, de Universiteit van Amsterdam, de Universiteit Leiden, de Universiteit Maastricht, de Universiteit Utrecht en de Vrije Universiteit Amsterdam. Aan al deze instellingen is een klein aantal mensen uit Gaza „aangemeld voor een opleiding of als fellow”. „Wij vragen u om u actief in te zetten om hen op de evacuatielijsten te krijgen zodat zij bij ons aan de slag kunnen”, schrijven ze.
De studenten of onderzoekers zijn toegelaten door de instellingen in kwestie. Maar zonder hulp van Buitenlandse Zaken gaat het hen niet lukken om naar Nederland komen, legt Margrethe Jonkman, voorzitter van het College van Bestuur van de VU Amsterdam, uit. Voor haar universiteit gaat het voor het komende jaar om drie masterstudenten. Hoe veel studenten en onderzoekers in totaal naar Nederland zouden komen, verschilt per instelling en is onduidelijk omdat opleidingen verschillende aanmelddeadlines hebben, maar het gaat om enkelen per instelling.
De studenten en onderzoekers die door Nederlandse onderwijsinstellingen zijn aangenomen, kunnen hun visa uitsluitend bij de Nederlandse ambassade in Jordanië verkrijgen. Om Gaza uit te kunnen, moet Buitenlandse Zaken de Israëlische autoriteiten verzoeken hen op een evacuatielijst te plaatsen. Jonkman: „Dat kan alleen het ministerie doen. Wij kunnen ze toelaten en verder helpen, maar we kunnen ze niet daadwerkelijk op zo’n lijst krijgen.” De instellingen vragen het ministerie „met klem” om de studenten en wetenschappers voor evacuatie aan te dragen.
Nederland weigert tot nu toe consulaire bijstand te verlenen aan Palestijnen uit Gaza met een studieplek in Nederland, omdat zij daar officieel geen recht op hebben. In maart oordeelde de Raad van State middels een voorlopige voorziening echter dat Nederland een Gazaanse student die zijn machtiging tot voorlopig verblijf in Jordanïe moest ophalen, moest helpen Gaza daartoe te verlaten.
De instellingen die de brief schrijven willen dat Nederland zich inzet voor alle studenten en onderzoekers die hier zijn toegelaten. „Nederlandse kennisinstellingen hebben een lange geschiedenis van inzet voor academische vrijheid in het algemeen en voor studenten en wetenschappers in nood in het bijzonder. […] Een belangrijk aspect daarvan is het vergroten van de toegang tot kennis voor studenten en wetenschapper die in hun eigen land geen mogelijkheid tot studie of onderzoek hebben of daarin zeer belemmerd worden.”
Jonkman: „We vinden het heel belangrijk dat jonge mensen uit dit soort landen de kansen krijgen die ze in hun eigen land niet meer krijgen. Als je jonge mensen helpt met een goede opleiding, zijn het later degenen die de volgende stappen kunnen zetten voor hun land. Mensen die op alle wetenschapsgebieden hun land weer kunnen helpen opbouwen. Maar als we willen dat ze in september kunnen beginnen, moet je nu stappen zetten.”